Opinie

    • Hubert Smeets

De NAVO brak zijn woord aan Rusland niet

Denkt Moskou terecht dat de NAVO-landen hun belofte schonden niet uit te breiden naar het oosten? Wie de Russische bronnen bestudeert, zoals , ziet juist aan die kant onbegrip en gemiste kansen.

George Bush sr., Michail Gorbatsjov en Helmut Kohl

Rusland is uit op revanche en dat is mede de schuld van het Westen. Jaap de Hoop Scheffer, voormalig secretaris-generaal van de NAVO, zei deze week in Nieuwsuur dat de alliantie in 2008 niet de deur voor Oekraïne had moeten openzetten, mede omdat Kiev volgens Moskou de bakermat is van het Russische christendom. Twee jaar geleden zei hij in de Volkskrant ook al eens zoiets.

De Hoop Scheffers inzicht draaide om Oekraïne en Georgië, twee ex-Sovjetrepublieken die tien jaar geleden wilden toetreden tot de NAVO en vervolgens – in 2008 respectievelijk 2014 – werden getrakteerd op Russische interventies. De kiem van de spanningen ligt echter in 1990. Het Westen zou Sovjet-Rusland toen hebben toegezegd niet verder in oostelijke richting uit te breiden. Maar de NAVO breidde toch uit: vanaf 1999 naar Polen en verder.

Woordbreuk, zegt president Vladimir Poetin nu al tien jaar. „Keer op keer zijn we achter onze rug om bedrogen”, aldus Poetin. Dat zou een Russisch ‘Versailles-syndroom’ rechtvaardigen – naar het verdrag van Versailles (1919) waarbij het verslagen Duitsland verder door het stof moest – en het huidige revanchisme in Moskou. De Hoop Scheffer vergoelijkt dat laatste weliswaar niet, maar hij erkende de „vernedering” door het Westen te hebben onderschat.

Realisme en begrip zijn nuttige eigenschappen in het geopolitieke verkeer. Maar de feiten en omstandigheden moeten wel kloppen. Heeft de NAVO inderdaad een belofte geschonden? Al jaren wordt naar bewijsmateriaal gezocht, vooral in de Verenigde Staten. Uit Russische archieven, die minder open zijn dan de Amerikaanse, is tot nu toe niets substantieels opgedoken.

Gorbatsjov liet zelf kans lopen om nieuw verdrag met het Westen te sluiten

Vorige maand leverden twee historici van het National Security Archive in Washington een imposante bijdrage aan het historische debat. Op basis van oude en nieuwe bronnen concluderen Svetlana Savranskaya en Tom Blanton dat Westerse leiders de Sovjet-Unie in 1990 inderdaad veiligheidsgaranties hebben voorgespiegeld.

Hun redenering spitst zich toe op de onderhandelingen die de VS en de Sovjet-Unie na de val van de Berlijnse Muur (1989) voerden over de toekomst van Duitsland. Bondskanselier Helmut Kohl en minister Hans-Dietrich Genscher van Buitenlandse Zaken wilden dat een herenigd Duitsland lid kon worden van de NAVO. De Amerikaanse president George Bush en zijn Secretary of State James Baker deelden dat standpunt. Sovjetpresident Michail Gorbatsjov uiteraard niet. De DDR was een hoeksteen van het communistische Warschaupact, dat door de omwentelingen in Oost-Europa toch al zieltogend was. Om de Sovjet-Unie mild te stemmen, opperde Genscher begin 1990 een deal: geen ‘expansie’ van de NAVO, mits heel Duitsland lid mocht worden van de Westerse alliantie.

Lees ook: Hubert Smeets over de nieuwe Gorbatsjov-biografie

Op 9 en 10 februari 1990 bereikte het debat een climax. Op bezoek bij Gorbatsjov vroeg Baker zijn Russische gesprekspartners wat ze liever zouden hebben: een neutraal Duitsland, dat door zijn economische potentieel weer een (nucleaire) grootmacht kon worden, of een Duitsland binnen de NAVO, die daarna „geen inch” verder oostwaarts zou trekken? Baker opperde dit niet één maar drie keer. Bovendien opereerde hij niet op eigen houtje. Kohl suggereerde een dag later in Moskou hetzelfde. Ook CIA-directeur Robert Gates bracht zo’n oplossing die dagen ter sprake in een onderhoud met zijn KGB-evenknie Vladimir Krjoetsjkov. Kortom, er was sprake van een heuse Amerikaanse beleidslijn, aldus Savranskaya en Blanton.

Ware het niet dat president Bush zijn gezanten terugfloot. Wie had in de Koude Oorlog aan het kortste eind getrokken? „To hell with that. We hebben gewonnen, zij niet”, zei hij twee weken later tegen Kohl. Dat bevroedde Gorbatsjov niet, ook niet toen Baker en Kohl in de maanden daarna nooit meer terugkwamen op hun suggestie.

Discussie gesloten? Poetin heeft formeel weliswaar ongelijk, omdat er nooit iets zwart op wit is vastgelegd, maar hij heeft wel reden zich bedonderd te voelen. Nee, zo simpel is het ook weer niet. Net als veel andere Amerikaanse onderzoekers kijken Savranskaya en Blaton vooral met een Westerse bril naar de snelkookpan van 1989-1990, toen, zoals Gorbatsjovs adviseur Valentin Falin het samenvatte, „de geschiedenis honderd jaar in honderd dagen samenperste”.

