Opeens vochten ze de ontslagvergoeding aan

Vlisco Vlisco belandde in 2015 aan de rand van de afgrond. De topman, die eerst nog hard op weg was de omzet te verdubbelen, werd aan de kant gezet omdat hij het bedrijf te gronde zou richten. Sindsdien woedt er een grimmige strijd over geld, schulden en reputatie.

Een collectie van modeontwerpster Liselore Frowijn in samenwerking met Vlisco in 2016 tijdens de Dutch Design Week. Het 170 jaar oude textielicoon uit Helmond maakt batikstoffen met exotische motieven – Dutch Wax – in Brabant en verkoopt ze onder de merknamen Vlisco, GTP, Uniwax en Woodin in West-Afrika. Foto Bart van Overbeeke Fotografie/Hollandse Hoogte

‘Op 24-04-2017, omstreeks 09.26 uur, zag ik dat subject HO de Range Rover parkeerde voor de hoofdingang van gebouw Van Stolkweg 14 te Den Haag. Ik zag dat subject HO om zijn rechterschouder een laptoptas had hangen. Ik zag dat subject HO met een eigen sleutel de elektrische toegangsdeur opende van de hoofdingang en vervolgens links de gang inliep, alwaar is gevestigd het bedrijf Affaso B.V.”

Bovenstaande passage is niet afkomstig uit een politiedossier of spionagefilm. Het is een citaat uit een rapport van Condor Recherche en Onderzoeksbureau uit Eindhoven. Subject HO, dat is Hans Ouwendijk (64), van 2010 tot medio 2015 de topman van Vlisco. Het 171 jaar oude textielbedrijf, dat in Helmond vrolijk gekleurde batikstoffen maakt en die hoofdzakelijk verkoopt in West-Afrika, is de opdrachtgever van Condor. Een privédetective heeft de oud-bestuursvoorzitter van Vlisco en zijn voormalige assistent in het voorjaar van 2017 ruim twee maanden geschaduwd, zo blijkt uit het rapport dat in verschillende rechtszaken een rol heeft gespeeld en is ingezien door NRC.

De betrokkenheid van Condor is onderdeel van een totaal uit de hand gelopen ruzie tussen Ouwendijk en de Britse private-equityfirma Actis, de eigenaar van Vlisco, over de plotselinge teloorgang van het textielicoon. De vete gaat over geld, natuurlijk. Maar óók over schuld, reputatie en gevoelens van verraad, valt op te maken uit een handvol vonnissen, e-mails en gesprekken met betrokkenen. Terwijl Vlisco de voorbije jaren onder nieuw leiderschap honderden medewerkers ontsloeg om een faillissement af te wenden, bestookten Actis en Ouwendijk elkaar met miljoenenclaims en maakten ze torenhoge juridische kosten. En nog altijd is de strijd niet voorbij.

Grote ambities

Wat is er precies aan de hand? En hoe kon het zo escaleren?

Daarvoor moeten we eerst terug naar 2010, toen Actis en Ouwendijk samen begonnen aan de missie die Vlisco aan de rand van de afgrond bracht. De investeringsmaatschappij nam Vlisco destijds voor 118 miljoen euro over. De Britten voorzagen een gouden toekomst voor de textielproducent, ondanks steeds fellere concurrentie door Chinese namaak. Met zijn batikdoeken is Vlisco een begrip en statussymbool in West-Afrikaanse landen als Nigeria, Ghana en Ivoorkust. Bovendien waren de economische vooruitzichten voor de regio rooskleurig.

Ouwendijk werd aangetrokken om de enorme ambities waar te maken. Zijn opdracht: verdubbeling van de brutowinst in vijf jaar tijd. Hij ging voortvarend van start. Vlisco investeerde miljoenen in marketing en extra personeel, opende tientallen ‘flagshipstores’ in Afrikaanse steden en schroefde de productie in hoog tempo op. Aanvankelijk had de strategie succes. De eerste twee jaar onder Ouwendijk steeg de omzet met zo’n 100 miljoen tot bijna 270 miljoen euro en nam ook de winst vlot toe.

