Opinie

    • Japke-d. Bouma

Vrouwen moeten zacht zijn

Japke-d. Bouma schrijft wekelijks over de taal die zij om zich heen hoort. Deze week: de ‘zachte vrouwen’ van ‘dieetgoeroe’ Sonja Bakker.

Het nieuwe jaar is koud van start of ik ben taalgewijs alweer hevig in verwarring. Dat komt door een interview met „dieetgoeroe” Sonja Bakker, afgelopen zaterdag, in de Telegraaf. Bakker vindt het maar onzin dat er vrouwen zijn die keihard sporten om een „killerbody” te krijgen. Ze zei – en daarvoor ging ze „even terug naar de basis, naar de oertijd” – dat een vrouw „zacht moet zijn, van binnen en van buiten”. Een man mag best stevig zijn, „want hij moet mij beschermen. Maar als ik een strak wasbordje heb, denkt die man toch: hier kan geen kind meer uitkomen?” Een vrouw hoort „letterlijk in de keuken om lekkere hapjes te maken”, zei Bakker.

Ik zit er al sinds zaterdag non-stop over na te denken. Want op zich is het natuurlijk hartstikke fijn dat Sonja Bakker ons adviseert over mannen en vrouwen (dat heet tegenwoordig ‘gender’). Maar dit advies vond ik te summier en verwarrend.

Want wat zijn zachte vrouwen? Grote knuffels die je niet mag wassen? En zijn ‘zachte vrouwen’ weer anders dan ‘sterke vrouwen’ met ‘sterke persoonlijkheden’ waar ik ook wel eens over hoor? Ik bedoel: kan je als vrouw zacht zijn van buiten én een sterke persoonlijkheid van binnen hebben?

En dan die oertijd. Dat hoor ik ook vaker, dat we daarnaar terug moeten. Moeten we dan ook weer in berenvellen in grotten gaan wonen? Ik zou in dit kader ook graag de eierkoek noemen. Ik las dat Sonja Bakker die ooit als „gezond tussendoortje” had aanbevolen. Hadden ze die eierkoeken ook al in de oertijd? Hadden ze toen überhaupt tussendoortjes?

Ik vraag me bovendien af of vrouwen eigenlijk wel zo zacht waren in de oertijd. Volgens de wetenschap waren ze toen namelijk nogal druk met bessen verzamelen, grote bossen sprokkelhout sjouwen en het regelmatig omdraaien van mammoetvlees boven open vuren. Daar moest je juist enorm gespierd voor zijn. Áls die vrouwen dat al deden. Want die wetenschappers waren er niet bij, die gokken natuurlijk ook maar wat. Het kan dus zomaar dat het juist de mannen waren die in de grotten bleven en zacht waren – weten wij veel.

Wat is een zachte vrouw? Een knuffel die je niet mag wassen?

Maar de hamvraag is natuurlijk: hoe kan je én een zachte binnenkant én een zachte buitenkant hebben? Als je zacht bent aan de buitenkant heb je sterke botten nodig en als je een zachte binnenkant hebt, moet je een harde buitenkant hebben omdat alles er anders uitloopt. En HOE zacht moet ik dan zijn van Sonja Bakker? Ik vind dat bij een eitje al lastig, om dat precies zacht genoeg te krijgen, laat staan zo’n heel lichaam. Verder vroeg ik mij nog af hoe je als zachte trilpudding-vrouw ooit door het glazen plafond kan breken. Helemaal als je de hele tijd „letterlijk” in de keuken moet blijven om lekkere hapjes te maken.

Ik zat ook nog te denken aan die vrouwen met die killerbody’s. Hoe komt daar ooit nog een kind uit? Ik heb maar bedacht dat de gynaecologen tegenwoordig heel knap zijn. Ik dacht ook aan Dafne Schippers en haar wasbordje. Hoewel, ik heb nog nooit een man over Schippers’ lichaam horen klagen – maar dat kan natuurlijk ook aan de kroegen liggen waar ik kom. Daar zijn het overigens vaak juist de mannen die vrij zacht zijn – door het bier.

Maar daar komt Sonja Bakker natuurlijk niet. Die staat 24/7 lekkere hapjes in de keuken te maken.

Taaltips via @Japked op Twitter.
    • Japke-d. Bouma