Opinie

Lachen met salafisten

Nederland heeft twee burgemeesters die Ahmed heten. Marcouch, van Arnhem, waarschuwt al jaren dat we te naïef denken over het salafisme, dat hij wil verbieden. Aboutaleb, van Rotterdam, heeft op de radio beweerd dat elke moslim ‘een beetje salafist’ is, of zelfs ‘jihadist’.

Dat contrast tussen die twee PvdA-burgemeesters is raar, en alleen al daarom was het terecht dat de Rotterdamse gemeenteraad donderdagavond debatteerde over Aboutalebs uitspraak. Of hij die wilde terugnemen, vroeg Tanya Hoogwerf van Leefbaar Rotterdam, dat het debat had aangevraagd. Het antwoord: „Onomwonden nee.”

De SP-fractie noemde het „een onzinnig debat, een academische discussie”. Islampartij NIDA vond het „opgeklopt, voor de bühne”. Hun teneur: die geradicaliseerde moslims zijn het probleem, en of je die nu salafist of jihadist noemt, ach, dat zijn maar woorden.

Maar we hebben woorden juist nodig om te voorkómen dat alle moslims gezien worden als potentiële terroristen. Als elke moslim „een beetje salafist” is, ben je terug bij af, en scheer je ze weer over één kam. Aboutaleb is zelf kennelijk in staat om al die delicate nuances aan islam-smaken te onderscheiden zonder etiketten. Voor de minder verfijnden der aarde zijn moslims hiermee weer één diffuse groep.

Aboutaleb verdedigde zich. Op de radio had hij het bedoeld „als kwinkslag, met een knipoog”. Ik denk niet dat fundamentalistische jihad-ronselaars er ook om konden grinniken. Die dachten ongetwijfeld een goedkeurend stempel te hebben ontvangen van deze burgemeester. Ook de moskeeën uit de grote steden stonden er gebroederlijk bij te applaudisseren in een persverklaring.

En er kwam dit opgefokte, schreeuwerige raadsdebat in de stad die onder een vergrootglas ligt nu PVV en Denk er meedoen aan de verkiezingen.

Al met al krijg je niet de indruk dat Aboutalebs kwinkslag de bevolkingsgroepen veel dichter bij elkaar heeft gebracht.

Verhelderend werd het donderdagavond ook al niet. Hebben Marcouch, de AIVD, de regering en allerlei islamologen het nu allemaal fout volgens Aboutaleb, als ze het salafisme als gevaarlijke, ongewenste stroming zien?

PvdA-woordvoeder Marco Heijmen betoogde dat „we niet alle salafisten op één hoop moeten gooien”. En de burgemeester benadrukte nog maar eens dat hij „zich over een aantal uitingsvormen van het salafisme” wel degelijk „zorgen maakt.”

Als dat zo is, dan zijn er niet minder maar méér etiketten nodig. Dan moet de burgemeester niet het complete salafisme een goedkeurend aureool geven door zichzelf gekscherend „salafist” en „jihadist” te noemen. Dan kan hij beter pleiten voor nieuwe, nauwkeuriger woorden, die dan tot dezelfde zwart-voor-je-ogen-categorie gaan behoren als fascisme, verkrachting of kanker. Woorden waar je geen kwinkslagen over maakt.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek iedere vrijdag een column.