Maastricht is niet bang voor hoogwater

De Maas

De gemeente Maastricht heeft maatregelen tegen hoogwater in de Maas aangekondigd. Eén plan is nu al omstreden.

Archieffoto van hoogwater van de Maas, bij het dorpje Ohe en Laak in Limburg Foto Valerie Kuypers/ANP

Grijs en stil stroomt het water van de Maas door Maastricht. Het stijgt. Gerard Wijnands, ‘procesmanager hoogwaterveiligheid’ van de gemeente Maastricht, staat op de Wilhelminabrug, raadpleegt z’n telefoon en checkt de prognose. Hij zegt: „Er wordt dit weekeinde negenhonderd tot maximaal vijftienhonderd kuub per seconde Maaswater verwacht.” Niets om van te schrikken. „Dit zijn speldenprikken.”

Weinig Maastrichtenaren zijn ongerust over de derde hoogwatergolf die deze winter door de Nederlandse rivieren trekt. De Maas heeft de afgelopen jaren meer ruimte gekregen, vooral bij de noordelijker gelegen dorpen Borgharen en Itteren. De maatregelen hebben geleid tot een verlaging van de waterstanden bij hoogwater met één meter; de kans op een overstroming bij een afvoer van ruim drieduizend kuub is gedaald van één op vijftig naar één op tweehonderdvijftig.

Toch niet veilig

Toch is Maastricht nog niet veilig. Nieuwe normen en klimaatverandering stellen andere eisen, vertelt de Maastrichtse wethouder Gert-Jan Krabbendam (GroenLinks). „We moeten in de toekomst rekening houden met veel hogere afvoer. De Maas is een regenrivier, en onze stad heeft, op korte afstand van de Ardennen, relatief weinig tijd zich voor te bereiden op hoogwater.”

Lees ook: Wanneer leidt hoogwater tot evacuatie?

Burgemeester en wethouders hebben deze week een programma vastgesteld met een reeks maatregelen die samen goed zijn voor ruim een meter verlaging van de waterstand bij een hoogwatergolf van 4.600 kuub per seconde. „Zonder deze maatregelen zouden we in Maastricht kademuren van 1.80 meter moeten bouwen. Dat willen we niet. Ik zou er zelf nog nét overheen kunnen kijken.” Het programma wordt volgende maand in de gemeenteraad besproken.

Maastricht heeft in de stad weinig ruimte voor een bredere Maas. Er is de afgelopen decennia veel gebouwd, vooral in het oosten. Waar ooit de Maas zonder rampzalige gevolgen buiten z’n oevers kon treden, liggen nu een aantal woonwijken, een ziekenhuis en een universiteit, en de nieuwe autotunnel voor de snelweg A2.

Maatregelen om wateroverlast te voorkomen

De enige mogelijkheid, denkt het college, is het verbreden van de „flessenhals” tussen de Wilhelminabrug en de Noorderbrug. Er zou een weg kunnen worden verlegd, en er zou een „groene rivierkade” kunnen worden gebouwd. De meeste ruimte wordt buiten de stad gezocht. Er kan een geul worden aangelegd op het eiland Bosscherveld, ten noordwesten van de stad, en een „extra stroombaan” bij Eijsden in het zuiden. Veel verwachten de plannenmakers verder van het verdiepen van de vaargeul. „Dat kan enkele decimeters opleveren”, zegt watermanager Wijnands.

Bekijk ook deze fotoserie over hoogwater in Nederland

Een nuttig maar nu al omstreden plan is de aanleg van een vier kilometer lange „groene rivier” ten noorden van de stad, langs de dorpen Borgharen en Itteren, tussen de Maas en het Julianakanaal. Daar zijn niet alle dorpelingen gerust op. „Wij zijn er de afgelopen jaren op vooruitgegaan”, zegt Joop van Sintfiet, voorzitter van het buurtnetwerk in Borgharen. „Er zijn bij de Maaswerken mooie natuurgebieden aangelegd, waar je kunt wandelen en struinen. Maar dit wordt een kilometerslange groene rivier van honderdtwintig meter breed en twee meter diep. We komen straks op een eiland te zitten.”

Groene rivier is niet nodig

Aanleg van een groene rivier is helemaal niet nodig, vindt Sander Bastings, inwoner van Itteren. Hij is gepensioneerd werknemer van Rijkswaterstaat en tot in de kleinste details op de hoogte van de Maas. „Wij hebben in onze dorpen al genoeg bijgedragen. Een groene rivier draagt zeer beperkt bij aan de doelstelling. Laat Maastricht zelf de Maas verder uitgraven.” Joop van Sintfiet is er niet gerust op: „We zijn bang dat we gepiepeld worden. Straks worden er onomkeerbare besluiten genomen.”

Maar dat is echter het laatste waar Maastricht op uit is, zeggen ze bij de gemeente. „Wij zijn al anderhalf jaar bezig met het consulteren van het publiek”, vertelt wethouder Krabbendam, zelf ook inwoner van Itteren. „We willen de maatregelen niet vanaf de tekentafel nemen. We willen juist nagaan welk effect de maatregelen hebben voor het leven van burgers.” Er zijn bovendien „meekoppelkansen”, zoals verfraaiing van het landschap en het bevorderen van recreatie. „Deze plannen kunnen meerwaarde hebben.”

De plannen komen van de gemeenten Maastricht en Eijsden-Margraten, het Waterschap Limburg en de provincie. De kosten bedragen 280 miljoen euro. De financiering is nog niet rond. De onderhandelingen over de bijdrage van het Rijk zijn inmiddels begonnen.

    • Arjen Schreuder