VVD het handigst in veroveren van burgemeestersposten

Burgemeestersbenoemingen

Dezer dagen beslist de Tweede Kamer dat de burgemeester in de toekomst wordt gekozen, zonder ‘bemoeienis’ van de koning. Toch verandert er vermoedelijk weinig en behouden gevestigde partijen een voorsprong, de VVD voorop.

Het ambt is een van de meest zichtbare en invloedrijke plekken in het openbaar bestuur.

Het benoemen van burgemeesters gaat na decennia van discussie op de schop, maar er verandert vermoedelijk niets. Dat is de kortste samenvatting van het deze week door de Tweede Kamer te nemen besluit om burgemeesters in de toekomst niet langer te benoemen „bij koninklijk besluit”.

Dit ‘uit de Grondwet halen’ van de burgemeestersbenoeming maakt de weg vrij voor de gekozen burgemeester. Dat kan rechtstreeks door de bevolking óf door de gemeenteraad; een voortzetting van de bestaande praktijk, op de koninklijke inzegening na. Een meerderheid in de Kamer neigt naar deze variant.

De kans voor Forum voor Democratie, voorstander van de rechtstreeks gekozen burgemeester, om woensdagavond opnieuw het punt van het bestaan van een „partijkartel” te maken: gevestigde partijen die onderling de baantjes verdelen. Exemplarisch volgens partijleider Thierry Baudet is de benoeming van PvdA’er Ahmed Marcouch als burgemeester van Arnhem in 2017 – het jaar waarin de PvdA werd gemarginaliseerd bij de verkiezingen. Dat Marcouch desondanks burgemeester werd, is volgens Baudet hét bewijs van het bestaan van het partijkartel. „Zelfs als Nederland zo ontzettend heeft afgerekend met de PvdA krijg je ze gewoon niet weg,” zei Baudet na de bekendmaking van Marcouchs verkiezing. Columnist Sylvain Ephimenco viel Baudet bij in Trouw. „Burgemeesters benoemen is een ondemocratisch en geperverteerd systeem waar Nederland zich best voor mag schamen.”

Liesbeth Spies, voorzitter van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters en zelf burgemeester van Alphen aan de Rijn, zucht bij het horen van de reacties. „Het is zo’n onzin,” zegt ze. „Burgemeesters worden sinds 2001 gekozen door de gemeenteraad. Daar gáán de landelijke partijen helemaal niet over, of het kabinet.” Het was inderdaad een ruime meerderheid van de gemeenteraad van Arnhem, inclusief lokale partijen, die Marcouch koos.

Interessante vraag die resteert: is door de macht van de gemeenteraad de rol van de landelijke partijen bij burgemeestersvacatures dan helemaal uitgespeeld? Nee, bepaald niet, zo leert een rondgang langs achttien direct betrokkenen zoals Kamerleden, burgemeesters en Commissarissen van de Koning.

Vakantiehuisjes

Met name VVD, CDA, D66 en GroenLinks doen er achter de schermen veel aan om gekwalificeerde partijgenoten te laten solliciteren op een burgemeestersvacature. Het ambt is een van de meest zichtbare en invloedrijke plekken in het openbaar bestuur én het levert de partij ervaren kandidaten op voor bestuursfuncties. Alle reden om er werk van te maken. De VVD organiseert het centraal, het CDA juist provinciaal. Bij de PvdA, die traditioneel veel burgemeesters ‘levert’, ligt de zaak vrijwel stil. Door de decimering van de partij ontbreekt het de sociaal-democraten simpelweg aan mankracht om burgemeesterskandidaten te selecteren. Een situatie die het CDA eerder meemaakte na electorale afstraffingen.

Eén partij heeft de werving en de selectie van kandidaten tot kunst verheven, zeggen vrijwel alle gesproken betrokkenen: de VVD. Maar dat gaat in stilte. „We lopen niet te koop met de energie die we in dat proces steken”, zo valt te lezen in een vertrouwelijk partijdocument over burgemeestersbenoemingen uit 2016 waarover NRC beschikt.

