Beeld van de reizende tentoonstelling over Auschwitz, nu te zien in Madrid. De expositie, met zeshonderd voorwerpen uit Auschwitz, zal over een periode van zeven jaar Europese en Amerikaanse steden aandoen. Het is de bedoeling dat de tentoonstelling ook naar Nederland komt.

Foto Gabriel Bouys/AFP

‘Auschwitz’ als waarschuwing

Tentoonstelling Conservator Van Pelt, opgegroeid in Doetinchem, laat ook zijn eigen familiegeschiedenis zien op een expositie over Auschwitz die heel de wereld over gaat.

Als de 90-jarige vader van conservator Robert Jan van Pelt geconfronteerd wordt met een schoentje uit de ontkledingskamer waar het sokje nog in zit, krijgt hij het te kwaad en zakt ineen. Een paar uur later kan Van Pelt het voorval met zijn vader alweer relativeren. „Stel je voor dat hij hier was overleden. Dan zou mijn vader het laatste slachtoffer van Auschwitz zijn geweest”, zegt hij glimlachend op een bankje in het Madrileense expositiecentrum Arte Canal. „Maar zonder gekheid. Het geeft wel aan wat voor emoties deze expositie los kan maken.”

Auschwitz, niet lang geleden, niet ver weg. Zo heet de internationale expositie over het Duitse vernietigingskamp in Polen, die op 1 december in de Spaanse hoofdstad open is gegaan en de komende zeven jaar de hele wereld over zal trekken. Na Zweden staat Nederland op de nominatie.

Van Pelt hoopt dat bezoekers van verschillende generaties het gesprek met elkaar aangaan als ze langs de herinneringen van de gruweldaden van de nazi’s lopen. „Het aantal overlevenden van Auschwitz wordt steeds kleiner. Nu konden we nog aan de hand van ooggetuigen verhalen vertellen. Over een paar jaar zou die kans voor altijd voorbij zijn. In ieder land zou deze expositie iets anders kunnen losmaken. Het zou wat waard zijn als de Spanjaarden zo hun burgeroorlog [1936-1939] bespreekbaar kunnen maken.”

Lees ook: Ook Auschwitz krijgt een plekje in de architectuurles

Onbegrijpelijke emoties

Van Pelt wordt op 15 augustus 1955, exact tien jaar na de capitulatie van Japan, geboren in Haarlem. Als zoon van een half-Joodse moeder wordt ook zijn leven getekend door de Tweede Wereldoorlog. „Over de oorlog werd niet gesproken. Ik ben opgegroeid met het zwijgen”, vertelt hij in Madrid. „Maar soms kwamen er opeens onbegrijpelijke emoties naar buiten. Toen ik elf jaar was, werd er tijdens de zesdaagse oorlog gesproken over de mogelijke vernietiging van Israël. Mijn moeder barstte opeens in tranen uit. Ze raakte in paniek. Ik had geen idee waarom.”

Beetje bij beetje gaat Van Pelt zich verdiepen in zijn achtergrond. „Mijn vader had ondergedoken gezeten om te voorkomen dat ze hem in Duitsland te werk zouden stellen. Mijn grootmoeder moest als Joodse schuilen. Op de expositie wordt haar verblijf getoond, de met een dikke J gestempelde stamkaart en het valse persoonsbewijs dat bescherming gaf. Ze heeft het overleefd. Maar haar broer Bob Hanf, een beroemde kunstenaar, componist en dichter, niet. Hij is in 1944 verraden en werd naar Westerbork gebracht. Later kwam Hanf in Auschwitz terecht waar hij na twee maanden is vermoord. Ik ben naar hem vernoemd.”

Van Pelt groeit als tiener op in Doetinchem waar zijn vader arts was. Hij beschrijft de stad in de Achterhoek als „een Joodse ruïne”. „Het gemeenschapshuis van de Joden was omgevormd tot het gemeentehuis van Doetinchem. Want er waren simpelweg geen Joden meer. Ik zag mezelf als iemand met een Joodse achtergrond, zoals de Nederlanders dat zo mooi zeggen. Meer niet eigenlijk. Dat kwam pas later.”

Als student kunstgeschiedenis in Leiden komt Van Pelt bij een hospita terecht die vol trots vertelde dat ze NSB’er was geweest. „Ze had een enorm vooroordeel tegen Joden, maar toch kon ik goed met haar vinden. Ze vertelde over de dag in maart 1943 dat de kinderen van het Joods weeshuis in Leiden door Nederlandse agenten werden afgevoerd. Heel Leiden had gezien hoe ze door de stad naar het station liepen. En niemand deed wat. Dat vond ze onaanvaardbaar. Mannen en vrouwen mochten ze kennelijk wel naar het oosten zenden, maar kinderen niet. Dat ging haar te ver.”

‘Auschwitz’ is een waarschuwing tegen een toekomst die letterlijk en figuurlijk gebouwd is op haat, racisme, antisemitisme en minachting voor het leven van anderen.

Monsterlijke gebouwen

Van Pelt promoveert in 1984 op een onderzoek naar ‘de kosmische symboliek van de tempel van Salomo’. Indirect bracht dat hem naar Auschwitz. „Tijdens mijn verdediging werd me gevraagd of er in deze tijd een gebouw bestond waarvan de impact over honderden jaren nog altijd voelbaar zal bestaan. ‘Het crematorium van Auschwitz-Birkenau’, antwoordde ik. Maar eigenlijk wist ik daar vrijwel niets van. Het bleken vier crematoria te zijn die in 1945 zijn opgeblazen. Van buiten zag het er onschuldig uit. Maar dit waren de dodelijkste gebouwen ooit. In totaal zijn er in die vier crematoria bijna één miljoen mensen, vrijwel allemaal Joden, vergast.”

