Recensie

De ijzige leegte van een miljardair

Drama Veteraan Christopher Plummer moet de weggeknipte Kevin Spacey doen vergeten als kille miljardair in ‘All the Money in the World’ van Ridley Scott. Hij speelt de beste scènes van de film.

Christopher Plummer is de kille miljardair J. Paul Getty in All the Money in the World.

De kunst van het zaken doen heet het boek dat Donald Trump schreef lang voordat hij president werd. Een boek dat zo uit de pen had kunnen komen van miljardair en oliemagnaat J. Paul Getty, die zelf ook een aantal boeken schreef, waaronder How to be Rich. In All the Money in the World legt hij uit waarom het zo heet, en niet How to get Rich. Elke idioot kan rijk worden, maar rijk blijven is een ander verhaal.

Hoe Getty zijn rijkdom verwierf laat Ridley Scotts film zien in een paar flashbacks. Ze vormen een proloog, evenals een scène waarin hij zijn kleinzoon John Paul Getty III langs de overblijfselen leidt van de villa van Hadrianus, de Romeinse keizer van wie hij claimt de reïncarnatie te zijn. In tegenstelling tot de andere flashbacks, die best weggelaten hadden kunnen worden, is dit een sleutelscène. Hij laat zien dat Getty er een verknipt zelfbeeld op nahoudt én dat hij een band heeft met zijn naar hem vernoemde kleinzoon.

Een band die niet lijkt te bestaan in de rest van de film. Zo weigert hij het losgeld van 17 miljoen dollar te betalen als zijn zestienjarige kleinzoon in 1973 in Rome wordt ontvoerd. Want dat geeft ontvoerders een vrijbrief ook een van zijn andere dertien kleinkinderen te ontvoeren.

Hij zegt van Paul en zijn familie te houden maar zijn daden spreken dat tegen. Hij prefereert kunst boven mensen, omdat kunstvoorwerpen puurder zijn en je niet kunnen teleurstellen. In plaats van losgeld te betalen, stuurt hij zijn onderhandelaar Fletcher (Mark Wahlberg) naar Italië. Voor Getty is deze ontvoering een zakendeal die zo goedkoop mogelijk moet worden opgelost. Samen met Pauls moeder Gail (Michelle Williams) onderneemt Fletcher in Rome steeds wanhopiger pogingen Paul te redden.

Dat levert de minst boeiende sequenties op uit de film: wachten bij de telefoon, gesprekjes tussen ontvoerder en ontvoerde en een halsstarrige J. Paul Getty, die liever kunst koopt dan zijn kleinzoon redt. De scènes met Getty, waarbij Christopher Plummer te elfder ure de al gefilmde delen met de in opspraak geraakte Kevin Spacey opnieuw deed, zijn het beste.

Toch blijft hij een materialistische misantroop die je nooit helemaal zult begrijpen; een ijzige man die de leegte in zijn leven vult met geld en kunstvoorwerpen. Het lukt All the Money in the World niet echt deze leegte bevredigend te duiden, misschien slaagt Danny Boyle daar beter in met zijn 10-delige televisieserie Trust (vanaf eind maart), waarin Donald Sutherland de olietycoon speelt.