Opinie

Wie TBS-observatie weigert moet daar zelf de gevolgen van dragen

Als er één strafzaak is waar Nederland zich direct bij betrokken voelt dan is het die tegen Michael P., verdacht van de moord op Anne Faber. Deze week was de eerste zitting. Waarom beschikken we niet over een rechtssysteem dat dergelijke, zo vermijdbaar lijkende misdrijven kan voorkomen, is de vraag die velen bezighoudt. Iemand als P. had TBS moeten krijgen, maar dat gebeurde niet, kennelijk omdat P. destijds klinische observatie had geweigerd.

In 2016 weigerde de helft van deze groep observatie, juist om TBS te ontgaan. Wat moeten we toch met hen? Net als ieder ander mogen ook zij niet worden gedwongen bewijs tegen zichzelf te verzamelen – het nemo tenetur-beginsel. Is het dan mogelijk om buiten hen om toch voldoende informatie te verzamelen, waarop TBS kan worden gebaseerd?

Nu wordt er makkelijk vergeten dat strafrechters ook op eigen gezag TBS mogen opleggen. Dus zonder observatie of deskundigenrapportage. En dat gebeurt dan ook, bij een derde van alle weigeraars. Strafrechters laten zich dan leiden door hun overtuiging, brede ervaring dan wel een dwingend ‘niet pluis’-gevoel. Om het manco aan objectieve informatie te dichten stelde het kabinet al in 2013 voor de dossiers te lichten bij de therapeuten die de verdachte ooit eerder bezocht. Daarmee wordt dus het medisch ambtsgeheim gecompromitteerd. Iedere psycholoog of psychiater loopt dan het risico verlengstuk van Justitie te worden. Dat is een paardenmiddel, dat niet moet worden ingevoerd. Maar wat dan? Kamerleden van CDA en PvdA stelden voor om het bewakingspersoneel de dader in detentie te laten observeren, om aldus een TBS beslissing te helpen onderbouwen. Iedere bewaker is dan amateur-psycholoog. Of zoiets haalbaar, gepast of uitvoerbaar is, lijkt sterk de vraag.

De TBS-advocatuur kwam deze week met het ei van Columbus: schaf TBS zonder einde af. Dat maakt TBS minder bedreigend en stimuleert observatie. Iedere beëindiging van een TBS-maatregel in deze visie is, gelukkig, nog wel voorwaardelijk. De patiënt staat na vrijlating onder toezicht van de reclassering. Bij wangedrag volgt gedwongen heropname, opgelegd door de rechter. Zoiets levert vast meer ‘vrijwillige’ aspirant TBS-patiënten op. Maar dus ook veel meer ex-patiënten op vrije voeten, wier TBS voorwaardelijk is beëindigd.

Moet nu echt iedere TBS-patiënt uitzicht krijgen op terugkeer naar de samenleving? Dus ook de gevaarlijkste categorie, die dat perspectief nu niet heeft en wel om goede redenen? Bijvoorbeeld omdat hun behandeling mislukte of omdat ze die weigerden. Afschaffing van TBS voor onbepaalde tijd komt dan neer op het ontgrendelen van de zogeheten Longstay-afdelingen. Dat is een hoogst onverantwoordelijk plan.

Wie moet de prijs betalen voor de TBS-weigeraars: de verdachten die uit eigenbelang het probleem veroorzaken. Of de samenleving die zich tegen Michael P.’s wil beschermen? Eigenlijk blijft er maar één (harde) oplossing over. In plaats van het vieren van de teugels, zoals de advocaten willen, is ook aanscherping mogelijk. Wie observatie weigert, draagt zelf de gevolgen. Net als diegenen die bij alcoholverdenking de blaastest weigeren. Strafrechters mogen TBS opleggen op eigen gezag. Als zij dat in beginsel bij alle weigeraars doen, zal het aantal weigeraars slinken. Observatie weigeren, resulteert dan per definitie in TBS. Daar hoeft geen wet voor te worden veranderd. De advocaten zullen dan snel bijdraaien, net als hun cliënten.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.