De meerderheid van de gemeenten die energiebedrijf Eneco bezitten, willen de commissarissen onder leiding van Edo van den Assem wegsturen. Ze zouden, met het bestuur, het verkoopproces frusteren.

Foto Martijn Beekman

‘Wij laten Eneco niet in de steek’

Edo van den Assem president-commissaris

De aandeelhouders hebben geen vertrouwen meer in de commissarissen bij Eneco. Maar die laten zich niet zomaar wegsturen.

Als het aan de commissarissen van Eneco ligt, komt er zo snel mogelijk een bemiddelaar om het conflict te beslechten tussen de 53 gemeentelijke aandeelhouders en de bedrijfstop. Lost dat niets op en zetten de aandeelhouders hun voornemen door om de voltallige raad van commissarissen te ontslaan, dan moeten de gemeenten rekening houden met een juridisch gevecht. „Dan komen we misschien wel bij de Ondernemingskamer uit”, zei president-commissaris Edo van den Assem vrijdagavond in een interview op het Rotterdamse hoofdkwartier van Eneco.

Van den Assem sprak met NRC na afloop van een bijzondere aandeelhoudersvergadering die Eneco (omzet 2,6 miljard euro, 3.500 werknemers) eind november al had uitgeschreven om zijn visie te geven op de privatisering van het energiebedrijf. Driekwart van de aandeelhouders wil Eneco verkopen, zo werd eind oktober bekend. Maar aan wie en hoe dat precies moet, daarover ruziën de bedrijfstop en de aandeelhouderscommissie (AHC) nu al maanden.

Deze week werd duidelijk dat het vertrouwen zelfs zozeer is beschadigd dat 31 gemeenten, samen goed voor 85 procent van de aandelen, van plan zijn de voltallige raad van commissarissen naar huis te sturen. Zij vinden dat de toezichthouders veel te veel op schoot zitten bij bestuursvoorzitter Jeroen de Haas, die volgens de AHC van meet af aan het verkoopproces frustreert. Van den Assem spreekt juist van een „zeer gezonde relatie”. „Eerlijk en open, ook als we het niet eens zijn.” Grootste twistpunt is nu de bevoegdheid van de commissarissen in het verkoopproces. Zij claimen (net als de aandeelhouders) een vetorecht, tot frustratie van de AHC die de koper zélf wil selecteren.

Dat de ruzie vrijdag niet is bijgelegd, is duidelijk. Verder wil Van den Assem over de „besloten bijeenkomst” niets zeggen. „Maar ik ben ervan overtuigd dat we er nog kunnen uitkomen samen.”

Waar is het tussen de commissarissen en de aandeelhouders misgegaan? Het komt toch nooit voor dat het vertrouwen in de hele raad van commissarissen wordt opgezegd?

„Ik heb heel veel overnames en fusies meegemaakt, maar dit heb ik van zijn leven nog nooit meegemaakt. Waar is het misgegaan? Als ik het wist, had ik het anders gedaan. Daar moeten we de komende tijd op reflecteren. Sinds mijn komst in 2012 zijn we vijf jaar lang bezig geweest met de splitsing [het netwerkbedrijf Stedin moest van de overheid loskomen van het energiebedrijf Eneco, red.]. We waren kapot, moesten op adem komen, en drie weken na de splitsing kondigde aandeelhouder Rotterdam plotseling aan dat ze hun belang in Eneco wilden verkopen.”

U moest dat uit de krant lezen?

„Nou, laat ik zeggen dat het niet is gegaan zoals we hadden gehoopt. We zijn realistisch, elk energiebedrijf is na de splitsing verkocht. Maar we zijn overvallen door hun stellingname.”

We zijn nu bijna een jaar verder. Los van de sfeer en de geschiedenis kan je toch concluderen dat er heel concrete geschilpunten zijn?

„Dat klopt. Het belangrijkste is dat de aandeelhouders verwachten dat we ze de absolute zeggenschap geven over de keuze van de koper. Dat kunnen ze niet van ons vragen. Je kunt een onderneming niet verkopen zonder medewerking van bestuur en commissarissen. Onze taak is om de toekomst van Eneco veilig te stellen, om na te denken over de werkgelegenheid, de continuering van de strategie. Dat zijn wij verplicht ten opzichte van de maatschappij. Het gaat niet om Edo van den Assem.”

Waar bent u zo bang voor? De aandeelhouders eisen óók dat een koper de duurzame strategie én het publieke belang onderschrijft.

„Die criteria, bijvoorbeeld als het gaat om werkgelegenheid, zijn niet scherp genoeg. Bovendien heb ik al regelmatig meegemaakt dat een koper de dag na de overname toch een ander plan trekt dan beloofd.”

De aandeelhouders vinden dat u informatie achterhoudt.

„Eerlijk gezegd komt het nu zo op ons over dat zij een prospectus willen met alle informatie en dat de aandeelhouders vervolgens de boer opgaat om een koper te vinden. Maar zo werkt het niet. Het is mijn taak om argwanend te zijn in het proces en tegenover een potentiële koper. Wij gaan geen informatie geven als we niet weten wat er mee gebeurt. Dan geef je het verkoopproces uit handen.”

En nu kondigen de aandeelhouders in een brief aan dat zij het vertrouwen in de hele raad van commissarissen gaan opzeggen.

„Dat is natuurlijk heel slecht voor de onderneming en voor de privatisering. Waarom? Omdat ik overtuigd ben dat ook een nieuwe raad van commissarissen net zoals wij het belang van dit bedrijf gaat verdedigen. Maar als ze hun dreigement waarmaken, zeggen wij niet: OK, dan stappen we op. We laten Eneco niet in de steek. We willen zo snel mogelijk een bemiddelaar. Als dat niet werkt en we zijn er geen voorstander van, maar dan komen we misschien wel bij de Ondernemingskamer.”

Oliemaatschappijen als Shell en Total worden nu genoemd als gegadigden. Past Eneco met zijn duurzame imago daarbij?

„Ik zie voordelen en nadelen, maar daar wil ik nu niets over zeggen. Dat is nou precies wat ik met de aandeelhouders zou willen bespreken. Samen selectiecriteria maken, en als we het daarover eens zijn en er zijn meerdere gegadigden, dan mogen de aandeelhouders uiteindelijk de keuze maken. Zover zijn wij gegaan.”

    • Erik van der Walle
    • Joris Kooiman