Recensie

Lekker plakkerig buikspek bij Hete Kolen

eet bij Hete Kolen in Amersfoort zelfgemaakte pastinaaksoep en een heerlijke vegaburger met bacon.

Foto Bram Petraeus

Bijzonder

Hete Kolen is niet moeilijk te vinden. U ruikt het vuur al vanaf de hoek. De warme, ronkende smeullucht van de houtskoolgrill – die midden in de zaak staat – hangt als een knus dekentje over het sympathieke Amersfoortse restaurantje, dat verder volgens beproefd recept is aangekleed: bakstenen, blank hout en een paar prominente aluminium ventilatiebuizen.

Hete Kolen is volgens de website een „stoere vlees- en BBQ-keuken in het bruisende hart van Amersfoort.” Of u het centrum van Amersfoort bruisend wil noemen, laat ik aan u over. Voor de rest is de beschrijving redelijk accuraat. Alleen, er wordt meer gegrild dan gebarbecued, zo lijkt het.

Nog één keer het verschil. Barbecuen is het langzaam garen van vlees op lage temperatuur, in een afgesloten ruimte, over indirecte hitte, vaak met rook. Grillen is het snel schroeien van vlees, op hoge temperatuur, over open vuur of andere directe hittebron. Goed, ik heb het gezegd. Ik ga er verder niet moeilijk over doen. Niemand in Nederland lijkt dit te willen snappen, dus dat rekenen we de jongens van Hete Kolen niet aan. De gasten zouden nog in verwarring raken als ze wel de juiste terminologie zouden bezigen. Het enige écht barbecue-gerecht op het menu zijn de spareribs.

That said, dat grillen gaat ze goed af.

Op de kaart

Het aanbod is redelijk standaard: steak, kipsaté, spareribs (alle 17,50 euro of als mixed grill voor 39,50 euro). Ze doen ook hamburgers en vis van de dag (vandaag een hele dorade, van de grill). Voor de vega’s is er een frittata met spinazie en feta (15 euro). Er is maar één voorgerecht, een plank met kleine hapjes (6 euro pp). Het vleesloos alternatief: brood. De vegetarische hamburger wordt op het menu aangeprezen met de aansporing „ook lekker met bacon!”. Er zijn legio groenten die zich perfect laten grillen (prei, knollen, wortels, mais, bindsla…), maar ik kan er wel om lachen. Want, laten we eerlijk zijn, je bent een beetje een eikel als je een vegetariër meeneemt naar een barbecue – pardon – grillrestaurant.

De bediening kondigt aan dat „veel producten hier zelfgemaakt zijn, en dat betekent dat de koks de hele dag in de keuken staan”. Ik ging er niet vanuit dat ze iedere avond om half zeven nog even snel langs de Coop fietsen, maar het valt inderdaad op: het pastinaaksoepje is zoet, vers en goed op smaak; de olijftapenade in de gerookte champignon heeft iets aangenaam subtiel pittigs; de mayonaise en ketchup zijn een stuk minder zoet dan het reguliere supermarktaanbod. Ik weet niet of mini-hotdogs ook uit eigen keuken komen, ze zijn in ieder geval zeer smaakvol en sappig, en staan op springen in hun velletje.

Ook die vegaburger is overduidelijk niet lang geleden zelf gedraaid, hij is wat zompig, maar smaakt naar veel verse groenten. En ik moet toegeven, hij is daadwerkelijk heel lekker met veel knapperige bacon.

Het vlees is over de hele linie zeer degelijk. De porkchop is flink gepekeld, maar mooi zachtroze en sappig (en komt met een zeer frisse en knapperige maïs-salsa). De ribben zijn makkelijk te kluiven maar niet té zacht (heel belangrijk bij ribs). Het buikspek (chef’s special én, aha, nog een écht barbecue-gerecht) is de absolute winner: plakkerige zacht en vet van binnen, met een knapperige, bijna verkoolde kruidenkorst van buiten (de zoete sinaasappelsaus laten we staan, niet nodig).

Eindoordeel

Dat grillen kunnen ze hier wel. Je krijgt hier goed vlees voor een aardige prijs in een gemoedelijke sfeer. En zo’n zelfgemaakte pastinaaksoep of mayonaise is zo onevenredig veel lekkerder dan een ingekocht alternatief. Daar scoren ze punten mee. Ik zou Hete Kolen een solid 8 willen geven. Maar ik heb één probleem: de biefstuk was grijs. En doorgeslagen biefstuk serveren, dat weegt zwaar voor een stoere vleeskeuken.