Oproer wegens hogere prijzen

Tunesië

De Tunesische regering probeert te bezuinigen, maar stuit op onverwacht fel verzet van mensen uit de armere bevolkingslagen.

Tientallen Tunesiërs gearresteerd tijdens protest tegen hogere prijzen. foto fethi beladi

Tunesië mag het meest democratische land zijn in de Arabische wereld, het betekent niet dat de Tunesiërs per se gelukkiger zijn met hun regering dan elders. Duizenden woedende Tunesiërs gingen de afgelopen dagen in een twintigtal steden de straat op om te protesteren tegen prijsverhogingen en bezuinigingen die door de regering begin dit jaar waren afgekondigd.

Op veel plaatsen kwam het maandag en dinsdag tot botsingen tussen betogers en de politie. Bij een daarvan in Tebourba, zo’n 30 kilometer van de hoofdstad Tunis, kwam maandag een man om toen de politie traangas inzette. Er vielen ook tientallen gewonden. Plunderaars sloegen toe bij bankgebouwen en supermarkten, maar ook bij overheidsgebouwen. Ruim 200 mensen zijn gearresteerd.

Begrotingstekort

De protesten waren ingegeven door prijsverhogingen per 1 januari voor onder meer benzine, telefoon- en internetdiensten. De regering zag zich hiertoe genoopt om het begrotingstekort terug te brengen. In 2016 ontving Tunesië van het Internationaal Monetair Fonds een lening van 2,4 miljard euro in ruil voor de belofte economische hervormingen door te voeren.

Premier Youssef Chahed riep de betogers op tot kalmte. Even de tanden op elkaar en het wordt beter, zei hij. „De mensen moeten begrijpen dat de toestand uitzonderlijk is en dat hun land in moeilijkheden verkeert, maar we geloven dat 2018 het laatste moeilijke jaar zal zijn voor de Tunesiërs.”

De ongeregeldheden lijken een beetje op die van januari 2011, toen de slechte economische omstandigheden mensen nog in veel grotere getale de straat op dreven. De demonstraties leidden destijds tot de val van het autoritaire bewind van Zine El-abidine Ben Ali.

Veel van de grieven die Tunesiërs toen al koesterden tegen de machthebbers, zijn echter nog altijd actueel. Met name corruptie binnen de bovenlaag blijft een groot probleem. Ook het IMF zou daartegen graag meer actie zien.

Makkelijk heeft de regering het ook niet. Doordat het toerisme, een belangrijke bron van inkomsten en werkgelegenheid, sterk is teruggelopen, zijn vooral veel jongeren aangewezen op de informele sector met los-vaste baantjes als venter of smokkelaar. Vooral armen, die economisch gezien al jaren geen verbetering in hun situatie bespeuren, voelen zich verwaarloosd en protesteren nu.

Of, zoals marktkoopvrouw Fatma in Tunis tegen persbureau Reuters zei: „De regering offert de armen en de middenklasse door de prijzen te verhogen en geen aandacht te schenken aan belastingontduikers en zakenlui.”