Rekenkamer: college Rotterdam stelt te weinig doelen

Het Rotterdamse stadsbestuur heeft de helft van zijn doelstellingen gerealiseerd – alleen waren het er maar acht, zegt de Rotterdamse Rekenkamer in een kritisch rapport.

Foto iStock

Het stadsbestuur van Rotterdam heeft de afgelopen jaren te weinig doelen geformuleerd om te kunnen meten in hoeverre de ambities zijn gerealiseerd. Het college geeft verder geen toelichting waarom de helft van de doelstellingen niet is gehaald, wat „een volwaardige openbare discussie tussen de raad en het college” belemmert.

Dat staat in een rapport van de Rekenkamer Rotterdam over de realisatie van het collegeprogramma in de periode 2014-2018, dat vrijdagmiddag is gepubliceerd. De Rekenkamer noemt het „opmerkelijk” dat het college in een reactie wél stelt dat de acht meetbare doelstellingen de ambities weerspiegelen. Ook pleit de Rekenkamer voor jaarlijkse „mijlpalen” bij doelstellingen om de voortgang te kunnen meten.

Het aantal doelstellingen van Rotterdamse colleges daalt al jaren, merkt de Rekenkamer op. Sinds 1998 hebben de afgelopen colleges achtereenvolgens 41, 88, 55 en 23 doelstellingen geformuleerd.

‘Minder prioriteit’

„Aan de ene kant is 88 veel te veel, dat is bijna niet te verantwoorden”, zegt directeur Paul Hofstra van de Rotterdamse Rekenkamer. „Maar 8 vinden wij te weinig. Het vorige college had 23 targets, dat is mooi in balans. Het is ook ingewikkeld en het kost energie om over alle doelstellingen verantwoording af te leggen. Maar het lijkt erop dat achtereenvolgende colleges er minder prioriteit aan geven – ik zeg het voorzichtig. En dat is jammer voor de rekenschap aan de Rotterdammer.”

Het college van Leefbaar Rotterdam, D66 en CDA formuleerde oorspronkelijk tien ‘targets’. Over acht daarvan zijn resultaten gedeeld. De doelstelling ‘integratie’ is komen te vervallen en aan ‘betere onderwijsresultaten’ is wel gewerkt, maar niet als officiële doelstelling.

Het college heeft vier van de acht doelstellingen gehaald.

1. Er zijn tot eind vorig jaar meer dan 12.000 bijstandsgerechtigden aan werk geholpen: gecorrigeerd ruim 13.000.

2. Het aandeel gezinnen met middeninkomens in wijken rond het centrum is met meer dan 10 procent gestegen – zelfs 25 procent – tot in totaal 8,5 procent medio vorig jaar.

3. Er is tot eind vorig jaar ruim 161.000 vierkante meter kantooroppervlak getransformeerd of gesloopt: bijna 35 procent meer dan de doelstelling.

4. Bezoekers verblijven 10 procent langer in de binnenstad, zoals beoogd.

Lees ook de NRC checkt: ‘Afgelopen vier jaar 12.000 uitkeringsgerechtigden aan het werk in Rotterdam’

Drie doelstellingen heeft het college nog niet, maar bijna gehaald.

1. De veiligheid in wijken is verbeterd en heeft nu een gemiddelde indexscore hoger dan 100. Maar in wijken zoals bijvoorbeeld Hillesluis en Bloemhof op Rotterdam-Zuid is de veiligheid niet genoeg gestegen en in de Tarwewijk is het juist minder veilig geworden.

2. In 98 procent van 66 wijken die het CBS onderscheidt, is het buiten schoner geworden – alleen de Afrikaanderwijk op Zuid is net onder de norm blijven hangen.

3. Het gebruik van openbaar vervoer is met meer dan 10 procent (10,7 procent) gestegen, maar de stijging van het fietsgebruik is op 8,3 procent blijven steken.

Wat het stadsbestuur niet voldoende is gelukt, is de eenzaamheid verminderen. Het totale aantal eenzame ouderen daalde van 29 naar 26 procent. In wijken met veel eenzame ouderen, was de daling duidelijk, maar de beoogde 5 procent is niet gehaald.

Het college van Rotterdam zegt in het eigen rapport Eindstand Collegeprogramma dat de stad de afgelopen vier jaar „groener, gezelliger en veiliger” is geworden. De eigen verantwoording over de doelstellingen richting de Rekenkamer is „juist en betrouwbaar” gebleken. De doelstellingen waren „ondersteunend” aan de ambities, volgens het college. Jaarlijkse ‘mijlpalen’ of metingen zijn kostbaar en het college wil waken voor „teveel enquêtedruk” voor Rotterdammers.

    • Eppo König