NAM ruziet met toezichthouder

Groningen

NAM en toezichthouder dachten de acties na gasbevingen goed te hebben vastgelegd. Nu twisten ze over dit protocol.

Foto: Kees van de Veen

Wat te doen na een zware gasbeving in Groningen? Daarover ruziën het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) en gaswinner NAM sinds de beving bij Zeerijp op 8 januari (3,4 op de schaal van Richter).

Juist om die vraag te kunnen beantwoorden, is er sinds vorig jaar een door de NAM ontwikkelde procedure: het Meet- en Regelprotocol. Dit zou heldere kaders moeten scheppen om zo veilig mogelijk gas te kunnen winnen. Na een aantal lichte bevingen doe je bijvoorbeeld onderzoek, na een zware beving draai je de gaskraan verder dicht – een poging om het lastig voorspelbare gasveld in bedwang te houden, geprezen door een aantal wetenschappers en het SodM.

Maar tot nu toe heeft het protocol vooral geleid tot een hoogoplopend conflict tussen de betrokken partijen. Volgens de toezichthouder voert de NAM het protocol niet goed uit. De gaswinner beticht het SodM juist van „onacceptabele” uitspraken.

Volgens de richtlijnen moest de NAM 48 uur na de beving bij Zeerijp een analyse inleveren bij de toezichthouder, plus een voorstel voor te nemen maatregelen. Dat gebeurde, maar volgens het SodM was dit bij „code rood” in het bevingsgebied – het hoogste risiconiveau volgens het protocol – „niet concreet genoeg”. Zo ontbrak een voorstel voor een nieuw productieniveau, en zei de NAM alleen dat de winning „substantieel” omlaag moest. Hoeveel precies, dat was aan de minister van Economische Zaken en Klimaat, Eric Wiebes (VVD).

Van opbouwer van het land tot sloper van de provincie. De reputatie van de NAM verslechterde in zeventig jaar. Personeel vertelt erover.

Code rood

Donderdag sloeg de NAM terug. In een brief aan het SodM zegt het bedrijf het Meet- en Regelprotocol wel degelijk goed te hebben toegepast. Zichtbare irritatie blijkt over de uitspraak van de toezichthouder dat geprobeerd moet worden uit code rood in het bevingsgebied te komen door minder gas te winnen.

Die irritatie heeft een ingewikkelde verklaring. Volgens de NAM gebruikt het SodM het protocol ten onrechte als veiligheidsindicator. De gaswinner ziet code rood in het protocol als een „kader”, dat vertelt welke maatregelen genomen kunnen worden, code rood geeft niet aan dat er een onveilige situatie bestaat waar men koste wat het kost uit moet komen. Dat veiligheidskader zou al eerder door de minister zijn vastgesteld.

De NAM voelt zich gesteund door een passage in het Meet- en Regelprotocol: „Een gebeurtenis op het interventieniveau betekent niet dat automatisch sprake is van een gebeurtenis die de veiligheid in het geding brengt.” Het bedrijf verwijt de toezichthouder „een overgesimplificeerde manier van communiceren over deze belangrijke en gevoelige kwestie”.

Conflict

De discussie vestigt opnieuw de aandacht op de grote onduidelijkheden rond het Groningen-gasveld. Het Meet- en Regelprotocol zou de discussie moeten versimpelen door kaders te stellen, maar juist over de interpretatie daarvan is nu een conflict ontstaan.

Het is de eerste keer dat het protocol in werking treedt na een zware beving. Het SodM liet de NAM vorige week al weten dat het niet de bedoeling is dat het bedrijf een volgende keer wéér geen concreet winningsniveau noemt.

Om „code groen” te bereiken, zoals het SodM wil, is volgens de NAM halvering van de huidige gaswinning nodig. Het bedrijf ziet dat niet zomaar zitten, hoewel het benadrukt dat de minister moet beslissen. De NAM schreef vorige week voor een belangrijk deel de gaswinning te willen verminderen ten behoeve van de „veiligheidsbeleving” – dus niet zozeer vanwege de veiligheid zelf. Het SodM wilde minister Wiebes volgende week een definitief advies over de winning presenteren, maar dat wordt door de nieuwe brief van de NAM waarschijnlijk later.

De zwaarste gasbeving in vijf jaar bracht de bewoners van het getroffen Loppersum niet van hun stuk. ‘Het helpt niks om bang te zijn.’
    • Milo van Bokkum