De gedachte achter de betrachte stilte: hoe onopvallender de machinerie werkt, hoe effectiever. Want de concurrentie is enorm, zeker in grotere steden. Als gevolg van aanhoudende fusies zijn er bovendien steeds minder, maar wel grotere gemeenten. Het gevolg: het aantal geïnteresseerden overstijgt ruimschoots de vraag naar burgemeesters. Het is kortom de kunst om ertussen te komen. En dat lukt de VVD het beste. In 2017 was de partij, net als in 2016, hofleverancier. Van de 49 benoemde burgemeesters zijn er veertien lid van de VVD, gevolgd door elf CDA’ers en tien PvdA’ers.

De regisseur van dat verfijnde sollicitatiespel bij de VVD is Tweede Kamerlid Roald van der Linde, al sinds zijn veertiende partijlid. De onberispelijk geklede Rotterdammer is niet bekend van tv, doet geen onbehouwen uitspraken, zijn werkkamer kent bescheiden afmetingen en ook de 840 door hem behaalde voorkeursstemmen bij de laatste verkiezingen nopen tot bescheidenheid. En precies daarin schuilt zijn kracht, zeggen betrokkenen. Van der Linde ziet zijn rol als die van „makelaar en coach”, zo schrijft hij in de vertrouwelijke notitie. „Het is mijn uitdaging om in elke procedure de beste kandidaten naar voren te schuiven.” Zijn netwerk is naar eigen zeggen imposant: „Vrijwel iedereen die meldt dat hij gaat solliciteren op een burgemeestersfunctie ken ik persoonlijk.” Wel maakt hij in zijn schrijven een klein voorbehoud: „In gemeenten met veel groen en leuke vakantiehuisjes willen we het zicht op alle gelegenheidskandidaten wel eens verliezen.”

Het geheim van zijn werkwijze is, gebaseerd op zijn notitie en gesprekken met betrokkenen, kennis van het lokaal bestuur en toewijding. Zodra zich een vacature voordoet, neemt Van der Linde contact op met de lokale fractievoorzitter van de VVD of bezoekt deze ter plekke. Het doel: informatie vergaren die juist níet in het functieprofiel komt maar essentieel is om de vacante post te doorgronden. „Welke echte problemen spelen er in de gemeente?” En: „Hoe ligt de vertrekkende burgemeester?” Essentieel is ook de politiek geografische kennis. Zo is het overwegend links georiënteerde Groningen een nagenoeg kansloze provincie voor de liberalen.

Vervolgens stelt Van der Linde op basis van de verzamelde informatie een lijst op met in zijn ogen geschikte VVD’ers, aangevuld met partijgenoten die zichzelf melden. En hoewel hij binnen zijn partij benadrukt dat het iedereen vrij staat om te solliciteren, bevat zijn notitie zeker voor de laatste groep een waarschuwing: „De VVD is geen baantjesmachine.” Wat zijn doel wel is, kan niemand die het document leest ontgaan: „Het gaat om de beste VVD’er op de juiste plaats.”

Gevraagd naar een toelichting op zijn werk begint Van der Linde te lachen. „De beste liberaal op de belangrijkste post? Dat klinkt als een goed uitgangspunt.” Over zijn werkwijze wil hij niet veel kwijt. Dat geldt ook voor de drievoudige VVD-transfer in 2016 en 2017, waarin volgens betrokkenen Van der Lindes hand nadrukkelijk zichtbaar werd. Commissaris van de koning John Jorritsma werd burgemeester van Eindhoven, Arno Brok bewandelde de omgekeerde route van Dordrecht naar Friesland en Wouter Kolff verruilde vervolgens het burgemeesterschap van Veenendaal voor dat van Dordrecht. Van der Linde tevreden: „Mijn invloed is echt heel beperkt maar over kandidaten voor die drie vacatures hadden we nadrukkelijk nagedacht. Dat klopt.”

Toch kent ook de geoliede VVD-machine zijn beperkingen. Zo was de verkiezing van Jack Mikkers in juli 2017 tot burgemeester van Den Bosch niet alleen voor de inwoners een verrassing. Van der Linde wist volgens ingewijden niet van diens sollicitatie. De VVD’er glimlacht. Afgemeten: „Het staat iedereen vrij om te solliciteren.”