Woede over subsidie tabaksindustrie

Onderzoekssubsidie De Universiteit Utrecht accepteerde een paar ton subsidiegeld van een sigarettenfabrikant. De vereniging van oncologen vindt dat immoreel.

Poolse douane en politie onderzoeken in juli 2016 een container met gesmokkelde sigaretten, afkomstig uit Maleisië. Foto EPA

KWF Kankerbestrijding heeft gedreigd geen nieuwe onderzoekssubsidies meer aan de Universiteit Utrecht en eraan gelieerde onderzoeksinstituten toe te kennen, nadat het universiteitsbestuur een subsidie van sigarettenfabrikant Philip Morris had geaccepteerd. Na overleg is dat voornemen van het grote kankeronderzoeksubsidiefonds afgezwakt. Deze ene subsidie ziet het KWF nog door de vingers. Het ging om geld voor onderzoek naar sigarettensmokkel door een jurist van de Universiteit Utrecht.

Maar de Nederlandse Vereniging voor Oncologie (NVvO) is het er niet mee eens. De NVvO stuurde vorige week een brandbrief naar het College van Bestuur van de Universiteit Utrecht, met een oproep om alsnog af te zien van de subsidie. De koepelorganisatie voor 25 beroepsverenigingen op het gebied van kankerbestrijding schrijft dat zij „zeer ontstemd is dat de Universiteit Utrecht commerciële banden onderhoudt met een fabrikant van een van de dodelijkste genotmiddelen”. De NVvO stelt: „Roken is een medische, menselijke en maatschappelijke ramp”.

„Geld aannemen van de tabaksindustrie mag strikt genomen legaal zijn”, zegt Lukas Stalpers, radiotherapeut in het AMC Amsterdam en secretaris van de NVvO, „maar het is ook immoreel. Roken veroorzaakt in Nederland per jaar 20.000 doden.”

In een brief aan de NVvO laat de universiteit weten niet van plan te zijn rechtsomkeert te maken. Wetenschappelijke onafhankelijkheid en integriteit van het onderzoek zijn gewaarborgd, schrijft het bestuur.

De afgelopen vijf jaar stak het KWF miljoenen in 92 onderzoeksprojecten bij Utrechtse onderzoeksinstituten. Dat zijn de universiteit, het UMC Utrecht, het Wilhelmina Kinderziekenhuis en het Hubrecht Instituut. In december kwamen KWF en Universiteit Utrecht „in goed overleg” (zegt de UU) of „in een stevig gesprek” (volgens KWF) overeen dat Utrechtse onderzoekers nog wel voor subsidies in aanmerking komen, op voorwaarde dat de universiteit voortaan geen ‘tabaksgeld’ meer zal accepteren. Het KWF heeft sinds januari 2017 in zijn subsidievoorwaarden staan dat ontvangende instellingen niet tegelijkertijd geld van de tabaksindustrie mogen aannemen.

Met de omstreden subsidie van 360.000 euro uit een fonds van Philip Morris gaat hoogleraar Europees strafrecht John Vervaele onderzoek doen naar tabakssmokkel. „Heel erg dom dat het universiteitsbestuur dit toestaat”, zegt Hans Clevers, onderzoeksdirecteur van het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie en universiteitshoogleraar in Utrecht. „De tabaksindustrie probeert hiermee een academisch tintje te geven aan het onderzoek. Maar het is doorzichtig, want ze zullen de uitkomsten gebruiken in hun eigen voordeel. De illegale smokkel is volgens hen het gevolg van de hoge accijnzen op tabak.”

Dit is geen gewoon onderzoek dat gesubsidieerd wordt vanuit het bedrijfsleven, benadrukt Clevers. „Biomedici doen ook onderzoek met geld van de farmaceutische industrie en dan moet je altijd verdacht zijn op belangenverstrengeling. Maar tabak is gewoon vergif. Als het nu uitgevonden zou worden, was het uitgesloten dat het ooit op de markt zou komen.”

Andere onderzoekers verbonden aan de Universiteit Utrecht voelen zich ook door hun bestuur in hun hemd gezet. Hoogleraar Martin van den Berg tweette: „Als Utrechtse toxicoloog stijgt het schaamrood mij naar de wangen [...].” Van den Berg noemt het „zeer betreurenswaardig dat de Universiteit Utrecht haar nationale en internationale reputatie op het spel zet door onderzoek voor de tabaksindustrie te gaan doen. Andere toonaangevende universiteiten in Noord-Amerika en Europa weigeren wel principieel om onderzoek te doen voor de tabaksindustrie.”

Oncologen van het UMC Utrecht laten via de afdeling voorlichting weten „geen bijdrage” te willen leveren aan de berichtgeving over dit onderwerp. Vervaele wil volgende maand daadwerkelijk beginnen. De jurist zegt dat hij niet inhoudelijk kan reageren, verklaart hij aan de telefoon, „omdat alle woordvoering hierover via het College van Bestuur loopt”.

    • Sander Voormolen