Duitse eenwording

Die visie gaat er echter aan voorbij dat de Duitse eenwording geen eenrichtingsverkeer was, maar een proces waarin ook de Sovjet-Unie haar eigen rol speelde. Gorbatsjov vond, net als Bush, dat een neutraal Duitsland een gevaar voor Europa zou zijn. Hij erkende zelfs dat de aanwezigheid van Amerikaanse troepen een stabiliserende factor was. Gorbatsjov stelde vervolgens de gouden formule voor die zwart op wit een einde aan de onenigheid maakte: „De Verenigde Staten en de Sovjet-Unie zijn het met elkaar eens dat het herenigde Duitsland zelf mag besluiten van welk bondgenootschap het lid wil zijn.” En het was Gorbatsjov die in een gesprek met Baker zei dat het geen „wilde fantasie” was te denken dat ook de Sovjet-Unie lid kon worden van de NAVO. De stelling dat Sovjet-Rusland in 1990 eenzijdig door het Westen is bedrogen, is daarom ongegrond.

Lees ook: Column van Luuk van Middelaar, ‘Geen centimeter oostwaarts’

Het stuk van Savranskaya en Blanton is een imposant stuk dat het hele veld bestrijkt en nieuwe inzichten biedt. En toch heeft het nuance nodig, en wel vanuit een meer Russisch perspectief. Neem de aantekeningen die drie naaste medewerkers van Gorbatsjov hebben gepubliceerd van de vergaderingen van de partijtop tussen 1985 en 1991. Dat cruciale bronnenmateriaal benutten ze amper. Maar op grond daarvan (en memoires van andere Sovjet-functionarissen) zijn aanvullende conclusies mogelijk.

  • De Sovjet-Unie werd overvallen door het tempo waarin de ‘Duitse kwestie’ zich ontrolde. De regering had haar handen vol aan problemen in eigen land, van voedselschaarste en financiële tekorten tot ambitieuze nationale minderheden en conflicten in de partij.

  • Moskou dacht het te kunnen uitzingen met de vertragingsstrategie die de partijtop op 26 januari 1990 (bijna drie maanden ná de val van de Berlijnse Muur) had uitgestippeld. Maar toen de ontwikkelingen in Duitsland hun eigen gang gingen, nam Gorbatsjov zélf het initiatief voor een oplossing. Daarmee liet hij de kans lopen om de Amerikaanse suggestie te verzilveren voor een concreet verdrag over nieuwe bondgenootschappelijke verhoudingen in heel Europa.

  • Over de toekomst van Oost-Europa sprak intussen niemand. Ook de Sovjet-regering niet, die weinig benul had van de stemming in haar ‘satellietstaten’. Ze dacht dat die landen om historische redenen anti-Duits waren en gaf zich er geen rekenschap van dat (naoorlogse) anti-Russische sentimenten zouden kunnen uitmonden in het verlangen om lid te worden van de NAVO.

  • Een treffende illustratie voor deze wereldvreemdheid is een gesprek in 1990 tussen KGB-chef Vladimir Krjoetsjkov en CIA-directeur Robert Gates. „Ook de Polen zijn bezorgd dat een verenigd Duitsland een bedreiging kan worden”, zei de KGB’er. Dat de Midden- en Oost-Europese landen na de val van de Muur geen boodschap meer hadden aan invloedssferen maar soevereiniteit opeisten, drong ook niet door tot Gorbatsjov. In gesprek met Baker waarschuwde hij, de Poolse leider Jaruzelski citerend, voor „een revanchistisch Duitsland”. De nieuwe regering in Warschau, gedomineerd door de vrije vakbond Solidariteit, zocht echter allereerst een verdedigingslinie tegen Moskou.

  • In de ‘wittebroodsweken’ na 1991 – de Sovjet-Unie was uiteengevallen in vijftien onafhankelijke staten, de nieuwe presidenten Bill Clinton én Boris Jeltsin keken uit naar het ‘vredesdividend’ – was een door Polen geëntameerde NAVO-uitbreiding geen groot issue voor Moskou. Pas in 1995 rook het onraad. Dat jaar zette Clinton de deur open voor Polen, Tsjechië, Slowakije en Hongarije, die tot 1991 lid waren geweest van het Warschaupact. Om de dreun in Rusland te verzachten, werd tegelijkertijd een permanente NAVO-Rusland-raad opgericht. Indachtig Gorbatsjovs ‘fantasie’ sloot de NAVO zelfs niet uit dat Rusland ooit kon toetreden.

Een kwart eeuw later kun je zeker betogen dat een naïeve Gorbatsjov zich de kaas van het brood heeft laten eten en dat Jeltsin ook niet scherp was. Maar dat miskent een andere historisch feit, dat net een maatje groter is dan deze verguisde ex-presidenten.

Ondanks het failliet van het communistische systeem was Sovjet-Rusland een nucleaire supermacht. De NAVO was daarvoor beducht. Moskou had zijn macht wellicht zwart op wit kunnen verzilveren, mede omdat de westerse bondgenoten het in eigen kring het niet a priori eens waren over de Duitse eenwording.

Rusland is ook nu een grootmacht. Dat het naar eigen zeggen lijdt aan een Versailles-syndroom is daarom niet veel meer dan een diagnose achteraf, vermoedelijk voor binnenlands gebruik. Maar dat is geen reden om alleen te mekkeren over ‘bedrog’ van het Westen. Rusland moet ook de hand in eigen boezem steken.

Voor een uitvoeriger overzicht van het jaar 1990 en daarna: lees hier.

    • Hubert Smeets