Koeienfraude is voor landbouw één affaire te veel

Autonomie

De landbouwsector krijgt van oudsher veel vertrouwen van het ministerie. Dat heeft geleid tot een hardnekkige cultuur om de wet te ontduiken. Minister Schouten lijkt even klaar te zijn met zelfregulering.

Kalfjes staan op stal bij een melkveehouder in Reeuwijk. Foto ANP/Bart Maat

Het leek dinsdag een herhaling van zetten: een vertegenwoordiger van de landbouw die na het onthullen van grootschalige fraude voor de camera’s zegt van niets te weten en verbijsterd te zijn, zelfs lamgeslagen. En zegt dat het slechts die enkele spreekwoordelijke rotte appels zijn die het voor de rest verpesten.

Minister Schouten (Landbouw, ChristenUnie) heeft dan net bekendgemaakt dat ze onregelmatigheden heeft geconstateerd in de koeienregistratie van eenderde van alle Nederlandse melk- en rundveebedrijven. Bij een controle begin deze week werden de vermoedens van fraude bij de helft van de daadwerkelijk bezochte bedrijven bevestigd. Het is niet voor het eerst dat de sector door fraude onder vuur ligt.

En de boeren hadden nog wel enthousiast zelf mee gedacht en plannen op tafel gelegd om in 2017 te komen tot een door Europa vastgesteld maximumgehalte aan fosfaat in mest. Nederland zat daar de afgelopen jaren ruim overheen. Nu moest het anders. Een van de oplossingen: minder melkkoeien.

Het meedenken lijkt niet enkel enthousiasme en goede wil te zijn geweest, maar ook slimmigheid. Door op papier te doen alsof een koe nog niet heeft gekalfd (en dus in de registratie slechts meetelde als een ‘halve koe’ in plaats van een volwaardige melkkoe) nam het aantal koeien enkel op papier af. Dat is fraude.

Niet enkel rotte appels

De koeienfraude lijkt georganiseerd. Zelfs bedrijven die het afgelopen jaar niet eens onder het fosfaatplan vielen, deden mee, „vermoedelijk om collega-melkveebedrijven te helpen een voordeel te behalen”, schrijft de minister in een brief aan de Tweede Kamer. Met de praktijken hielden zich dus niet ‘enkele rotte appels’ bezig, maar naar het zich laat aanzien een flink deel van de melkveehouders.

Mestfraude

Het laat opnieuw een hardnekkige cultuur in de sector zien om, waar dat kan, de wet te ontduiken. Toen NRC onlangs grootschalige en georganiseerde mestfraude in het zuidoosten van het land onthulde, bleek al hoe creatief de sector is. Mesthandelaren deden op papier alsof ze (fosfaat in) mest afvoerden, terwijl die in het echt op het eigen land achterbleef. Fraudeurs werden bijgestaan door derden – een adviseur, een laboratorium, een garagehouder, de Rabobank. En ook hier kwam de ontkenning, de verontwaardiging en de verbazing vanuit de sector.

De fraude levert boeren en handelaren soms tonnen per jaar op en de kans om gepakt te worden is niet groot. De overheid bezuinigde afgelopen jaren fors op het toezicht. De mankracht van toezichthouder de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) werd door bezuinigingen in tien jaar bijna gehalveerd. Expertise verdween. Het aantal inspecties nam af. In het grote zuidelijke mestgebied bleken bijvoorbeeld slechts vijf inspecteurs op de weg te zijn voor mestcontroles.

Nauwe banden

Van oudsher werkt het ministerie hecht samen met de landbouwsector. Het vertrouwen van het ministerie in de sector is groot. Een van de historische verworvenheden is dat de sector zichzelf op allerlei gebieden mag controleren en reguleren. Lang waren er de ‘productschappen’ die wettelijke taken van de overheid uitvoerden. Nog altijd is een deel van het toezicht op slachterijen in handen van de sector.

Ondanks, of misschien wel door de hechte banden, lukt het de overheid al decennia niet om fraude, overschotten en andere grote problemen in de landbouw uit te bannen.

Hoe goed de banden ook zijn, boeren kiezen vaak voor eigen gewin. Zodra de Europese melkquota in 2015 bijvoorbeeld werden afgeschaft, explodeerde de groei van de Nederlandse melkveestapel. Er kwamen 55.000 koeien bij. Het leidde tot een verdere groei van het mestoverschot. Er moest een noodwet aan te pas komen om het overschot in de melkveehouderij weer in te perken.

Ook stapelden de affaires en schandalen zich de afgelopen jaren op. Vleesfraude, antibioticamisbruik, slachterijen die een loopje namen met dierenwelzijn, veevoederbedrijven die hygiëneregels overtraden en – recenter – het schandaal rond het in stallen verboden luizenbestrijdingsmiddel fipronil in eieren.

Zelfregulering

Drie maanden nadat ze aantrad als landbouwminister is Schouten alweer twee fraudeaffaires verder.

Haar uitspraken en voortvarendheid vallen op. Naar aanleiding van de koeienfraude liet ze dinsdag weten dat haar vertrouwen in de melkveesector weg is. Ook opmerkelijk is haar besluit om een proef met zelfregulering van de melkveesector te schrappen.

Waar ze in de mestfraude eind vorig jaar de sector zelf het initiatief gaf en hen een plan liet opstellen, lijkt de koeienfraude nu één affaire te veel.