Hé, gekwetter. Dat betekent: eten!

Illustratie Irene Goede

Je kent ze misschien uit avonturenfilms: enorme legers van mieren die als een lint door het oerwoud marcheren, alles opvretend wat ze tegenkomen.

Zulke mieren bestaan echt, in de tropen. Ze zijn niet zo groot en gulzig als in de films, maar toch. Ze trekken rond in colonnes van honderdduizenden mieren. Zo’n lint kan wel twintig meter breed zijn en tweehonderd meter lang. Niets is veilig: rupsen, spinnen, kevers, duizendpoten, zelfs hagedissen en kleine zoogdieren – alles slepen de mieren mee terug naar hun nest.

Zo’n marcherende zwerm is als een restaurant voor hongerige vogels. Niet omdat die zo graag mieren met enorme kaken lusten. Nee, de vogels eten de wirwar aan oerwoudbeestjes die op de vlucht slaan, voor het mierenleger uit.

Maar hoe weten die vogels waar zo’n feestmaal te halen is? Ze volgen hun oren, op zoek naar vogels die al aan het eten zijn. Want die kwetteren steeds: weg jij! Dit is míjn eetplekje! Dat gekissebis is in de wijde omtrek te horen. Als een soort etensbel.

Amerikaanse biologen bestudeerden de vogels rond mierenzwermen in Panama. En ze deden proefjes waarbij ze vogelgeluiden uit een luidspreker lieten komen. Zo wilden ze kijken welke vogels er op welke vogelgeluiden afkomen. Daarbij viel hen iets op. Het maakt uit wélke vogel die geluiden maakt. Is het een ‘specialist’, dus een vogel die alleen maar snackt rond mierenzwermen, en nergens anders? Dan trekt hij de meeste andere vogelsoorten aan. Namelijk specialisten zoals hijzelf, maar ook vogels die alleen sóms hun eten rond mierenzwermen verzamelen.

Andersom trekken die ‘algemene eters’ géén specialisten aan, alleen algemene eters zoals zijzelf. Met andere woorden: als jij meer verschillende manieren hebt om aan voedsel te komen, dan luisteren er minder andere vogels naar jou als jij verraadt dat je aan het eten bent.

Ingewikkeld hoor, dat doorgeven van informatie. De biologen spreken van een ‘waterval’, of een ‘domino-effect’: de informatie verspreidt zich maar in één richting door de vogelgroepen heen. Namelijk weg van de specialisten, richting de algemene eters. Waarom? Iederéén luistert naar de specialisten, want als je die hoort, dan is er zeker iets te halen wat jij lust.

Andersom is gekwetter van de algemene eters voor de specialisten niet zo interessant. Want dat kan van alles betekenen. Bijvoorbeeld: ga weg bij mijn honing! En daar heb je niks aan, als mierenspecialist.
Bron: Animal Behaviour, januari 2018
    • Nienke Beintema