Foto John Cairns

‘De banen zoals we die nu kennen, gaan verdwijnen’

Viktor Mayer-Schönberger Google en Amazon maken oude bedrijven overbodig en veranderen de aard van banen en werk, waarschuwt de Oxford-hoogleraar. Met grote gevolgen. „We moeten goed zorgen voor de verliezers van dit soort industriële revoluties, anders ontstaan er enorme crises”.

Wat hebben Amazon en Apple te maken met Brexit en Trump? Alles, denkt Viktor Mayer-Schönberger. De Oostenrijkse hoogleraar internetregulering van Oxford University schreef het boek De data-economie, dat deze zaterdag uitkomt. Daarin beschrijft hij de revolutie van digitale data, en de gevolgen daarvan voor de economie en de politiek. Mayer-Schönberger, een wereldwijde autoriteit op het gebied van de data-economie en veelgevraagd adviseur van bedrijven en overheden, ziet opschudding die vergelijkbaar is met de eerste industriële revolutie, vertelt hij aan de telefoon vanuit Oxford.

„Absoluut. De datarevolutie gaat tot een grote herindeling leiden van de economie, van de samenleving. Er zijn grote groepen winnaars en verliezers. De lessen uit het verleden leren dat we goed moeten zorgen voor de verliezers van dit soort industriële revoluties, anders ontstaan er enorme crises, soms zelfs oorlogen.”

„We moeten als samenleving zorgen dat de mensen die buiten de boot vallen in de nieuwe economie, de ruimte krijgen om zich aan te passen. Doen we dat niet, dan kunnen er ook weer enorme opstanden komen, zoals we die nu al beginnen te zien. Ik ben optimistisch dat we het de goede kant op kunnen sturen, maar we staan wel op een cruciale tweesprong.”

‘Data’ is het sleutelwoord

Waarom ziet hij zo’n direct verband tussen politieke instabiliteit en de technologische revolutie? „Het gaat de laatste tijd onder economen vaak over de superstar firms: een klein aantal bedrijven dat enorme winsten en omzetten binnenhaalt. Facebook, Google, Apple, Amazon, Alibaba. Als je naar die bedrijven kijkt, hoor je mensen vaak zeggen: het is de deeleconomie, de sociale netwerkeconomie, of de platformeconomie. Ik zeg: jullie zitten ernaast, jullie zien maar een klein deel van wat er echt aan de hand is.”

Dit is volgens Mayer-Schönberger namelijk een fundamenteel nieuw soort bedrijven. „Al deze supersterbedrijven zijn marktplaatsen, en marktplaatsen bovendien die rijke datastromen hebben waardoor ze sneller, efficiënter en beter werken dan andere marktplaatsen. Amazon is succesvol doordat je er makkelijk vindt wat je zoekt. Net zoals Google, Apple, Airbnb, Uber. Die marktplaatsen zijn niet alleen nuttig voor individuele gebruikers, maar ook voor adverteerders en andere aanbieders van diensten, die makkelijker de individuen kunnen vinden om hun diensten op maat te maken. Extreem precies, extreem efficiënt.”

„Deze supersterbedrijven produceren niet een beter product, ze produceren een betere marktplaats: een marktplaats die rijk is aan data en een markt waar algoritmes goed werken om beslissingen te nemen op basis van al die data. ‘Data’ is het sleutelwoord. En deze bedrijven zijn nog maar het begin. Je ziet dat dit soort datarijke marktplaatsen steeds meer sectoren gaan overnemen. Je ziet ze ook ontstaan voor freelancers, taxichauffeurs, programmeurs, logo-ontwerpers, tekstschrijvers. Wat zegt dat? Het is een heel krachtige verandering: het maakt namelijk traditionele bedrijven overbodig.”

Veel minder mensen nodig

Stel: je hebt een vaardigheid die je wil verkopen aan iemand, dan heb je twee keuzes: of je gaat zelf naar een marktplaats om direct een koper te vinden, of je gaat werken bij een bedrijf dat al een bestaand netwerk heeft van aanbieders en vragers. „De laatste 200 jaar was het gunstig om het afstemmen van economische activiteit via bedrijven te regelen. Dat kwam doordat individuen zelden toegang hadden tot de informatie die bedrijven hebben, en doordat marktplaatsen niet data-rijk konden zijn doordat er nog geen computers waren. Daardoor zijn bedrijven, en instellingen zoals banken en centrale banken, zo succesvol geworden.”

Bedrijven zullen door de datarevolutie kleiner worden, ze zullen meer uitbesteden en freelancers gaan gebruiken, trends die je nu in veel branches al ziet. Er zullen altijd uitzonderingen zijn, markten waarin het nog wel loont om vraag en aanbod te organiseren via bedrijven, maar de grote trend gaat duidelijk één kant op, volgens hem.

Foto John Cairns

„De enige bedrijven die wel heel sterk blijven groeien, zijn de bedrijven die de marktplaatsen beheersen: Apple, Google, Amazon. En je ziet dat deze bedrijven veel minder mensen in dienst hebben dan ouderwetse bedrijven met dezelfde omzet. Kijk naar de gemiddelde omzet per medewerker bij de superstar firms, die halen miljoenen dollars per medewerker aan omzet binnen. Bij traditionele bedrijven ligt dat rond de 200.000 dollar per medewerker. Een enorm verschil. Superstar firms kunnen af met veel minder mensen doordat ze efficiënter zijn.”

