Dit was de stijlbijbel van de jaren 80 en 90

The Face

Het stijlmagazine The Face was beeldbepalend in de jaren 80 en 90. Een nieuw boek laat zien hoe groot de invloed was.

The Story of The Face toont ook foto’s uit het blad, zoals deze uit februari 1986. Beeld uit The Story of The Face

Voor wie de jaren tachtig en negentig bewust heeft meegemaakt, maar het Engelse The Face niet kent, of niet weet hoe bepalend dat blad is geweest: de uiterst succesvolle commercial voor Levi’s 501 uit 1984, waarin fotomodel Nick Kamen in een wasserette zijn spijkerbroek uittrekt en in een wasmachine met stenen doet, kent u vast wel. Zonder The Face was die er nooit geweest, is de overtuiging van Paul Gorman, de auteur van het net verschenen The Story of The Face. „Die commercial is gewoon The Face op tv”, vertelde hij onlangs, bij de presentatie van het boek in Amsterdam. Kamen bladert aan het einde zelfs door een nummer van het magazine.

De Levi’s reclame met Nick Kamen.

The Face was een van de eerste stijl -magazines: een glossy voor vrouwen én mannen die de grenzen tussen popmuziek, mode, andere cultuur en zelfs politiek beslechtte, en die schaamteloos geïnteresseerd was in het uiterlijk van dingen, niet in het minst de eigen vormgeving. Aanvankelijk werd daarvoor gekeken naar Paris Match, later werd die geperfectioneerd door Neville Brody. Brody baseerde zijn werk op het modernisme, maar vertaalde dat naar de jaren tachtig, met grote, scheef geplaatste, voor elk nummer weer nieuwe zelf ontworpen letters en abstracte sierelementen. „Stijl is ons status-systeem, onze gids naar wat deugt in de wereld”, schreef een van de journalisten in 1985. „En we worden er steeds beter in.”

Voor lezers die zich buiten hip Londen bevonden, was The Face een stijlbijbel, die vertelde wat het juiste was om te doen, te dragen en om naar te luisteren, iets waar de redactie avonden lang over vergaderde.

The Face was het initiatief van Nick Logan (1947), voormalig mod, de Londense modebewuste subcultuur in de jaren 50 en 60. Als tiener begon hij als journalist bij muziekblad NME en in 1978 lanceerde hij Smash Hits, een succesvol muziektijdschrift waarin songteksten integraal werden gepubliceerd. Het eerste nummer van The Face verscheen in mei 1980, met op de cover de zanger van The Specials. Omdat de uitgeverij van NME en Smash Hits een half jaar wilde nadenken over het plan, had Logan, vader van twee kinderen, besloten het tijdschrift zelf te financieren; zijn vrouw stopte de exemplaren voor abonnees hoogstpersoonlijk in enveloppen.

De doorbaak van Boy George

De jaren tachtig waren in Engeland de jaren van de economische recessie en de serieuze stijl. Londense jongeren gingen zorgvuldig en overdadig uitgedost uit, in outfits die vaak een mix waren van zelfgemaakte kleding en tweedehandsjes. Ook muzikanten waren bijna gekostumeerd. The Face documenteerde het zorgvuldig, waarmee het duidelijk maakte dat stijl in clubs en op straat ontstond. In een fotoreportage in een van de eerste nummers staat een foto van ene George O’ Dowd, gekleed in een kimono, zijn gezicht dramatisch opgemaakt in de stijl van die dagen – genderbending was ook toen een belangrijk thema. Niet veel later zou hij wereldberoemd worden als Boy George. Het modegehalte van het blad schoot een paar jaar later nog eens omhoog dankzij de legendarische stylist Ray Petri, die designerkleding mixte met straatmode. Zijn eerste covermodel was in januari 1984 Nick Kamen, die poseerde in een sportieve outfit, afgemaakt met op de markt gevonden speldjes en broches, een gele pleister en witte wintersportlippen.

In The Face stond het vroege werk van Kate Moss, Boy George en fotografen als Mario Testino, Juergen Teller en de Nederlandse Inez van Lamsweerde

Eind jaren tachtig vond, dankzij de housecultuur, een omslag plaats in mode, muziek en uitgaan. Niet langer draaide het om zorgvuldige stijl en individuele cool en individuele cool, maar om nachtenlang samenzijn op de dansvloer en een natuurlijker, onopgesmukte uiterlijk. Logan, toen al hoofdredacteur af, raadde zijn opvolger iets te doen met „al die kids die buiten aan het dansen zijn” en zo voorzag The Face de ravecultuur van beelden. Zie bijvoorbeeld de legendarische cover van het nummer van juli 1990 (‘The 3d summer of Love’), met een zwart-witfoto van een onopgemaakte, piepjonge en nog totaal onbekende Kate Moss met een indianentooi op haar hoofd – iets waar je tegenwoordig overigens niet meer mee weg zou komen. De foto was nooit bedoeld geweest als cover, maar geen andere foto uit het nummer bleek de tijdgeest zo goed samen te vatten. De serie, gemaakt door stylist Melanie Ward en de vroeg overleden fotograaf Corinne Day, veroorzaakte een omslag in de modefotografie.

Twintig jaar jeugdcultuur

Schrijver Paul Gorman heeft vijf jaar gewerkt aan The Story of The Face, en het is een uitgebreid boek geworden. Te uitgebreid, eigenlijk: alle ontwikkelingen op de redactie lijken er in te staan, alle kwaliteiten van de medewerkers en de banen die hun elders werden aangeboden, alle bladen die The Face imiteerden, et cetera. Dat maakt de teksten helaas taai; de flair van het blad proef je eigenlijk vooral in de inleiding van voormalig medewerker Dylan Jones, nu hoofdredacteur van het Britse mannenblad GQ. Dat wordt goedgemaakt door de vele covers en pagina’s die zijn afgedrukt. Blader door het boek en je ziet twintig jaar vooruitstrevende jeugdcultuur en mode en creativiteit aan je voorbijtrekken, en het vroege werk van mensen die later wereldberoemd zijn geworden: Kate Moss en Boy George natuurlijk, maar ook fotografen als Mario Testino, Juergen Teller en de Nederlandse Inez van Lamsweerde.

The Story of the Face stopt in 1999, als Logan het blad verkoopt aan uitgeverij Emap. De oplage – die overigens nooit boven de 130.000 kwam – was toen sterk gedaald. Er waren nieuwe, onafhankelijke stijlmagazines op de markt gekomen, zoals Dazed & Confused. Bovendien zat de jeugdcultuur, zoals Gorman schrijft „in een dip.” De meer populaire benadering die was ingezet, werkte niet. Na Logans vertrek is het blad nog vijf jaar doorgegaan. Er schijnen plannen te zijn The Face opnieuw op te starten, eerst als onlinemagazine en wellicht later ook op papier. Maar zelfs als dat een succes wordt, zal The Face nooit meer de autoriteit worden die het was. De tijden dat je een tijdschrift nodig had om erachter te komen wat er echt speelt, liggen te ver achter ons.