Minder gas noopt tot nieuwe bezuinigingen

Rijksbegroting

Minister Wiebes (EZ), deze woensdag in Groningen, belooft „maximale” daling van de gaswinning. Hoe hij inkomstenderving oplost, moet hij nog wel uitleggen.

Eric Wiebes schetste vorige maand in de Tweede Kamer op beeldende wijze zijn positie als nieuwe klimaatminister. „In Groningen staat een grote taak en hier staat een heel klein mannetje en dat ben ik.” De bewindsman, die in zijn eerste tien weken al zeker driemaal het aardbevingsgebied heeft bezocht, noemde de behandeling van de Groningse schadegevallen „een overheidsfalen van on-Nederlandse proporties”.

Die woorden vielen goed in Noord-Nederland. Evenals zijn begripvolle reactie op het moment dat de Raad van State een streep zette door het voornemen van de staat om de komende vijf jaar 21,6 miljard kubieke meter gas per jaar uit Groningen te halen. Voor 1 april gaat Wiebes de Kamer uitleggen hoever de productie verder teruggaat. Die wil hij immers „maximaal beperken”, zoals hij maandagavond na de zware beving bij Zeerijp nog eens benadrukte.

In het regeerakkoord wordt voor 2021 uitgegaan van een productiebeperking van 1,5 miljard kuub (tot 20 miljard). Na kritiek in de Kamer weet Wiebes inmiddels dat dit ruimschoots onvoldoende is. „Wij vinden dat een productie van 12 miljard kuub het maximum moet zijn”, zegt Groenlinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren. Dat zou mogelijk zijn door de levering aan met name de industrie en het buitenland terug te brengen. „Wij geven Wiebes het voordeel van de twijfel. Hij moet nu de kans nemen om echt iets te doen.”

Veel stikstof in Gronings gas

De productievermindering heeft grote praktische én financiële gevolgen. Zo gebruiken bijna alle Nederlandse huishoudens Gronings gas. En dat is niet zomaar te vervangen door ander gas. Gronings gas is laagcalorisch – met veel stikstof – en daar zijn onze verwarmingsketels op afgesteld. Dat geldt ook voor miljoenen huishoudens in België, Frankrijk en Duitsland. In die landen wordt al druk omgeschakeld om niet langer afhankelijk te zijn van Gronings gas, maar dat kost tijd. „Ik heb mijn eerste licht wrevelige gesprek met een collega in een buurland achter de rug om duidelijk te maken dat we ergens enorm klem zitten”, zei Wiebes in de Kamer.

Alleen al in Nederland nemen de huishoudens jaarlijks zo’n 10 miljard kuub af. In het kader van de verduurzaming staat het gasvrij maken van huishoudens hoog op de prioriteitenlijst, maar dat gaat bij 7 miljoen gezinnen toch wel even tijd kosten. In de Kamer rekende Wiebes voor dat de acht grootste industriële afnemers, zoals elektriciteitscentrales, nog eens 3 miljard kuub afnemen. „Dan denk je: bingo, dat is snel!”, zei de bewindsman, maar voor sommige afnemers moet tientallen kilometers nieuwe gasleidingen worden aangelegd.

Behalve deze praktische bezwaren heeft het kabinet het zich om een boekhoudkundige reden lastiger gemaakt om de gaswinning zomaar verder te beperken. In navolging van een ambtelijk advies uit 2016 heeft Rutte III besloten om de begrotingsregels aan te scherpen. Doel daarvan is om de overheidsfinanciën minder gevoelig te maken voor conjuncturele macro-economische schommelingen, een oude kwaal van de Nederlandse economie.

Een van de maatregelen daarbij is dat de gasbaten voortaan onder de zogeheten ‘uitgavenkaders’ van de rijksbegroting vallen. Dat betekent dat een tegenvaller in de opbrengsten elders op de begroting met een bezuiniging moet worden gecompenseerd. Dat kan niet met een lastenverzwaring, want gasbaten vallen niet onder belastinginkomsten.

Een „wrang en cynisch besluit”, zegt PvdA-Kamerlid Henk Nijboer. „Want het komt er nu op neer dat als we de Groningers willen helpen – en dat móét – de politie of ziekenhuizen ineens minder geld krijgen.”

Het budgettaire belang van de Groningse gasvelden is de laatste jaren al wel enorm verkleind. Waar de gasbaten in 2013 nog ruim 13 miljard euro bedroegen, zijn die gezakt tot onder de 2 miljard dit jaar. Niet alleen door de verminderde productie, ook door de lagere gasprijs. Maar een halvering van de gasbaten zou grofweg wel tot een bezuiniging van 1 miljard elders moeten leiden.

Toen het vorige kabinet de gaskraan dichtdraaide, leidde dat niet tot acute begrotingsproblemen. De tegenvaller ging tot dusverre ten koste van de staatsschuld. Ook al daalt die al jaren flink, minister Hoekstra (Financiën, CDA) vindt dat geen optie, zei hij in november in de Tweede Kamer. „Om dat nu weer bij volgende generatie op de stoep te parkeren, lijkt mij ook niet zo zuiver.” Hoe hij tegenvallende gasopbrengsten dan wel wil compenseren wilde hij niet zeggen. „Daar zijn we nog helemaal niet”, zei Hoekstra in een ander debat kort voor het kerstreces.

Volgende week zal Wiebes de Kamer moeten uitleggen hóe hij zijn belofte aan de Groningers wil realiseren, en hoe hij dat gaat financieren.

    • Philip de Witt Wijnen
    • Erik van der Walle