Recensie

Zo’n sympathieke zaak, maar deze avond ging alles mis

Recensent en journalist Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.

Olivier Middendorp

De wet van Murphy: alles wat fout kan gaan gaat fout bij El Hermano de Kique. Nou ja, bijna alles. Bij binnenkomst gaat het nog prima. We worden vriendelijk ontvangen en – ook al is er geen kapstok („we hebben wel een kluisje”) – voelen we ons meteen thuis in deze moderne bar met warme verlichting, prettige schoolstoelen en zachte akoestiek. De uitbater presenteert ons de kaart en we starten met een sherryproeverijtje (4,50) – het is per slot van rekening een sherry- en wijnbar – dus er komen drie glaasjes op tafel met manzanilla, amontillado en oloroso, drie sherry’s van één bodega. De sherry smaakt zacht en verfijnd, er zijn wat olijven, niets staat een lekkere avond in de weg. Goed, de witte wijn voor de ander is een mindere god – een fletse garnacha blanca –, maar deze kost slechts 3,50 euro; de instapprijzen bij El Hermano zijn schappelijk. Later drinken we een prima vin nature, een blend van carignan en syrah (5,-).

Nee, het kaartenhuis stort in als we met het eten beginnen. El Hermano de Kique is een Spaans georiënteerde wijnbar met eten, maar dat eten is niet voor alleen maar ‘erbij’. De menukaart biedt vlees en vegetarische plateaus, zeven tafelhapjes (waaronder visconserven), zes soorten ham, twee mixborden met kipspiezen, spareribs, empanadas, Roseval aardappeltjes en salade, een groene (vegetarische) variant en daarnaast acht hapjes in voorgerecht-formaat.

Uit die laatste serie nemen we er zeven plus een portie ham, 50 gram Paleta Cebo Ibérico, maar liefst 25 maanden gerijpt (6,50). Wij dachten dat ie als eerste zou komen (omdat ie al klaar is), maar de ham laat de hele avond op zich wachten. Wel komen de empanadas (4,50) en tortilla met zongedroogde tomaat en spinazie (4,50) meteen op tafel. Die laatste is duidelijk opgepiept: het schaaltje is knetterheet, de tortilla lauw, smaakt oud en valt uit elkaar. We hadden één empanada met pompoen en één met kalfsgehakt besteld, maar er komen er twee met vlees. Die zijn qua vulling aardig, maar niet bijzonder. De inktvisspiesjes (5,50), met paprika gevulde pijlstaartjes, zijn lekker en komen met een pittige puttanesca-saus, die trouwens ook bij de Duroc spareribs (6,-) zit. Op de kaart worden 3 à 4 spareribs van dit lekkere varkentje aangekondigd, bij ons zijn het er slechts twee, dus onze teleurstelling is groot – net als onze trek.

De rillette van gevogelte (6,-) is gans en dik in orde en de zilveruitjes in sherryazijn zijn echt lekker, maar de gelakte aal die we ook bestelden, wordt aan het einde van ons etentje geannuleerd. „Sorry, we hebben geen aal vandaag.” „En de artisjok met rode biet dan”, vragen we inmiddels licht wanhopig? Nou, daar is ook iets mee aan de hand, want de artisjok moest nog gekookt worden en tsja, dat duurt een poosje. „Moet ik hem afbestellen?”, vraagt de uitbater. „Néé!”, roepen wij, nog lang niet verzadigd. Rap komt het gerechtje (4,-): artisjokblad met gepureerde rode biet, feta, frambozenazijn en munt. Het had lekker kunnen zijn, ware het niet dat de kok (hij vertelde eerder die avond dat hij invalt, omdat ‘de oude chef’ weg is) de ongare artisjokblaadjes van het hart heeft gerukt en wij ze als knaagdieren wegwerken. Wat een zeperd! Als de ham dan toch op tafel komt, kunnen we niet anders dan deze snel naar binnen werken. Goede ham trouwens.

We spreken, geheel tegen onze gewoonte, de uitbater aan: hoe heeft dit kunnen gebeuren en is er inderdaad sprake van een chefswissel? Hij biecht op dat er vijf zieken zijn, alles ging mis, er is geen chefswissel, maar de gerechten die normaal ’s middags al voorbereid worden, waren nog niet klaar, dit had niet gemogen. Daar zijn we het roerend mee eens. Met pijn in het hart – het is zo’n sympathieke zaak – geven we een cijfer waarover we op de middelbare school tegen onze ouders zeiden: „Jamaar, als je het naar boven afrondt, is het een voldoende.”