Europees Parlement wil grotere groene ambities

DuurzaamheidNiet 27 procent, maar 35 procent van de energie moet in 2030 schoon zijn, was de uitkomst van een stemming woensdag in het Europees Parlement.

Pellets (geperst hout) zijn een vorm van biomassa Foto iStock

Het Europees Parlement wil dat de EU-ambities op het gebied van duurzame energie flink omhoog worden bijgesteld. Terwijl EU-landen erop aansturen dat in 2030 27 procent van de energie schoon moet zijn, stemde het Europees Parlement woensdag voor een veel hoger doel, van 35 procent.

De komende maanden moet in onderhandelingen een compromis worden bereikt. Het Europees Parlement vindt de door lidstaten en de Europese Commissie voorgestelde doelstellingen veel te laag, omdat die nu al bijna gehaald kunnen worden zonder extra inspanning. Bovendien schieten de doelen tekort voor het halen van de in het Parijs-akkoord vastgelegde internationale klimaatafspraken.

„We hebben de eer van Europa gered door te laten zien dat we het klimaatakkoord serieus nemen”, aldus de Luxemburgse Europarlementariër Claude Turmes (Europese Groenen). De Spaanse socialist José Blanco López sprak woensdag de hoop uit dat „het rare gedrag” van EU-landen snel verandert. Volgens Gerben-Jan Gerbrandy (D66) is Europa zó terughoudend dat het achterop dreigt te raken ten opzichte van China en India, en ook de Verenigde Staten. „Zelfs onder Trump.” De VS trokken zich vorig jaar terug uit het Parijs-akkoord.

Het Europarlement eist ook dat er veel meer energie wordt bespaard: in 2030 moet 35 procent zuiniger met energie worden omgesprongen, en niet 30 procent zoals de lidstaten willen. Ook zou het landen verboden moeten worden om maatregelen te nemen die duurzame initiatieven ontmoedigen, zoals de omstreden ‘zon-belasting’ die Spanje in 2015 invoerde op het gebruik van de (gratis) zon.

Ook bleek er woensdag een meerderheid voor een verbod (vanaf 2021) op het gebruik van palmolie als biobrandstof. Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks) spreekt van „een overwinning”, omdat voor de winning van palmolie op grote schaal regenwoud en voedselproductie worden opgeofferd in Azië en Zuid-Amerika. Europese voedselgewassen mogen nog wel als biobrandstof worden gebruikt, maar het parlement wil de onstuimige groei van onder meer koolzaadvelden bevriezen, op het niveau van 2017.

Voor Europarlementariër Caroline Nagtegaal van Doorn (VVD) bevatte de stemming ook „een gemiste kans”. Er was geen meerderheid voor het sterk terugdringen van de bijstook van bomen in kolencentrales. Veel EU-landen stoken biomassa omdat dit formeel geldt als duurzaam, terwijl er ook bomen voor worden gekapt, hetgeen de CO2-uitstoot weer vergroot. „Bomen kweken om ze te verstoken draagt simpelweg niet bij aan een beter klimaat”, zegt Nagtegaal.

In Nederland wordt de bijstook van biomassa vanaf 2024 niet meer gesubsidieerd, zo staat in het regeerakkoord. „Het Europees Parlement durfde niet door te pakken”, zegt Nagtegaal. Claude Turmes wijst met de beschuldigende vinger naar bosrijke landen, zoals Zweden en Finland, die een felle lobby voerden rondom het argument dat bosbouw een nationale competentie is. „Europa mag zich nergens mee bemoeien, schreven ze in ongelofelijke brieven”, zegt Turmes.

Wel was er een meerderheid voor een verbod op de bijstook in oude, inefficiënte kolencentrales die landen nu nog dankzij biomassa kunnen ‘vergroenen’ en dus langer open kunnen houden. Biomassa mag alleen nog maar in nieuwe, moderne centrales. „Dat maakt biomassa minder aantrekkelijk, omdat er vooraf eerst toch een flinke investering moet worden gedaan”, zegt Eickhout. „Het is niet ideaal, maar de lobby was sterk.”