Maar in 2014 ging het mis. West-Afrikaanse economieën, waaronder de belangrijkste afzetmarkt Nigeria, kregen harde klappen door de val van de olieprijs. De vraag naar Vlisco-doeken stortte in, net als de omzet en de winst. Bovendien bleef het bedrijf zitten met grote voorraden en torenhoge schulden, die het was aangegaan om zijn plannen waar te maken. Ouwendijk greep in, maar niet hard genoeg naar de zin van Actis. In de zomer van 2015 moest de topman vertrekken. Zijn opvolger, de Brit David Suddens, zette vervolgens het mes in de organisatie en schroefde de productie verder terug. Van de oorspronkelijke ambities is intussen niets meer over.

Misleiding, bedrog en bedreiging

Een meningsverschil over de te varen koers is een gebruikelijke reden voor het vertrek van een topman, maar doorgaans géén aanleiding voor een jarenlang juridisch gevecht. Het ontslag van Ouwendijk verloopt in eerste instantie dan ook in redelijke harmonie.

Actis komt in september 2015 met Ouwendijk overeen dat hij nog een jaar lang zijn salaris zal ontvangen, in totaal zo’n vijf ton. Bovendien zijn de Britten bereid om de ontslagen bestuursvoorzitter 1,5 miljoen euro te geven in ruil voor zijn aandelen, drie keer zoveel als hij er oorspronkelijk voor had betaald. Ouwendijk is immers een „good leaver”, zoals wordt vastgesteld in de vertrekregeling. Murray Grant, een voormalig bestuurder van Actis die jarenlang nauw betrokken is geweest bij Vlisco, bedankt Ouwendijk in een e-mail voor de „leiderschap, inspiratie en transformatie” die hij het textielbedrijf heeft gebracht.

Nauwelijks drie maanden nadat de handtekeningen zijn gezet, verkeert Ouwendijk op voet van oorlog met zijn oud-werkgever en de eigenaar. Eerst wil Actis uitstel de ontslagvergoeding van Ouwendijk later uitbetalen, vanwege de acute financiële problemen waarin Vlisco plotseling terecht is gekomen. Ouwendijk accepteert dat niet, waarop de Britten hem per brief laat weten dat ze de vertrekregeling vernietigen.

Reden: uit nadere inspectie van de cijfers is volgens Actis gebleken dat Vlisco er aanzienlijk slechter voorstaat dan Ouwendijk ze heeft doen geloven. Met veel te optimistische prognoses heeft hij de financiële situatie van het textielbedrijf maandenlang „bewust verkeerd voorgesteld”, schrijft Fash Sawyerr. Sawyerr is Murray Grant opgevolgd bij de Londense investeringsmaatschappij en is beduidend minder enthousiast over het gevoerde beleid dan zijn voorganger.

Pro-actief handelen

Interne twijfels over de houdbaarheid van Ouwendijks groeistrategie zouden de eigenaar van Vlisco bovendien nooit hebben bereikt. Niet omdat ze er niet waren, maar omdat de ontslagen topman zijn medewerkers op intimiderende wijze had verboden contact te zoeken met vertegenwoordigers van Actis. Hij zou zich hebben gedragen als een „zonnekoning” met een „narcistische managementstijl” en zich schuldig hebben gemaakt aan bedrog, misleiding en bedreiging. Ouwendijk is vanaf nu een „bad leaver”, laat Sawyerr hem weten. Hij kan fluiten naar zijn geld.

In januari 2016 spant Ouwendijk een kort geding aan, de eerste van voorlopig vijf rechtszaken die zullen volgen. Hij wint. De kortgedingrechter veegt de beschuldigingen van tafel. Want: prognoses zijn per definitie subjectief en uit niets blijkt dat Ouwendijk „boekhoudkundige gegevens heeft vervalst of gemanipuleerd”. Bovendien stelt het vonnis dat Actis volledig op de hoogte was of had kunnen zijn van de penibele situatie waarin Vlisco zich bevond, zeker op het moment dat de vertrekregeling werd getekend. Juíst het feit dat intern al langer werd getwijfeld aan de haalbaarheid van Ouwendijks prognoses, onder meer door de huidige financieel directeur Leendert van Reeuwijk, toont volgens de rechter aan dat de financiële problemen in bredere kring bekend waren. Bedreiging van managers was daarbij niet „aan de orde”.

