Column

In een trainingspak is Robin al een attractie

Zijn sierlijke linkervoet maakt me nog altijd weerloos. Van de grote teen tot het eelt op de hiel, alles staat al twee decennia paraat voor het toucheren van een voetbal. Hij heeft het zichzelf aangeleerd op de stenen van de Jaffadwarsstraat in Rotterdam.

Ik heb het over Robin van Persie; kind uit Kralingen, lefgozer van trainingscomplex Varkenoord, jongeman in De Kuip.

Hij vertrok naar het buitenland om te spelen bij Arsenal, Manchester United en Fenerbahçe. Op zijn 34ste wil Van Persie de laatste periode als profvoetballer slijten bij ‘zijn’ Feyenoord. Rotterdam wikt en weegt, moppert en juicht. Blijft zijn broze gestel heel? Kan hij zonder morren op de reservebank zitten?

Het terughalen van spelers is een hachelijke zaak. Bij Dirk Kuijt lukte het wonderwel. Zijn geestdrift en kracht was enorm; hij werd de personificatie van het behaalde kampioenschap.

Zo’n lange dip als Robin van Persie meemaakte in Turkije, heeft Kuijt niet gekend in zijn carrière. Vanwege blessures en de strenge blik van de trainer kwam Van Persie dit seizoen nauwelijks in actie bij Fenerbahçe.

Het krediet van Van Persie is minder groot dan dat van Kuijt. De Katwijker was de brave beschermheer van zijn elftal, voor het oog van de camera meed hij ieder conflict. Van Persie is brutaler, onaangepast. Geen doetje. Als iets hem niet zint, schieten woorden als rubberen kogels uit zijn mond.

Niet dodelijk, wel pijnlijk.

Ook ik heb mijn twijfels over zijn terugkeer. En toch, ze worden overschaduwd door herinneringen aan de jonge Van Persie. Aan die geniale linkspoot.

Het is zoals met oude muziekhelden: ze hoeven geen spagaat meer te maken achter de microfoon, de stem mag gebroken zijn, de hoogste noot hoeft niet gehaald, als er – zo af en toe – maar even een doorkijkje is naar vroeger.

Als Cruijff in een veteranenelftal met een dikke buik onder een shirt achteloos een bal met de buitenkant voet speelde, was ik gelukkig. Noem het heimwee naar weleer. Niets op tegen, toch? Al word je met weemoed nooit kampioen.

Als Robin van Persie komt, zal hij vermoedelijk nooit een hele wedstrijd spelen. Dat moet hij niet ook willen. Het is al goed als zijn linkervoet bij de warming-up losjes tovert met de bal.

Van Persie in trainingspak is al een attractie.

Twijfelende Feyenoordfans zullen opgewonden raken als hij volgende week het laatste kwartier meedoet in de Klassieker tegen Ajax. Een vrije trap net buiten het strafschopgebied. Van Persie legt de bal zorgvuldig neer en doet een paar passen naar achteren. Handen in de zij, kijken hoe het muurtje staat.

De afloop van de vrije trap hoef ik niet te weten.

Alleen al de massaal ingehouden adem in de Arena, de blikken van spelers en de opwinding bij verslaggevers; die spannende minuut is de terugkeer van Robin van Persie naar Feyenoord volledig waard.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.