Advocaat-generaal: zaak tegen SP’er die Nawijn beledigde moet over

Lennart Feijen werd door het gerechtshof veroordeeld tot een boete van 350 euro vanwege belediging van Hilbrand Nawijn. Hij noemde hem op social media ‘racist’.

Nawijn op archiefbeeld. Foto Bart Maat/ANP

De rechtszaak tegen SP-raadslid Lennart Feijen uit Zoetermeer wegens het beledigen van mederaadslid en voormalig minister Hilbrand Nawijn moet over. Dat heeft advocaat-generaal Taru Spronken dinsdag geadviseerd aan de Hoge Raad.

Feijen noemde Nawijn in 2014 tijdens en na een gemeenteraadsvergadering een racist. De oud-minister ageerde tijdens de vergadering tegen de komst van een islamitische school in Zoetermeer. Feijen reageerde daarop met een aantal berichten op sociale media. Het ging onder meer op de volgende tweet:

Twitter avatar LennartFeijen Lennart Feijen In het kader van problemen benoem ik dus het probleem, discriminatie van een complete geloofsgemeenschap door de racist @lhn_nawijn #raad079

Dit leidde uiteindelijk tot een rechtszaak waarin Feijen door het OM werd verweten dat hij Nawijn “opzettelijk” heeft beledigd. De advocaat van de SP’er stelde toen dat Feijen nooit de bedoeling heeft gehad om Nawijn te beledigen en dat hij de kwalificatie “racist” over zichzelf heeft afgeroepen door zijn uitlatingen over moslims. Bovendien, zo vond de raadsman, moeten politici meer kunnen incasseren dan een gemiddelde burger.

Cassatie

De rechtbank in Den Haag was het hier aanvankelijk mee eens en sprak Feijen vrij. Het OM ging echter in beroep, waarop Feijen door het Haagse gerechtshof alsnog werd veroordeeld tot een boete van 350 euro. Het raadslid ging daartegen in hoger beroep.

De advocaat-generaal adviseert nu de Hoge Raad om de uitspraak van het hof te vernietigen. Zij stelt dat het gerechtshof voor de beoordeling of de uitlatingen toelaatbaar zijn het verkeerde criterium heeft gebruikt. Het hof stelde dat de uitlatingen van Feijen niet zijn gedaan in het politieke debat:

“Uitgaande van zowel de Nederlandse rechtspraak als de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (het EHRM) over de vrijheid van meningsuiting, heeft het hof een te beperkte uitleg gegeven van wat onder het politieke debat, dat onderdeel is van het publieke debat, moet worden verstaan en wat in dat kader geoorloofd is.”

Wanneer de Hoge Raad zich uitspreekt over de zaak is nog niet bekend.