Nieuw medicijn lijkt enkele mensen met ADHD te helpen

Geneeskunde Mensen met ADHD krijgen nu vaak methylfenidaat (zoals Ritalin). Nu is er een ander middel met succes getest in een kleine studie.

Een medicijn dat een signaalstof in de hersenen naäapt, verbeterde bij proef-personen met ADHD de stemming, het geheugen en het gedrag. Foto Istock

Sommige ADHD- patiënten knappen op van een medicijn dat een signaalstof in de hersenen naäapt. Daardoor verbetert hun stemming, geheugenwerking en beheersen ze hun gedrag.

Het medicijn is 4 weken getest bij dertig 12- tot 17-jarige ADHD-patiënten, waarbij met een genetische test was vastgesteld dat ze door een genfout minder goed op die signaalstof reageerden. De 30 patiënten verbeterden allemaal, schrijven de Amerikaanse onderzoekers dinsdag in een artikel in Nature Communications.

Het medicijn werkte het best bij patiënten met een foutje in een van de 279 genen die het meest bij de werking van de neurotransmitter betrokken zijn. Was een van ongeveer 600 minder betrokken genen verstoord, dan was het effect minder groot. De genetische informatie was tijdens het experiment niet bekend bij patiënten en onderzoekers. Dus het genetische deel van het experiment werd dubbelblind uitgevoerd.

Het was een kleine fase-I-studie. Officieel is dat een eerste toediening van een potentieel medicijn aan mensen om te kijken wat de maximaal verdraagbare dosis is. Maar omdat het medicijn NFC-1 (of fasoracetam) eind vorige eeuw in Japan al uitgebreid is getest al middel tegen dementie, hebben de onderzoekers nu ook meteen naar de werking gekeken.

De neurotransmitter waar het hier om gaat is glutamaat, een signaalstof die in overvloed in het lichaam en de hersenen aanwezig is. Uit onderzoek naar genen die bij ADHD-patiënten anders werken dan bij niet-ADHD-ers is bekend dat bij een deel (10 tot 30 procent) van de ADHD-patiënten een foutje is geslopen in één van de honderden genen die bij de glutamaatsignalering betrokken zijn.

Uit genetisch en biologisch onderzoek is inmiddels duidelijk dat de aandachtsstoornis ADHD niet één aandoening is. De vrij algemene diagnostische criteria in DSM-5, het handboek voor diagnostiek van psychiatrische ziekten, verhullen de genetische en biologische verschillen.

NFC-1 of fasoracetam, het nu bij ADHD geteste medicijn, is in de vorige eeuw ontwikkeld door het Japanse farmaceutische bedrijf Nippon Shinyaku. Het is in Japan als geheugenverbeteraar getest, tot aan fase-III-studies, bij mensen met vasculaire dementie. Wegens onvoldoende werking haalde het de markt niet.

De drijvende kracht achter onderzoek van fasoracetam bij ADHD- patiënten is de IJslander Hakon Hakonarson die onderzoek doet naar genen en kinderziekten aan de universiteiten van Philadelphia en Pennsylvania. Hij richtte het bedrijf NeuroFix op om het ADHD-medicijn te ontwikkelen.

Toen de uitkomsten van de nu gepubliceerde studie eind 2015 bekend werden, is NeuroFix gekocht door het bedrijf Medgenics. Dat heet inmiddels Aevi Genomic Medicine.

De fase-II-studie naar het nieuwe medicijn (nu AEVI-001) bij 60 ADHD-patiënten wordt volgende maand afgerond.

    • Wim Köhler