Loppersum ‘gaat gewoon weer verder’

Leven met de dreiging

De zwaarste gasbeving in vijf jaar brengt de bewoners van het getroffen Loppersum niet van hun stuk. ‘Het helpt niks om bang te zijn.’

Nederland, Loppersum, 09-10-'18; De dag na de zware aardbeving van schaal 3.4 bij Zeerijp. Martie Cusiel haalt post op in haar huurhuis waar ze tijdelijk uit moet omdat deze versterkt gaat worden. Kees van de Veen

De Groningse vlag in de voortuin wappert halfstok, de poster op het raam van de familie Ettema hangt scheef. „Die hebben we nog niet recht gehangen”, zegt Pieta Ettema met een glimlach.

Dinsdagochtend in Loppersum. Je moet op de details letten om te zien dat het dorpje en de omliggende regio de dag ervoor getroffen zijn door de zwaarste gasbeving sinds vijf jaar. Rijdend door het noorden van de provincie ziet bijna alles eruit zoals altijd: eindeloze vlaktes die vier keer per uur doorbroken worden door felrode Arriva-treinen. De scheve kerktorens. De oplichtende oranje vlammen van de gasinstallaties. Bijna niets wijst erop dat de grond hier gisteren, om precies te zijn bij het dorpje Zeerijp op zo’n twee kilometer van Loppersum, om drie uur trilde met een kracht van 3,4 op de schaal van Richter.

Ze hebben het bijna allemaal gevoeld

De Groningers weten wel beter: zij hebben het bijna allemaal gevoeld, tot diep in de provinciehoofdstad zelf. Na een paar jaar met een lager gaswinningsniveau en een relatief rustige bodem was er nu opeens weer een forse beving. Hoe beleven Groningers die constante dreiging?

„Het helpt niks om bang te zijn, wij gaan gewoon weer verder”, zegt Antje Stol (76) dinsdagmiddag terwijl ze voor de eerste bevingsbestendige Albert Heijn van Nederland staat te kletsen met de fractievoorzitter van de lokale partij Loppersum Vooruit. „Anders kun je toch niet meer leven?” Andere klanten bevestigen haar nuchtere beeld: ja, de klap maakt weer duidelijk „waar het hier in Groningen om gaat”, zegt een opgewekte Gesien Vriesema (80). „Maar we wisten al dat het kon gebeuren.”

Dat de seismiciteit al enige tijd aan het afnemen was, is zeker niet bij alle geïnterviewden bekend. Maar ook bij degenen die het wél weten, is de verbazing daarover niet altijd even groot. Forse klappen kunnen blijven komen, klinkt het – daar leer je mee leven als je hier woont.

„Als je er echt over gaat nadenken, dan wil je voortaan in de tuin slapen.” Martin Ettema legt aan de keukentafel graag even uit wat de mensen van de Nationaal Coördinator Groningen hem verteld hebben na uitgebreid onderzoek. Als die ene beving van 5 op de schaal van Richter een keertje komt, komt hij van onderen op het fundament van zijn huis af. Alles gaat trillen, maar de nok van het zware dak zal het meest gaan zwiepen, zoals het uiteinde van een pendulum. De vloeren en muren houden dat niet, vooral niet bij de zwakke punten tussen de ramen.

Lees ook: Beving was ‘sterk’ signaal maar niet ‘afwijkend’

Vooropgesteld: iedereen is het erover eens dat de kans op zo’n zware beving extreem klein is. Maar het scenario wordt wel als uitgangspunt genomen bij de grote versterkingsoperatie die gaande is in de provincie, waarbij vrijwel alle huizen in het gebied bouwkundige ingrepen krijgen zodat bewoners bij zo’n klap levend hun huis kunnen verlaten.

Totdat dit gebeurd is, ben je daar als bewoner dus niet zeker van. Pieta Ettema: „Maar als je die dreiging je leven laat beheersen, kun je niet leven.” Voorlopig loopt de versterking, onder leiding van Hans Alders, achter op schema. „Maar ja, wat wil je? Je kunt je huis niet uit.”

Tijdelijke woning

Ook in het tekstschrijfkantoortje van Martie Cusiel en Nicolette Scholten in de Nieuwstraat overheerst nuchterheid. De beving van maandag vonden beiden „wel heftig”. Lastiger is de tijdelijke woning waar Cusiel in zit terwijl haar huis versterkt wordt. „De buitengevel gaat eraf, er komt een stalen frame in.”

En dan is er nog hun kantoortje – tevens het huis van Scholten – waarvan de versterking zich ook langzaam voortsleept. Een pand uit de jaren dertig, niet meer het nieuwste. Het rapport over het gebouw is nog niet klaar, maar het is vrijwel zeker dat er versterkt moet worden. En tot die tijd? „Ja, tot die tijd zit je kennelijk in een onveilig huis.”

    • Milo van Bokkum