D66 ligt nipt voor op GroenLinks

Gemeenteraadsverkiezingen

Een kwart van de Amsterdammers heeft nog geen idee waar ze in maart op stemmen. De rest maakt er een spannende race van tussen D66 en GroenLinks.

Een paardenrace tussen GroenLinks en D66 om de positie van grootste partij. Een verdere daling van de PvdA. Geen meerderheid meer voor de partijen die nu samen het college vormen, D66, VVD en SP. En een uitdijing van het aantal fracties.

Dat zijn de belangrijkste resultaten in een tussenstand op weg naar de raadsverkiezingen van 21 maart: een peiling van het gemeentelijke bureau Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) die woensdag werd gepubliceerd door de lokale media Het Parool en AT5. Het is de tweede peiling naar de politieke voorkeuren van de Amsterdammers. De eerste, van Maurice de Hond, in opdracht van de lokale afdelingen van D66 en GroenLinks, verscheen in januari. Ze laten min of meer dezelfde ontwikkeling zien – met enkele significante verschillen.

Als de voortekenen uit beide peilingen niet bedriegen, gaat het Amsterdamse politieke landschap, dat een eigenzinnig uitzicht pleegt te bieden, na 21 maart meer op het landelijke lijken: een wijde vlakte met lage heuvels. Deze peilingen wijzen vooruit naar een raad met relatief kleine middenpartijen en een brede uitwaaiering naar de flanken. Er zouden wel eens elf partijen in de raad kunnen komen. Nu zijn dat er acht.

In beide peilingen leidt D66 een gevoelig verlies. De democraten, die in 2014 een historische overwinning op de PvdA boekten, zakken van 14 naar 10 zetels in de OIS-peiling, en in die van De Hond zelfs naar 9. En GroenLinks lijkt op weg naar een even historisch resultaat: van 6 naar 8 (OIS) of 9 (De Hond) zetels. Van de ruime meerderheid van 25 zetels (van de 45 in totaal) voor de huidige coalitie, zouden er nu 19 overblijven.

Het grootste verschil tussen beide peilingen betreft de positie van de PvdA. De Hond peilde een halvering van de huidige 10 zetels, tot schrik van de sociaal-democraten die hoopten dat de wind enigszins was gedraaid na de landelijke afstraffing van vorig jaar. In de OIS-peiling krijgt de PvdA nog 15,5 procent van de stemmen, omgerekend 8 zetels. OIS peilde vorig jaar februari de politieke voorkeuren van de Amsterdammers op weg naar de Tweede Kamerverkiezingen van maart. Toen kwam daar nog uit dat ruim 20 procent van de kiezers een voorkeur had voor de PvdA en dat die daarmee opnieuw de grootste partij in Amsterdam zou worden. Maar de partij kreeg op 15 maart vorig jaar in Amsterdam niet meer dan 8,4 procent van de stemmen en werd daarmee de vierde partij. GroenLinks behaalde destijds in Amsterdam 19,6 procent van de stemmen, een stuk meer dan OIS nu peilt: 15,2 procent.

Zowel de linkse als de rechtse middenpartijen gaan er in hun geheel op achteruit. Aan de flanken heeft links concurrentie van Denk (2 zetels volgens OIS) en BIJ1 (1 zetel), en rechts van Forum voor Democratie (3 zetels). Een kwart van de door OIS ondervraagden kon nog geen keuze maken; vooral veel jongeren en lager en middelbaar opgeleiden. Dat maakt de onzekerheid over deze cijfers groot.

De vraag welke partij bij de verkiezingen de grootste of de grootste winnaar wordt, is ditmaal in dubbele zin belangrijk. In de eerste plaats, als gebruikelijk, omdat de grootste partij dan wel de grootste winnaar het initiatief kan nemen bij de onderhandelingen voor een nieuwe coalitie. In de tweede plaats zal in de coalitiebesprekingen ook de vraag meespelen wie de nieuwe burgemeester van Amsterdam wordt. Toen Eberhard van der Laan relatief kort voor de raadsverkiezingen overleed, waren de partijen het er snel over eens dat geen sprake kon zijn van een opvolger voor het aantreden van de nieuwe raad. In de tussentijd neemt Jozias van Aartsen (VVD) het burgemeesterschap waar.

De nieuwe burgemeester wordt aangesteld op voordracht van de gemeenteraad. Geen enkele partij zal een zo groot stempel op die voordracht kunnen zetten dat zij ook werkelijk bepaalt wie de burgemeester wordt. Maar winst of verlies bij de verkiezingen zal zeker meespelen, zeggen de politiek leiders van de grootste partijen.