Het mannenpak is uit, en dus wordt het camp

MannenMode Het pak wordt steeds minder gedragen en dus voor sommige ontwerpers juist interessant, bleek tijdens de modeweek in Parijs.

Van links naar rechts ontwerpen van Dior Homme, Louis Vuitton, Junya Watanabe en Dries Van Noten. Foto's van betreffende modehuizen

Het pak heeft het niet makkelijk. De laatste jaren wordt het enkel nog gedragen door mannen wier functie dat echt vereist. Mannen die zich modieus kleden tref je er nog maar zelden in aan. Of, in de woorden van Lucas Ossendrijver, de ontwerper van de mannenlijn van Lanvin: „Het is het minst gewilde en minst geliefde kledingstuk van het moment.” Er is inmiddels een generatie opgegroeid die misschien een keer een pak heeft aangehad: van je vader geleend of uit de kringloopwinkel gehaald, voor dat ene feest waarvoor je – lachen! – in het net moest.

Tijdens de modeweek in Parijs, waar de afgelopen week de mannenmode voor najaar 2018 werd geshowd, was het pak dan ook maar mondjesmaat aanwezig. Eigenlijk zijn Dior Homme en Paul Smith de enige huizen die er nog echt op inzetten. Paul Smith, voor wie pakken de core business zijn, durfde donkerblauw fluweel en turquoise wol, de pakken van Dior-ontwerper Kris Van Assche waren klassieker van kleur en erg elegant, met ruime of juist erg smalle broeken en strakke jasjes die vaak sterk en bijna vrouwelijk getailleerd waren.

Andere merken lieten er, als ze al pakken hadden, meestal hoogstens een handvol zien. Bij Berluti en Hermès, merken die alleen bereikbaar zijn voor mannen met topinkomens en dus vaak met pakkenbanen, waren dat bovendien wufte, glanzende feestpakken.

Toch broeit er iets rond het pak. Juist als een kledingstuk uit de gratie is, wordt het voor sommige ontwerpers interessant. Het uitgesproken, hippe Franse Y/Project had bijvoorbeeld een zeer breedgeschouderd pak van paarse wol, en een net zo’n ironische met een ‘foute’ glimmende beige krijtstreep: het pak als camp. John Galliano liet in de mannencollectie van Maison Margiela een hardblauw glanzend pak zien dat werd gedragen met westernlaarzen, en een in een krijtstreep. De show van Off-White, het bij jongeren razend populaire en tot voor kort vooral in streetwear gespecialiseerde label van Amerkaan Virgil Abloh, was ‘business casual’ genoemd en opende met een grijs pak met een krijtstreep.

Lees ook: Grote modenamen willen juist wol van deze Schotse schapen

Ook in de show van Lanvin zaten pakken, die oversized en jong waren gesneden, maar van klassieke grijze wol. Ze gingen deels verscholen onder een jas, jack, bodywarmer, cape of anorak in een sportieve, outdoorsy stijl. Want er is nog maar een ding suffer dan een pak, en dat is een pak met een jack erover – en dus is het een nog grotere uitdaging om daar iets modieus van te maken, iets waar Ossendrijver volledig in slaagde.

Werkkleding

De stoere, praktische, weerbestendige jas, van het soort dat merken als The North Face al heel lang maken, maar dan net wat spannender van kleur en vooral proportie, was de grootste trend in Parijs. In vrijwel elke show kwam ie voorbij. De duidelijkste voorbeelden waren te vinden bij de Japanse ontwerper Junya Watanabe, die al een paar seizoenen samenwerkt met merken als The North Face, Karrimor en Carhartt. De meeste van de van veel zakken en fluorescerende banen voorziene jassen en bijpassende broeken op de catwalk zijn alleen door kenners te onderscheiden van dingen die merken zelf verkopen of de werkkleding van mannen die aan de weg werken of anderszins buiten aan de slag zijn.