Lang kan Ouwendijk echter niet genieten van zijn overwinning. Twee weken na de uitspraak wordt het vonnis in hoger beroep al vernietigd. Niet op inhoudelijke gronden, maar omdat Ouwendijk volgens de rechter geen „spoedeisend belang” heeft bij de nakoming van zijn vertrekregeling. Het wachten is op de uitkomst van de bodemprocedure, die pas in december 2016 op de agenda staat.

Intussen worden de persoonlijke verhoudingen tussen de partijen steeds grimmiger. Tijdens het kort geding heeft Ouwendijk e-mails te voorschijn getoverd die hij niet had mogen hebben en die dus vermoedelijk door een vertrouweling zijn gelekt. „Dat zette in Helmond en in Londen veel kwaad bloed”, zegt een betrokkene daarover.

Frontale aanval

De e-mails betreffen correspondentie tussen het nieuwe Vlisco-management en Sawyerr, daterend van ruim ná Ouwendijks ontslag. Daarin staat dat de vertrekregeling van Ouwendijk Vlisco problemen kan opleveren met de Belastingdienst. Het hoge bedrag dat hij zal ontvangen voor zijn aandelen, suggereert namelijk dat het textielbedrijf sinds 2010 aanzienlijk meer waard is geworden, terwijl Vlisco onlangs aan de fiscus nog heeft laten weten dat daarvan geen sprake is. Als we niet „pro-actief handelen”, zo staat te lezen, wacht mogelijk een belastingclaim van ruim 2 miljoen euro. Ouwendijk en zijn advocaat lezen daarin een mogelijke verklaring voor de vernietiging van zijn exit-overeenkomst. Volgens zijn tegenstanders heeft het niets met elkaar te maken.

Nog voor het tot een vonnis komt, kiest Actis voor de frontale aanval. In het voorjaar van 2016 valt er op Ouwendijks adres in Wassenaar een brief op de mat van het Amsterdamse advocatenkantoor Lemstra Van der Korst. De Britten rekenen daarin voor dat ze bijna 10 miljoen euro schade hebben geleden doordat Ouwendijk de zaken verkeerd heeft voorgesteld. Ze eisen in een procedure bij het Nederlands Arbitrage Instituut (NAI) dat hij die schade vergoedt. Mocht Ouwendijk onverhoopt gelijk krijgen in de rechtszaak over zijn vertrekregeling, dan voelt Actis zich vrij om die tegoeden te verrekenen met deze miljoenenclaim.

Ouwendijk, die een half jaar eerder nog dik 2 miljoen euro van zijn oud-werkgever dacht te krijgen, moet plotseling vrezen voor een persoonlijk faillissement.

Zover komt het niet. Integendeel, Ouwendijk krijgt zijn geld. Want zowel de rechtbank in Den Haag als het NAI in Amsterdam stellen hem in het gelijk, op grofweg dezelfde gronden waarop hij ook het eerste kort geding al had gewonnen.

Persoonlijke vendetta

Is het daarmee voorbij? Nee. Ouwendijks voormalige werkgever vermoedt dat hij samen met zijn voormalig assistent werkzaamheden verricht voor een concurrent. Dat mag niet, zo is overeengekomen in de vertrekregeling, op straffe van tonnen aan boetes. En dus huurt Vlisco in februari 2017 een privédetective in om het uit te zoeken. De conclusie na ruim twee maanden schaduwen, foto’s maken en napluizen van vuilcontainers: Ouwendijk verricht inderdaad consultancywerk voor een rivaliserend textielbedrijf. Drie maanden later zit het hele stel weer in de rechtszaal.

Ook dit keer wint Ouwendijk. De rechter vindt het „naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar” dat Vlisco hem op zijn leeftijd nog wil houden aan zijn non-concurrentiebeding.

Nu zint Ouwendijk weer op vergoeding van geleden schade. Én op eerherstel. In november 2017 beticht hij Actis en Vlisco in een brief van een „persoonlijke vendetta” en een „kruistocht” om hem „te breken”. Zijn reputatie is kapotgemaakt, vindt Ouwendijk. Hij kondigt een schadeclaim aan. Vlisco, dat over 2017 voor het eerst weer winst verwacht, maar nog steeds kampt met een cashtekort vanwehe hoge schuldverplichtingen, heeft vooralsnog geen dagvaarding ontvangen.

Actis, Vlisco en Ouwendijk wilden niet reageren.

Bekijk in de tijdlijn hieronder de geschiedenis van Vlisco.