Traditionele bedrijven zijn plots niet meer de efficiëntste manier om menselijke activiteit af te stemmen. „Ze veranderen in lege hulzen die winst onttrekken aan de rest van de markt. Daarmee zullen ze niet overleven.” Aangezien bedrijven nu nog fungeren als de belangrijkste organisatievorm in onze economie, moet er veel veranderen. Er zijn volgens Mayer-Schönberger drie grote uitdagingen. Eén: door de superstar firms en hun grip op de data-economie ontstaat enorme machtconcentratie. Twee: doordat traditionele bedrijven verdwijnen, verandert de aard van werk totaal. En drie: als we steeds meer beslissingen overlaten aan computers, wat hebben mensen nog te zeggen?

Over technologiemonopolies zoals die van Google, Facebook en Amazon is de laatste tijd al veel te doen geweest, en de oplossing daarvoor ligt volgens Mayer-Schönberger vooral in overheidsbeleid dat het makkelijker maakt voor nieuwe bedrijven om met de grote reuzen te concurreren. „Overheden moeten bijvoorbeeld afdwingen dat de superstar firms hun data verplicht delen met nieuwkomers, en ze moeten nadenken over nieuwe manieren om belasting te heffen op data.” Hij stelt voor om de hoeveelheid data die bedrijven verplicht delen, afhankelijk te maken van hun omvang: hoe groter de superstar, hoe meer data hij beschikbaar moet stellen aan concurrenten. Op die manier moeten data bijdragen aan concurrentie en vernieuwing in plaats van dat ze die tegenwerken.

Lees ook: Internet blijkt een monopoliemachine

„Maar de belangrijkste vraag voor individuen is: wat betekent dit voor werk? Eén van de fundamentele uitdagingen is: een baan is veel meer dan werk. Een baan geeft ook status, zorgt voor sociale contacten. Dat roept de vraag op: waar gaan mensen aan werken in de toekomst, als banen zoals we die nu kennen verdwijnen?” We moeten volgens Mayer-Schönberger een nieuwe manier vinden om onze identiteit te definiëren, anders dan via onze baan of ons bedrijf.

„In de toekomst wordt de bundel van taken die we nu een fulltimebaan noemen ‘ontbundeld’. Dan werk je 20 uur per week aan een taak die je hoofdinkomen verzorgt, 10 uur aan iets wat je bijzonder leuk vindt en 10 uur vrijwilligerswerk om iets goeds voor de wereld te doen.”

Lees ook de serie over de toekomst van werk. Deel 1: Elke week nieuwe dingen leren

Het is volgens Mayer-Schönberger nodig dat we serieus gaan nadenken over een universeel basisinkomen: een gegarandeerd inkomen voor iedereen. „De gemiddelde werknemer zal door deze ontbundeling waarschijnlijk minder gaan verdienen, wat opgevangen moet worden door een basisinkomen. Ik ben voor een gedeeltelijk basisinkomen. Dus niet een inkomen van 2.000 euro per maand van de staat, zoals bij sommige experimenten in Finland en Zwitserland is voorgesteld, maar eerder een bedrag van 500 euro.” Dan kunnen mensen hun werk anders samenstellen, door bijvoorbeeld via verschillende onlineplatforms tegelijk te werken, maar compenseer je voor het lagere inkomen.

Gedeeltelijk basisinkomen

„Een gedeeltelijk basisinkomen vergroot de keuzevrijheid van mensen, zodat ze niet alleen de taken hoeven te kiezen die het meeste opbrengen, maar ook taken die plezier en voldoening opleveren. Uit onze berekeningen blijkt dat een gedeeltelijk basisinkomen betaalbaar is, als we erin slagen om belasting te heffen op de supersterbedrijven, en ze niet laten wegkomen met de belastingontwijking waar ze nu massaal aan doen.”

Ook dat lijkt niet bepaald een-twee-drie geregeld, gezien het al jaren slepende debat over belastingparadijzen. Juist bedrijven als Apple en Google onttrekken tientallen miljarden dollars aan de belastinginkomsten. „Klopt, maar je ziet daarin wel verandering komen,” zegt Mayer-Schönberger, wijzend op recente nieuwe belastingwetten in Europa en de VS.

De derde, en meest fundamentele, uitdaging: hoe behouden we menselijke keuzevrijheid? Doordat de nieuwe digitale marktplaatsen worden geregeerd door data, en door de algoritmes die de data sorteren, maken mensen zich totaal afhankelijk van machines.

„In plaats van dat je zelf beslissingen neemt, laat je een smart assistent dat voor je doen”, zegt Mayer-Schönberger. „Dat belemmert in potentie menselijke autonomie en menselijke vrijheid. Daarom moet het een absoluut vaststaand recht worden van mensen dat er altijd een keuze is om beslissingen over te laten aan data of algoritmes. Dat zou een vrijheid moeten zijn die gelijk staat aan de meest fundamentele menselijke rechten, zoals vrijheid van meningsuiting of godsdienstvrijheid. In de toekomst moeten mensen altijd het recht hebben om beslissingen over hun leven over te laten aan een machine of aan mensen.”

Het zijn flinke veranderingen die Mayer-Schönberger voorstelt, erkent hij zelf ook. En de invulling is ook niet altijd even duidelijk. „Mensen die tijdens de industriële revolutie leefden, wisten ook niet precies hoe ze hun samenleving opnieuw moesten inrichten, en toch is het ze met vallen en opstaan gelukt. Toen ontstonden mededingingswetten om trein- en oliemonopolies te breken, en arbeidswetten die nog steeds bestaan.”

We staan nu precies voor zo’n zelfde verandering als toen, denkt Mayer-Schönberger. „Ik ben ervan overtuigd dat we die nog de goede kant op kunnen sturen. Maar we moeten nú aan de slag.”

Moeten de internetreuzen, net als schoolvoorbeeld Standard Oil, worden opgeknipt? Lees ook: De ‘roofbaronnen’ van de 21ste eeuw
    • Wouter van Noort