Opinie

    • Clarice Gargard

Afropese schrijvers leren zichzelf kennen

Het thema identiteit heeft de afgelopen tijd veel politieke en maatschappelijke agenda’s volledig beheerst. Op zich niet verrassend – in een wereld die getekend is door kolonialisme, globalisering en (im)migratie – dat we op zoek zijn naar wie we echt zijn. Het is alleen betreurenswaardig dat we daarvoor te vaak kijken naar wat een ander niet is, in plaats van wat we zelf wél zijn.

Ik was vier toen ik vanuit Liberia naar Nederland kwam. Pas hier ontdekte ik dat er vanwege iets arbitrairs als mijn bruine huid een onderscheid bestond tussen mij en een ander. Vanwege een onophoudelijke stroom aan vooroordelen en veroordelingen was er weinig ruimte om mezelf te definiëren. Alsof je eerst met de bril van een ander naar jezelf leert kijken, voordat je überhaupt zelf de blik naarbinnen hebt kunnen richten.

In de jaren dertig werd om die reden de zwarte literaire beweging Négritude in het leven geroepen. De initiatiefnemers waren Frans-Afrikaanse intellectuelen die zich op de eigen gemeenschap richtten. Ondanks dat velen van hen uit landen kwamen die nog in de greep van Westerse mogendheden waren, trachtten ze de eigen identiteit te onderzoeken. De vraag was niet ‘wie zijn we ten opzichte van ‘de ander’?’ maar ‘wie zijn we ten opzichte van onszelf?’

In Nederland komt er een bescheiden maar soortgelijke beweging op gang. Zo wordt in februari de bundel Zwart: Afro-Europese literatuur uit de Lage Landen gelanceerd, waarin Afropese (Afrikaans-Europese) schrijvers zichzelf dezelfde existentiële vragen stellen. De bijdragen zijn van gevestigde scribenten als Seada Nourhussen (hoofdredacteur Oneworld) en van nieuwe beloftes als publicisten Kiza Magendane en Hélène Christelle Munganyende (Vogue). Zelf heb ik ook een bijdrage geleverd.

We kijken te vaak naar wat een ander niet is, in plaats van wat we zelf wél zijn

De bundel bevat ongehoorde verhalen van sub-Saharaans Afrikaanse Nederlanders en Belgen die uit het land van herkomst gevlucht zijn en de oude huid moesten verruilen om zichzelf
opnieuw uit te vinden. Van schrijnende vertellingen over kinderen van Belgische kolonialen en Rwandese en Burundese vrouwen die de autoriteiten uit hun moeders handen rukten en in Belgische pleeggezinnen onderbrachten, tot aan lyrische fictie over de autoritaire maar charismatische archetypische Afrikaanse vader.

Ik moet denken aan de Zuid-Afrikaanse filosoof Mogobe Ramose, die afgelopen weekend in Nederland was om lezingen te geven over de Ubuntu-filosofie. In Ubuntu (vertaald: ‘ik ben omdat wij zijn’) wordt het belang van het collectief benadrukt. Wij kunnen als individu onmogelijk bestaan zonder de gemeenschap waarin we leven. Dus moet je die gemeenschap leren kennen om zo ook jezelf te vinden. Het individu gaat – in mijn interpretatie – niet verloren, maar het begrip van het ‘zelf’ wordt verruimd.

Het onderzoeken van wie je bent, heeft mijns inziens niet enkel een politieke, culturele en sociale waarde die je helpt je positie in de samenleving beter te begrijpen, maar ook een metafysische. Je denkt na over hoe je überhaupt in het leven staat en hoe je je tot anderen verhoudt.

Dat kan enkel door ervaringen, gewoonten en pijn uit te wisselen. Alleen dan kun je je van elkaar onderscheiden én nader tot elkaar komen. Een advies dat ik de rechts-extremisten die dit weekend de straat opgingen – en declameerden dat Nederland ‘van hen’ is – ook zou geven als ze niet zo gepreoccupeerd waren met alles wat ze niet zijn.

Clarice Gargard is programmamaker bij BNNVARA en publicist.
    • Clarice Gargard