Van Pelt wil alles weten over de Oostenrijkse architecten Walter Dejaco en Fritz Ertl, die de monsterlijke gebouwen hadden ontworpen. „Ik wilde aanvankelijk een biografie over hen schrijven, maar het werd veel groter. Ik had het geluk dat het IJzeren Gordijn viel en er geld was voor onderzoek. Sindsdien ben ik eigenlijk gegijzeld door Auschwitz. Ik waarschuw mijn studenten er nog weleens voor. ‘Pas op waarin je je specialiseert, want de mensen laten je niets anders meer doen’, zeg ik dan. Als je op Google ‘Auschwitz expert’ intikt kom je vrijwel direct mijn naam tegen. Iedere dag krijg ik zo’n vijftien e-mails van onbekende mensen die iets willen weten over Auschwitz.”

Beeld van de reizende tentoonstelling over Auschwitz, nu te zien in Madrid. Foto Emilio Naranjo/EPA

Eerbetoon

Zo landt eind 2013 een e-mail van Luis Ferreiro in zijn inbox. De Baskische eigenaar van het bedrijf Musealia vraagt Van Pelt of hij hem kan helpen met een expositie over de Holocaust. „Mijn vrouw vond dat ik er geen aandacht aan moest besteden, want dit was volgens haar de zoveelste idioot waaraan ik mijn tijd zou gaan verdoen. Maar iets in die mail trok me aan. Ik dacht: als deze man bereid is naar mijn huis in Toronto te komen dan ga ik het gesprek aan.”

Zo geschiedde. Van Pelt: „Ferreiro bleek een bijzondere man. Zijn jongere broer overleed een paar jaar geleden bij de expositie van de Titanic plotseling door een hartstilstand. Tijdens het verwerkingsproces raakte hij gegrepen door het boek van Holocaust-overlever Viktor Frankl. Als een soort eerbetoon aan beiden wilde hij het verhaal van Auschwitz naar Spanje halen.”

Van Pelt en Ferreiro gaan samen naar Polen en weten directeur Piotr Cywiński van het Auschwitz-museum museum te overtuigen van hun plannen. „Het allergrootste deel komt uiteraard uit Auschwitz, maar we maken ook gebruik van familie-collecties. Er staat ook een aantal dingen uit mijn eigen verzameling. Mijn schoonvader, een kleermaker, heeft Auschwitz overleefd. Hij maakte na zijn bevrijding van SS-uniformen een kamerjas. Die hangt hier, met het verhaal daarbij. Er is een groot verschil tussen onze expositie en het Auschwitz-Birkenau Staats Museum in Oswiecim. Daar concentreren ze zich op de authentieke plaats zelf. Wij plaatsen de gruweldaden met verhalen van overlevenden in hun Europese context.”

Postkaart, scheerkwast, een schoen

Van Pelt kreeg als conservator carte blanche van de Spanjaarden. „Vrijwel alle zeshonderd voorwerpen heb ik zelf uitgezocht en ik heb ook de teksten erbij geschreven. Michael Berenbaum heeft alle films gemaakt. De bezoekers worden geconfronteerd met het grote verhaal van de Jodenvervolging via beelden van Adolf Hitler in Neurenberg. En dan gaat de focus opeens naar iets kleins. Een handgeschreven postkaart, een scheerkwast, een schoen van een jongetje. Een gaskamer kun je niet nabouwen. Maar met onderdelen ervan kun je veel laten zien. Een gaskolom. Een deur. Een valse douchekop.”

Het expositiecentrum Arte Canal is volgens Van Pelt in meerdere opzichten zeer geschikt voor de 2.500 vierkante meter grote expositie. Zo lijken de stenen bogen in het gebouw bijna speciaal voor ‘Auschwitz’ gemaakt. „Er is belangstelling vanuit de hele wereld. Steden als Los Angeles, Miami, New York, Melbourne en Shanghai willen graag meedoen. En met Nederlandse instellingen zijn gesprekken gaande. In Nederland moeten wij wat andere accenten zetten. Daar zal het verhaal van de Joodse Raad bijvoorbeeld aan de orde kunnen komen.”

Van Pelt wil vooral iets los proberen te maken bij jongeren. „We vallen van de ene crisis in de andere. Rohingya worden vervolgd, vrouwen komen als slachtoffers met ‘MeToo-verhalen’, misdadigers uit het voormalige Joegoslavië staan terecht in Den Haag. Ik zou de jeugd graag even weg willen halen van hun telefoons, hun laten zien wat er in Auschwitz is gebeurd. ‘Auschwitz’ is een waarschuwing tegen een toekomst die letterlijk en figuurlijk gebouwd is op haat, racisme, antisemitisme en minachting voor het leven van anderen. Maar ook: de grootste slachting ooit is de funderingssteen van de huidige Europese Unie. Verbondenheid geboren uit een conflict.”

Witold Pilecki liet zich vrijwillig opsluiten in Auschwitz, om een opstand te organiseren. Na 947 dagen ontsnapte de Pool. Lees daarover: Museum voor Auschwitz-held
    • Koen Greven