Opinie

    • Ellen Deckwitz

Een eeuwig hutje

Ellen

Nu mijn straat het verdienmodel dat Airbnb heet heeft ontdekt, is het in mijn voorheen kalme buurt een drukte van jewelste. Dronken gelach en aanbellen bij de verkeerde woning (doorgaans de mijne) kan ik op zich nog wel aan, maar ik word gek van al dat rolkoffergeratel. Ik vraag me weleens af of het nog wel de moeite waard is om in de stad te wonen. Ja, je zit centraal, vlakbij je werk en aanverwante actie, maar al die overlast zorgt ervoor dat ik af en toe op Funda zoek naar een hei met een leuk hutje erop.

Afgelopen week verbleef in het huis naast het mijne een clubje Spanjaarden, en ze maakten op een gegeven moment zo veel lawaai dat ik begon te vermoeden dat het gewoon revanche was voor de Tachtigjarige Oorlog. Chagrijnig zocht ik het stilste plekje van mijn huis op (de kledingkast in mijn slaapkamer) om daar maar een boek te lezen, hopend dat de Spaanse furie snel zou zijn geluwd.

Dankzij de geluiddempende eigenschappen van mijn kleding (leve al mijn voorgevormde en extra gevulde beha’s) vergat ik algauw het kabaal en werd ik opgeslokt door mijn boek, een biografie over farao Hatsjepsoet. Al lezende ontdekte ik dat de oude Egyptenaren eigenlijk helemaal niet zoveel van mij verschilden. Tijdens de opkomst van de grote steden (rond 2000 voor Christus woonden er in Memphis al 60.000 mensen) hadden rijk en arm een ding met elkaar gemeen: ze wilden weg van de stad, van de stank, de hysterie. Veelzeggend genoeg zag de Egyptische versie van het paradijs eruit als een platteland vol wuivende rietvelden en buitenhuisjes: een soort Center Parcs, maar dan zonder schreeuwende Duitsers. Tot in de eeuwigheid kon je daar vanuit een comfortabele villa genieten van het landleven.

Maandag werd ik gebeld door een vriendin uit Groningen. Zij verwisselde jaren geleden de stad voor het platteland en was daar zielsgelukkig. Na de beving van afgelopen maandag zat haar hele woonkamerwand onder de scheuren en stond de bijkeuken opeens scheef. Ze was in tranen. Ik voelde me even heel verdrietig. Zelfs al denk je dat je je droomhuis hebt gevonden, dan is er nooit de zekerheid dat het altijd zo blijft, dankzij een overheid die gaswinning belangrijker vindt dan veilig wonen. Die weinig doet aan de wildhuur aan woningen via Airbnb, want hé, meer toerisme is meer inkomen.

En zo stuiven onze huizen onder onze voeten vandaan. Geloofden we maar net als de oude Egyptenaren dat ons beste huis nog moet komen, na onze dood, wat onze tijdelijke verblijfplaats draaglijker zou maken.

schrijft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.
    • Ellen Deckwitz