Niek Baar won zaterdag de finale van het Oscar Back Concours.

Foto Onder Konuralp

‘Inhoudelijk ben ik anti-commercieel’

Violist Niek Baar (26) won zaterdag het Oskar Back Concours. „De tijd dat violisten als virtuoos rondreisden is voorbij.”

Het is geen stuk dat je alle dagen hoort, het Vioolconcert van Schumann. Verguisd door de legendarische violist Joseph Joachim, die het Schumanns genie onwaardig achtte. Daarna opgesloten in een archief, herontdekt door de Nazi’s - en vervolgens altijd een beetje besmet gebleven. „Maar voor mij was juist het feit dat ik dit concert met orkest zou mogen spelen de reden mee te doen aan het Oscar Back Concours”, lacht Niek Baar (26).

Hij won zaterdag de finale met een zowel technisch als muzikaal zeer overtuigende interpretatie en liet zo zijn twee mededingers Hawijch Elders (1998) en Tim Brackman (1993) achter zich.

„Schumanns Vioolconcert heeft iets oncomfortabels, en juist dat heeft me er altijd in aangetrokken”, zegt Baar. „De viool speelt relatief laag, waardoor je hard moet werken om door de dichte orkestbegeleiding heen te breken. Dat maakt het een moeilijk concert, maar door die inspanning ontstaat ook de intensiteit. En wat me ook bevalt is het risicovolle. Als je dit stuk liefdevol en intelligent speelt, kan het grote indruk maken. Maar speel je het matig, dan is het ook meteen geen goed stuk meer.”

Luister hier de finale van het Oscar Back Concours terug

Je begon op je 8ste met de viool. Waarom?

„Mijn ouders werken beiden in het onderwijs, niemand in onze familie doet iets met muziek. Maar ik was als kind al altijd met kunst bezig, en toen we in De Efteling het spookhuis bezochten en ik een skelet de Danse Macabre van Saint-Saëns hoorde spelen, was ik om. Die verliefdheid op de viool is gebleven. Je hebt geboren musici die toevallig viool spelen. Ik ben echt een violist. Ik zou geen ander instrument kunnen of willen bespelen.”

Je studeerde o.a. bij Peter Brunt, die een leerling was van Davina van Wely, die een leerling was van Oscar Back. Conclusie: de Nederlandse vioolschool leeft! Is dat inderdaad zo?

„Je kunt in Nederland niet heen om de invloed van enkele belangrijke vioolpedagogen. Zoals Coosje Wijzenbeek – oud-leerling van Van Wely. Of Vera Beths, die studeerde bij Herman Krebbers, die weer een leerling was van Oscar Back. En dus Peter Brunt, die voor mij als leraar belangrijk was, en door wie ook ik in contact sta met die Nederlandse traditie. Maar wat dat precies betekent, vind ik lastig te benoemen. Mijn laatste vijf studiejaren in Berlijn, als leerling van Stephan Picard en Christoph Poppen, zijn ontzettend invloedrijk geweest, en dat hoor je in mijn spel. Gedisciplineerd, serieus en pünktlich, haha. En met een intense klank: stevig in de snaar gestreken.”

Had, heb jij, voorbeelden?

„Als kind was het Isaac Stern. Die speelde zo mooi, en hij leek me ook zo sympathiek… Later, om puur muzikale redenen, werd het Nathan Milstein, naar wie ik nog steeds graag luister. En allround zou ik zeggen: Isabelle Faust. Niet voor niets ben ik bij dezelfde leraren gaan studeren als zij.

„Je hebt violistes als Janine Jansen die je volgens mij ’s nachts kunt wakker maken, en dan spelen ze alles wat je maar wilt geweldig. Dat zou Faust niet zo kunnen, en ik zéker niet. Dat zij toch een van de grootste internationale carrières heeft, komt doordat ze slimme keuzes maakt. Ze presenteert zich alleen in repertoire waarvan ze weet: dat ligt me, daarin heb ik echt wat te zeggen. En daarin excelleert ze dan ook écht.”

In welke hoek van het repertoire wil jij excelleren?

„Bach. Schumann. Er zal hoe dan ook een nadruk liggen op klassiek repertoire, barokmuziek en de 20ste eeuw. Voor Tsjaikovski kun je me beter niet wakker maken, dat kunnen anderen beter. Maar Hartmann, of Schnittke? Dolgraag. Maar ik ben nog wel zoekende, en dat moet je denk ik ook blijven.”

Over zelfbeeld gesproken: veel violisten zijn keurige heren, jij soleerde zaterdag als een topmodel in een groen glanshemd.

„Haha, het is heel dubbel. Ik ben een vrij conservatieve violist, maar ik ben wel ijdel en ik geloof in het nut van presentatie. Dus als je zo’n serieus Schumann-concert speelt, vind ik dat er wel iets tegenover mag staan. Maar dat is puur vorm. Inhoudelijk ben ik anti-commercieel.”

Je bent anderhalf jaar klaar met je opleiding. Loopt de agenda vanzelf vol?

„Ik sta aan het begin, maar speel de recitals waarvan ik altijd droomde. Daarvan kan ik leven én ik heb genoeg tijd om te studeren voor nieuwe projecten. Er komt ook steeds meer solowerk bij. Ik denk dat wat dat betreft het winnen van een concours als dit ook helpt. Het is toch een keurmerk, voor orkesten én publiek.”

En over 15 jaar…

„Hoop ik dat ik een carrière heb vergelijkbaar met een ander voorbeeld van me, Liza Ferschtman. Zij speelt allerlei concerten, steeds met interessant repertoire, soms solo, soms interdisciplinair, soms kamermuzikaal. De tijd dat violisten als solovirtuoos rondreisden is voorbij, en ik vind dat ook helemaal niet erg. Eigenlijk hoop ik precies te doen wat ik nu doe, alleen dan intensiever. Als dat zou lukken, zou ik heel blij en trots zijn.”

Concertagenda: www.niekbaar.com

Correctie: In een eerdere versie van dit verhaal stond dat Hawijch Elders in 1999 geboren is, dit moet 1998 zijn en is aangepast.

    • Mischa Spel