De tegenwoordig onvermijdelijke sneakers kwamen in de shows weer in groten getale voorbij, nieuw was de terugkeer van de laars. Bij Lemaire kwamen iets te korte, wijde broeken over laarzen met een vrij brede schacht, bij Y/Project doken – over verguisd gesproken – Uggs op, extra breed en lang uitgevoerd. Als ze niet tot de dijen van de mannelijke en vrouwelijke modellen reikten, werden ze gecombineerd met broeken waarop horizontaal banen bont waren geplaatst.

Sacai Paris Fashion Week Men Fall Winter 2018-19 Paris January 2018
Van links naar rechts: Vetements en Sacai.
Foto’s van betreffende modehuizen

Er lijkt een herwaardering van de lompe gemakslaars van schapenvacht gaande, want ook het Japanse Sacai had Uggs, normaal van proportie, gedragen bij jeans en eskimo-achtige anoraks. Sacai, dat bekendstaat om de hybride mode, combineerde bomberjacks, houtjetouwtjejassen en parka’s tot nieuwe, nog steeds stoere jassen. Op jacks was een hawaï-print aangebracht. Opvallende buitenbeentjes in de collectie waren het sweatshirt en het T-shirt met de slogan van The New York Times: ‘Truth. It’s more important now than ever.’ In het steunen van The New York Times stond ontwerper Chitose Abe evenmin alleen: bij het Franse Études doken tussen de outdoorjassen een jas, sweater en sjaal met het logo van de krant op.

Huiselijkheid

Kim Jones toonde zijn laatste collectie voor Louis Vuitton – Virgil Abloh wordt genoemd als zijn opvolger. Ook hij zette in op een functionele en sportieve look, afgemaakt met shorts over gedurfde, glanzende (logo) leggings. Jones’ schoenen waren een mix van bergbeklimmersschoenen en westernlaarzen, een combinatie die opmerkelijk genoeg een beetje tuttig uitpakte.

Walter Van Beirendonck had laarzen die van rubber leken te zijn gemaakt, maar van leer waren, en jassen die leken op regenjassen. Daar hielden de verwijzingen naar functionaliteit op in zijn veelzijdige collectie, want verder draaide die om seks (veel latex, jassen en capes met gaten rond de tepels, T-shirts met ‘top’ aan de bovenkant en ‘bottom’ aan de onderkant’ of ‘pig’), een zoektocht naar nieuwe vormen (een bijna couture-achtige, vierkante schouderlijn) en huiselijkheid (in het ingeweven dessin van een jas is het huis afgebeeld waar hij met zijn partner Dirk Van Saene woont).

A model presents a creation by Walter Van Beirendonck during the men’s Fashion Week for the Fall/Winter 2018/2019 collection in Paris on January 17, 2018. / AFP PHOTO / FRANCOIS GUILLOT
Van links naar rechts: Walter Van Beirendonck en Y/Project
Foto’s van betreffende modehuizen

Net zo afwisselend was de show van Dries Van Noten, waarin kledingstukken met klassieke Britse ruiten werden gecombineerd met onder meer parka’s, opengewerkt breiwerk, geborduurde bomberjacks, overhemden en jasjes in Nashville-stijl en jassen en broeken van broderie anglaise. Hoogtepunt waren lange nylon jassen met een kleurrijk marmerdessin, een printtechniek die tot nu toe eigenlijk vooral voor papier wordt gebruikt – in de indrukwekkende finale kwamen bijna zestig verschillende varianten voorbij. Die jassen behoorden in Parijs tot de zeldzame die niet verwezen naar een bestaande dracht en/of ironisch waren, maar nieuw en zonder gêne mooi en uitbundig. Best een verademing.

Lees ook het interview met modeontwerper Dries Van Noten: ‘Ik ben zot van mode, maar soms weet ik echt niet meer waar ik naar aan het kijken ben’
    • Milou van Rossum