Opinie

    • Clarice Gargard

Het goede voornemen dat actueel blijft

De smeulende vuurwerkresten zijn nog niet van straat geveegd of we hebben alweer een reeks aan schandalen voor de boeken. Het Grote Kech-debat, een politieke partij (Forum voor Democratie) die weer eens het ontslag van een ‘gewone Nederlander’ eist – ditmaal ons aller weerman-next-door Gerrit Hiemstra – en een IOC-lid dat ‘va-banque’ fysieke mishandeling met handjeklap verwart en zich zodoende genoodzaakt zag af te treden. Het nieuwe jaar begint moeizaam en goede voornemens vliegen de deur uit. Maar misschien is dat niet zo erg als we denken.

Afvallen, stoppen met roken en sparen zijn veelal de voornemens die mensen aan het begin van het nieuwe jaar hebben. Die voornemens zijn aan mij niet besteed: ik moet volgens mijn Amerikaans-Afrikaanse familie juist aankomen, roken doe ik zelden en om te kunnen sparen moet je meestal ook wat geld hebben. Toch vraag ik me af wat het nut is van voornemens als we ze niet nakomen.

De nieuwjaarsresoluties zoals we ze kennen schijnen uit de Romeinse tijd te stammen. De god Janus – die als inspiratie fungeerde voor de maand januari – bewaakte de poorten van de hemel als een veredelde beveiliger. Door wierook, wijn en cake aan hem te offeren, zagen de Romeinen hun kans schoon om een plekje in de hemel te bemachtigen. Zoals je in deze tijd, ik zeg maar wat, een fractieleider van een politieke partij een appartement cadeau zou kunnen doen.

Uit de middeleeuwse literatuur kennen we een andere traditie van goede voornemens: de gelofte op een vogel. Aan een feestmaal bieden ridders tegen elkaar op en zweren bij de (gebraden) vogel op tafel – een pauw, een fazant of een reiger – welke nobele daden ze binnenkort zullen verrichten, welke vijand ze zullen verslaan, of hoe kuis ze wel niet zullen leven.

Het is juist bewonderswaardig om ondanks tegenslagen de hoop niet te verliezen

Tegenwoordig faalt de helft van de mensen in het nakomen van de goede voornemens. Toch blijft de traditie om het leven te beteren hardnekkig voortbestaan. Volgens sommigen is ze overbodig, maar het is juist bewonderenswaardig dat we ongeacht tegenslag de hoop om te zegevieren niet verliezen. „De definitie van krankzinnigheid is telkens hetzelfde doen en een ander resultaat verwachten”, luidt het bekende gezegde. Je zou ook kunnen beargumenteren dat het juist die volharding is die ons inherent menselijk maakt.

Het jaar 2017 werd gekenmerkt door tumultueuze wanorde. Het was het jaar waarin we een despoot het hoogste ambt van onze wereld zagen bekleden. Naties verrezen door dictators te verdrijven en naties vielen door te zwijgen over de ongebreidelde genocide in hun land. Rampen vernietigden steden en gemeenschappen herbouwden die. Mensen werd het zwijgen opgelegd en anderen spraken voor het eerst zo oorverdovend luid dat de hele wereld op haar grondvesten leek te schudden.

Tussen alle botsingen van hemelse proporties in snakken we ook naar ontlading. Dat is duidelijk voelbaar als je de lovende reacties op de Golden Globe-speech van Oprah Winfrey ziet. Oprah, één van de rijkste vrouwen ter wereld, verkoopt een droom die voor velen niet waar te maken is. Toch raakt haar bezielende boodschap recht in het hart.

Het is zoals vrijheidsstrijder Martin Luther King eerder zei: „We moeten eindige teleurstelling verwachten zonder de oneindige hoop te verliezen.” Een beter voornemen om elk jaar te herhalen kan ik niet bedenken, juist nu die hoop steeds meer op de proef wordt gesteld.

Clarice Gargard is programmamaker bij BNNVARA en publicist.
    • Clarice Gargard