Opinie

In het toekomstige Syrië moet ook een plek zijn voor de Koerden

Turkije is afgelopen weekend de Koerdische enclave Afrin in Noord-Syrië binnengedrongen. Afrin ligt in het noordwesten en is een toevluchtsoord voor vluchtelingen uit andere delen van het land, waar nu al zeven jaar gevochten wordt. Het vrij kleine gebied is sinds 2014 in handen van de Koerdische militie YPG, die streeft naar onafhankelijkheid en samen met de Verenigde Staten vecht tegen Islamitische Staat.

Afrin is geïsoleerd van het veel grotere Koerdische gebied in het noordoosten van Syrië. Turkije probeert te voorkomen dat de Koerden een aaneengesloten gebied langs de Turks-Syrische grens in handen krijgen. Voor Turkije is de YPG een verlengstuk van terreurbeweging PKK, die in Turkije aanslagen pleegt. Operatie ‘Olijftak’ wordt daarom gerechtvaardigd als noodzakelijke zelfverdediging. Turkije wil tot dertig kilometer in Syrisch gebied oprukken en dreigt ook Koerdische milities in het oosten aan te vallen. Het offensief heeft aan zeker achttien burgers het leven gekost.

Erdogan had toestemming voor de inval van Rusland, dat vlak voor de Turkse actie zijn troepen uit het gebied weghaalde. Erdogan ging met zijn agressie in tegen het belang van de Verenigde Staten, die in het oostelijke Koerdische gebied samenwerken met YPG. Die samenwerking is de Turken een doorn in het oog, en een van vele twistpunten tussen de twee NAVO-partners. Turkije vreest dat de VS voorbereidingen treffen voor een onafhankelijk Koerdisch gebied. Vorige week maakten de VS bekend een grensmacht te willen organiseren die voor de helft moet bestaan uit Koerden en uiteindelijk 30.000 man moet omvatten.

De timing van de aanval is opvallend. Over een week beginnen in Sotsji onderhandelingen over de toekomst van Syrië onder Russisch voorzitterschap. De aanval is dus net op tijd om nog even de belangen van Turkije te onderstrepen. Het is weliswaar begrijpelijk dat Turkije zijn territoriale integriteit wil verdedigen, maar het is de vraag of die ook acuut werd bedreigd. Ook was het niet bijster democratisch om protesten tegen het offensief in eigen land te verbieden en demonstranten te arresteren.

Daarnaast moet Ankara inzien dat de YPG een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan het bestrijden van IS en dat de Koerden op de grond inmiddels feiten hebben gecreëerd. In een toekomstig Syrië zal ook voor de Koerden een oplossing gevonden moeten worden. Voor het Westen moet het offensief wederom een waarschuwing zijn dat de toekomst van Syrië niet aan Assad, Rusland en Turkije overgelaten kan worden – ook al kan het Westen slechts een bescheiden rol spelen.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.