Opnieuw ligt de methode-Rambam onder vuur

Onderzoeksprogramma

Weer filmde Rambam met de verborgen camera, nu om misstanden bij het corps aan te kaarten. Een maker nam een valse identiteit aan.

Ontgroening van studenten in het tv-programma Rambam.CCCP/ BNNVARA

Met een verborgen camera filmden ‘undercover-feuten’ van tv-programma RamBam (BNNVARA) bij vijf studentencorpora. In de uitzending van donderdag is te zien hoe tijdens de ontgroening aspirant-leden worden uitgekafferd. Ook vertellen studenten dat eerder een jongen met een hersenschudding werd afgevoerd door een ambulance.

Na het zien van de beelden, staakte de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) vorige week de subsidie aan studentencorps RSC/RVSV. In december trokken ook Universiteit Utrecht en de Hogeschool Utrecht de financiering in van de vrouwelijke studentenvereniging UVSV. De leiding van het Rotterdamse corps voelt zich benadeeld door Rambam en liet zich hierover interviewen door NRC. In dit artikel, zaterdag in de krant, stellen de twee voorzitters dat Rambam een verkeerd beeld geeft van de ontgroening. Zo zou de jongen die naar het ziekenhuis moest, slechts last hebben gehad van „fysieke en mentale uitputting”. Niets aan de hand? Milada Stipetic, eindredacteur van Rambam, noemt dat onzin: ze zegt dat ze op camera ooggetuigen heeft die vertellen dat de jongen een duw of klap kreeg, bewusteloos raakte, en naar het ziekenhuis moest. Volgens EUR-rector Huib Pols, in Erasmus Magazine, heeft de flauwgevallen jongen verklaard dat hij geen hoofdwond had.

Valse identiteit

Het onderzoeksprogramma werkt vrijwel altijd met verborgen camera. Overtreden de makers zo journalistieke regels? De journalistieke code van de publieke omroep stelt dat journalisten zich altijd bekend moeten maken. Heimelijk opnamen zijn niet toegestaan tenzij „evident sprake is van een maatschappelijke misstand die niet op een andere manier kan worden aangetoond én het noodzakelijk is om hierover te publiceren”.

Was de verborgen camera hier noodzakelijk? Otto Volgenant van Boekx Advocaten, dat veel mediazaken doet, lijkt dat duidelijk: „Zo’n ontgroening kun je niet op een andere manier filmen. Dit is een onderwerp van maatschappelijke discussie – wat lang niet altijd het geval is bij Rambam.” Eindredacteur Stipetic: „Elk jaar is er iets aan de hand bij het corps. Het belang lijkt me evident.” Volgenant stelt dat de rechter in eerdere zaken het gebruik van heimelijke camera’s door journalisten bijna altijd toestond. Volgens hem moeten betrokkenen wel onherkenbaar in beeld komen. Dat doet Rambam afdoende, vindt hij.

Voor de uitzending van donderdag werd RSC/RVSV benaderd door een assistent van woordvoerder Jacco Neleman van de EUR. Zij vroeg naar het incident met de gewonde jongen. Die assistent was in werkelijkheid ook van Rambam. Neleman: „Iemand die zich uitgeeft als EUR-medewerker, dat kan niet. Je bent journalist, dus dat moet je duidelijk maken.”

Volgens advocaat Volgenant hoort een valse identiteit bij het gebruik van verborgen camera’s: in dit genre komt de journalist onder valse voorwendselen binnen. Maar dit geval vindt hij te ver gaan: „Je mag niet doen alsof je van een instantie bent.” Stipetic zegt dat Rambam eerst op open wijze heeft geprobeerd bij het corps bevestigd te krijgen dat de jongen gewond was geraakt, maar dat de leiding niet reageerde. Zij stelt verder dat de makers telkenmale werden afgescheept.

Amusement met journalistieke middelen

De ‘methode-Rambam’ is geregeld onderwerp van debat. Twee maal stonden de makers voor de rechter: zij kregen in beide gevallen gelijk. In 2013 won Rambam-producent CCCP een kort geding van twee mannen die een manier aanboden om snel rijk te worden. En in 2016 won Rambam een zaak van Doktersonline.nl.

Huub Evers, vrijgevestigd media-ethicus, is minder overtuigd van de noodzaak van de verborgen camera’s: „Je moet aantonen dat je grondig vooronderzoek hebt gedaan en langs de normale journalistieke weg hebt geprobeerd om het verder uit te zoeken. Ik vermoed dat ze dat niet kunnen aantonen.” Ook het maatschappelijk belang is hem niet direct duidelijk: „Dat er kwalijke dingen gebeuren in ontgroeningen weten we al. Maar welke aanvullende ernstige dingen zijn ze verder op het spoor gekomen? Ernstig is wanneer het gaat om levensgevaar, grootscheepse fraude en het zwaar benadelen van mensen.”

Stipetic vindt dat de strenge journalistieke maatstaven niet helemaal opgaan voor Rambam: „Het is geen zwaar journalistiek onderzoeksprogramma. We zijn geen Zembla. We maken het op een Rambam-manier: met humor en met een twist.” Is dat een verschil? Valt Rambam buiten de journalistieke regels? In 2012 wilde de Raad voor de Journalistiek niet over een zaak tegen Rambam oordelen omdat de besproken uitzending - begrafenisondernemers werden gefopt met een nep-sterfgeval - niet journalistiek zou zijn. Stipetic kan zich wel vinden in een eerdere omschrijving van Folkert Jensma, NRC-redacteur en oud-voorzitter van de Raad: „Rambam is amusement met journalistieke technieken, of journalistiek met theater- en tv-technieken – een hybride dus.”

Maar maakt dat uit? Een maker van tv-amusement mag toch ook niet zomaar met een verborgen camera filmen? Dat klopt, zegt Volgenant. Hij wijst erop dat Rambam zich tijdens rechtszaken altijd wél als journalistiek programma presenteert. Journalisten mogen immers meer dan burgers. Frits van Exter, voorzitter van de Raad voor de Journalistiek, vindt dat Rambam wel onder de journalistiek valt: „Je hebt tegenwoordig meer programma’s die bijvoorbeeld journalistiek met satire mengen, zoals Zondag met Lubach. We hebben ook wel eens geoordeeld over een kinderprogramma over kinderarbeid in de 19de eeuw. Zodra er een journalistieke handeling in wordt verricht, kan de raad zich erover uitspreken.”

Rambam (BNNVARA), donderdag, NPO 3, 21.00-21.45u.

    • Wilfred Takken
    • Janet Lie