Vacatures met holle termen: een gat in de markt

Japke-d. vraagt door Japke-d. Bouma ergert zich aan de holle taal in vacatures. Manus Aa ook. Hij begon er een bedrijf in.

Illustratie Tomas Schats

‘Hands-on teamplayers” die „snel kunnen schakelen”, „geen 9-tot-5-mentaliteit” hebben en „jong”, „dynamisch” en „prestatiegericht” zijn: als je naar een baan zoekt, benijd ik je niet, want dan moet je je door een berg aan slaapverwekkende clichés ploegen.

Hands-on bijvoorbeeld, dat zijn van die mensen die overal met hun tengels aanzitten. Toch? En ‘dynamisch’: stuiter je dan de hele dag door kantoor of mag je ook blijven zitten? En hoezo ‘geen 9-tot-5-mentaliteit’? Ik moet de eerste ambtenaar nog tegenkomen die het van 9 tot 5 haalt. En dan nog ‘prestatiegericht’. Tuurlijk joh. Alsof we tegen onze nieuwe baas gaan zeggen dat we dat niet zijn.

Manus Aa (29) ergert zich ook aan vacatures. Zo erg zelfs, dat hij een gat in de markt zag en een bedrijf begon – Spielwork, dat vacatures ‘vertaalt’ in normaal Nederlands. Ik vroeg hem waarom.

Wat vind jij het ergste aan vacatures?

„Ze hebben vaak veel te veel tekst, het zijn vaak verkooppraatjes en ze staan vol met holle termen. Als ik bijvoorbeeld lees dat ergens „een veelzijdige baan” wordt geboden „binnen een informele organisatie”, „tegen een marktconform salaris”, dan weet ik eigenlijk nog niks. Om over die hands-on-types nog maar te zwijgen.”

Bekijk je zoveel vacatures?

„Ha, ja. Vroeger. Ik was fiscalist op de Zuidas en ongelukkig. Mijn studie ging prima dus ik dacht dat het werk me ook goed af zou gaan. Maar in de praktijk vond ik het vak toch niet heel boeiend. Als iemand me daar destijds meer over verteld had, was ik er waarschijnlijk nooit aan begonnen.”

En dus ging je vacatures bekijken.

„Ja! En die waren zó slecht! Het bleek dat meer mensen dat vonden. Zo ben ik met Spielwork begonnen.”

Als een baan tegenvalt, haken veel mensen weer af en moet het bedrijf opnieuw op zoek

Ik kwam laatst een vacature tegen die begon met „’s ochtends drink je een kop koffie, daarna voer je een gezellig gesprek met je collega voordat je begint met werken”. Moet het zo?

„Hahaha, nee joh, vreselijk.”

Hoe moet het dan wél?

„Wij laten zo concreet mogelijk zien wat een functie inhoudt. We praten met toekomstige collega’s, omschrijven de leukste en minst leuke dag en maken een video voor een kijkje achter de schermen.”

Dat is zeker zo’n blije eikel-video met knappe, hippe mensen.

„Nou, juist niet. Bedrijven willen inderdaad vaak hun leukste mensen naar voren schuiven en vertellen over de „core values” en de „fantastische doorgroeimogelijkheden”, maar daar trappen wij niet in. Het doel is namelijk om een zo transparant mogelijk beeld te geven van de werkomgeving.”

Transparant.

„O ja, sorry! Dat is natuurlijk een jeukwoord. Ik bedoel: we laten zo eerlijk mogelijk zien wat een baan inhoudt.”

Waarom doen bedrijven dat zelf niet?

„Ze dúrven het vaak niet. Dan willen ze bijvoorbeeld het salaris er niet bij. ‘Dat horen kandidaten wel op het gesprek’, zeggen ze dan. Of ze willen dat de kandidaat eerst ‘een gevoel bij het bedrijf krijgt’. Ze hebben niet door dat het dan veel meer tijd kost om iemand te vinden.”

Als het een hongerloontje is, snap ik dat wel. Dat zeg je liever niet meteen.

„Onzin. Het salaris moet gewoon besproken worden. Werken is geen hobby, je wil weten wat je gaat verdienen. Punt.”

Wat als een baan saai is? Ook eerlijk zeggen?

„Ja, dat vragen bedrijven soms: ‘Het is een saaie, administratieve baan. Moet je dat dan eerlijk zeggen?’ Dan zeg ik: juist dán! Uit onderzoek blijkt dat zoiets een hoop frustratie bij de kandidaat scheelt, dat merkte ik destijds ook in mijn functie als fiscalist. Het scheelt bovendien veel geld. Want als een baan tegenvalt, haken veel mensen weer af en moet het bedrijf opnieuw op zoek. En wat voor de ene persoon saai is, is voor de andere juist heel interessant. Je wil toch iemand die saai, administratief werk leuk vindt?”

Er staat nog wel veel jargon op jullie site. Ik heb ‘agile consultants’, ‘transitie managers’ en ‘field supervisors’ zien langskomen.

„Uh, ja. Maar alleen in functietitels. We hebben weleens geprobeerd die te veranderen, maar dat willen bedrijven niet.”

Bedrijven vertellen mij dat als ze holle termen en Engels gebruiken, er meer mensen reageren en dat dat ‘betere’ mensen zijn.

„Dat is gewoon niet waar. Mensen komen echt niet op holle termen af. Natuurlijk, sommige functies kun je echt niet anders omschrijven dan met jargon. Bijvoorbeeld ‘Azure cloud developer’. Maar verder voegen Engelse termen niets toe. Tenzij het een internationaal bedrijf is natuurlijk. Dan ontkom je daar niet aan.”

Liegen die bedrijven dan tegen mij als ze zeggen meer succes met hippe functietitels te hebben?

„Ach, een slechte vacature met hippe termen werkt misschien beter dan alleen maar een slechte vacature. Maar goede mensen binnenhalen gaat echt om veel meer. Misschien slagen we er ooit nog in bedrijven daarvan te overtuigen.”

Japke-d. Bouma onderzoekt het nut van jargon en overbodige managementhypes. Mooie voorbeelden gezien? Tip dan via @Japked op Twitter.

    • Japke-d. Bouma