‘De honden gingen voor de deur staan en ook ik dacht: weg!’

Groningers Voor veel inwoners van Zeerijp was het maandag de eerste keer dat ze een aardbeving bewust meemaakten. De vorige waren licht en vaak ’s nachts. Het was heftig.

Schade door een eerdere aardbeving in het Noord-Groningse dorpje Doodstil, gefotografeerd in 2013. Foto Catrinus van der Veen/ANP

Ze hoorde een enorme knal en voelde daarna twee zware trillingen. Alie Leeuwis (58) zat gistermiddag even na drie uur aan tafel in haar woonkamer in Zeerijp, een dorpje met 440 inwoners in de gemeente Loppersum. Ze wist direct: „Dit is een aardbeving.”

„Een hele heftige”, zegt ze. „Ik ben vrij nuchter, maar stond te trillen op mijn benen en voelde de luchtdruk in mijn oren. Direct gingen de alarmbellen af en ik dacht: wegwezen!”

Zij en haar man Bert Kremer wonen vier jaar in de oude kosterswoning in de dorpskern van Zeerijp. Zo’n anderhalve kilometer daarvandaan lag maandagmiddag het epicentrum van de zwaarste aardbeving in de provincie Groningen sinds 16 augustus 2012. Tijdens de beving hadden hun honden de staart tussen de poten, vertelt Leeuwis: „Onze stabij Siepie van acht maanden is totaal niet bang voor vuurwerk, maar schrok enorm van deze knal. De honden gingen hier voor de deur staan en ook ik dacht maar één ding: zo snel mogelijk naar buiten.”

Ze hebben wel lichtere bevingen meegemaakt, vaak ’s nachts, maar deze was hevig. „De dakpannen vlogen van het dak.” Het echtpaar wijst in de woonkamer op de kieren die door de knal groter zijn geworden. Bert Kremer: „De bevingen veroorzaken een werking in het huis. De vloer loopt schuin naar beneden en de scheuren worden prominenter.”

In het plaatsje Loppersum, net ten zuiden van Zeerijp, was Lia van Weerden thee aan het zetten in de keuken, toen ze de aardbeving voelde. „Het hele huis ging heen en weer door twee zware trillingen”, vertelt ze zittend in de woonkamer. Het dorp ligt ongeveer 3,5 kilometer van het epicentrum. „Ik zei tegen mijn man: oei, dit was een beste.” Wiebrand van Weerden zat achter in de kamer en was bezig met de administratie. „Dit is de eerste keer dat we een aardbeving bewust overdag meemaakten”, vertelt hij. „De vorige keren waren lichter. En die waren ’s nachts. Dan lagen we in bed en hoorden een kastdeur klepperen.” Van Weerden inspecteerde de woning meteen, maar er zijn geen nieuwe scheuren bijgekomen.

Aantal aardbevingen was in 2017 weer gestegen

‘Ik dacht: weer een scheur erbij’

In Zeerijp zitten Pernile Claessen, haar man Michiel Jansen en hun twee kinderen aan het avondeten. Dochter Jules (10) zat maandagmiddag rond drie uur op school; haar ouders werken in Groningen en merkten niets van de beving. Toen Jansen ervan hoorde, dacht hij direct aan zijn kinderen in het bevingsgebied. „Ik wilde direct weten welke kracht hij had. En ik dacht: weer een scheur in het huis erbij.” Zijn dochter Jules: „We waren aan het knutselen en ineens begon het digibord te trillen en de deuren ook. Ik had niet gelijk door dat het een aardbeving was.”

Alle 22.000 woningen in de kern van het Groninger aardbevingsgebied (rond Loppersum) worden de komende vijf jaar in opdracht van de Nationaal Coördinator Groningen beoordeeld en zo nodig verstevigd. Maar volgens onderzoek voor de provincie moeten zeker 152.000 van de ruim 212.000 woningen in het gebied aardbevingsbestendig worden gemaakt.

De zware beving van gisteren heeft de zorgen over de versterkingsoperatie vergroot. Binnenkort volgt de inspectie van de woning van Kremer en Leeuwis. Beiden zijn bezorgd over het verdwijnen van oude monumentale panden in hun dorp. Als de kosten voor het versterken van de woning 50 procent boven de marktwaarde liggen, wordt die niet aardbevingsbestendig gemaakt, maar afgebroken. Er wordt dan een nieuwe woning gebouwd.

‘We willen geen vinexwijk worden’

Kremer: „Maar wij zijn hier juist komen wonen omdat dit zo’n mooi oud pand is.” Ze zijn bang dat het aanzicht van het dorp verandert als oude beeldbepalende woningen verdwijnen. Leeuwis: „We willen hier geen vinexwijk worden.”

Jansen en Claesen wonen nu vijftien jaar in Zeerijp in een huis uit 1916. Zij zijn evenmin gerust op de inspectie van hun als „karakteristiek” gekwalificeerd pand. „Wij zitten niet te wachten op een nieuwe woning”, stelt Jansen. Claesen zucht: „Dan moet je een jaar je huis uit. En je weet niet of je er qua energielabel op vooruit gaat. Je hebt niet het gevoel dat je kunt meepraten en meebeslissen.”

Correctie (9 januari 2018): in een eerdere versie was sprake van 22.000 woningen in het aardbevingsgebied. Dat getal betreft alleen de kern van dit gebied.