Opinie

    • Marc Hijink

Je provider mag niet overdrijven

Internetproviders overdrijven graag hun internetsnelheden. Vanaf deze maand mag dat niet meer.

Haalt jouw Volkswagen Polo echt 220 kilometer per uur? Zoals de snelheidsmeter van een auto per definitie overdrijft, kun je de snelheden van je internetprovider ook beter met een korreltje zout nemen. Vanaf deze maand moeten providers echter eerlijk zijn over de bandbreedte van je internetverbinding, dankzij nieuwe regels van de ACM. Zo moeten ze behalve de topsnelheid ook de minimumsnelheid van je verbinding aangeven.

Dat gaat nog niet van harte. Onlangs corrigeerde Stichting Reclame Code kabelmaatschappij Ziggo. De internetprovider kan niet garanderen dat elke klant „overal internetsnelheden tot wel 300 Mbit/seconde” krijgt, zoals het eerder beloofde op zijn site.

In het kabelnetwerk wordt de beschikbare bandbreedte (800 tot 1.200 Mbit) gedeeld, vaak door wel 600 woningen. ‘Overboeking’ heet dat: er is minder bandbreedte beschikbaar dan de maximumsnelheid van alle gebruikers bij elkaar.

Providers gaan ervan uit dat niet iedereen tegelijk het internet leegtrekt. Tijdens de spitsuren, met name ’s avonds, kan je snelheid dalen, bijvoorbeeld als de hele buurt tegelijk het besturingssysteem van hun smartphones wil updaten. In de praktijk hoef je daar geen last van te hebben maar Ziggo is „te stellig” met zijn beloftes en daarom „oneerlijk” volgens de Nederlandse Reclamecode.

Inmiddels is op de Ziggosite te lezen dat een klant minimaal 40 procent en gemiddeld 80 procent van de beloofde snelheid mag verwachten. Dat klinkt een stuk realistischer.

Tijdens de spitsuren, met name ’s avonds, kan je internetsnelheid dalen

Test zelf je snelheid

Achter de klacht bij de Stichting Reclame Code zit een fanatieke Ziggoklant die vindt dat de kabelaar loze beloftes doet. Deze klager reageerde ook als een wesp gestoken toen Jeroen Hoencamp, de baas van VodafoneZiggo, in NRC vertelde over nieuwe topsnelheden die hij zijn kabelklanten in de toekomst denkt te bieden.

Ziggo haalt zijn analoge tv-kanalen van de kabel (de analoge radio blijft voorlopig wel werken) om ruimte te scheppen voor dataverkeer. Dat levert hogere internetsnelheden op, „10 gigabit/s, zestig maal sneller dan onze snelste abonnement”, beloofde Ziggo op zijn site. Ziggo kan die belofte niet hard maken, oordeelde de Stichting Reclame Code. Ziggo formuleert het nu voorzichtiger als „snelheden tot ver boven de 400 megabit per seconde.” Niet toevallig, want concurrent KPN biedt tot 400 megabit per seconde via vdsl (internet via de koperlijn). De topsnelheid haal je alleen als je dicht bij de centrale woont.

Doe je de postcodecheck, dan krijg je heel andere snelheden. De Consumentenbond controleerde 250.000 adressen in KPN’s postcodechecker. KPN wilde eind 2016 al 85 procent van de Nederlandse huishoudens zeer snel internet bieden. Het is nu hooguit 62 procent, schat de Consumentenbond.

De les voor de consument: behalve Ziggo houdt ook KPN van overdrijven. Blijf je provider dus controleren met snelheidstesten via een pc met een vaste netwerkverbinding. En wie echt snel internet wil, moet in het Drentse De Wolden zijn. Daar schroefden bewoners zelf een glasvezelnetwerk in elkaar dat 10 gigabit levert aan particulieren. Zonder aansluitkosten, zonder winstoogmerk. En zonder overdrijven.

is techredacteur.

    • Marc Hijink