Turkije zet stapjes richting Europa, maar verschil van inzicht blijft groot

Turkije Tijdens het bezoek van de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Mehmet Cavusoglu aan Duitsland bleek dat er grote meningsverschillen blijven bestaan tussen beide landen.

De Turkse minister van Buitenlandse Zaken Mevlut Cavusoglu op bezoek bij zijn Duitse ambtgenoot Sigmar Gabriel. Foto Tobias Schwarz

Turkije en Duitsland hebben zaterdag kleine stapjes gezet om hun onderlinge relatie te verbeteren na ruim een jaar van hoogopgelopen spanningen. Maar tijdens het bezoek van de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Mehmet Cavusoglu aan Duitsland bleek dat er grote meningsverschillen blijven bestaan tussen beide landen.

De Duitse minister van Buitenlandse Zaken Sigmar Gabriel ontving Cavusoglu zaterdag in een keizerlijk paleis in Goslar, zijn thuisstad in Midden-Duitsland. Cavusoglu’s bezoek was onderdeel van een Turks charme-offensief om de getroubleerde relatie met Europa te herstellen. Een dag eerder bracht president Recep Tayyip Erdogan een bezoek aan Frankrijk.

Voorafgaand aan zijn eerste bezoek aan een groot EU-land sinds 2016, sprak Erdogan de wens uit om vrienden te maken en vijanden te verliezen. In augustus vorig jaar, vlak voor de Duitse parlementsverkiezingen, riep hij Duitse Turken nog op om niet op de CDU, de SPD en de Groenen te stemmen, want de drie grootste Duitse partijen waren „allemaal vijanden van Turkije”.

Erdogans ommezwaai komt voort uit pragmatisme. De afgelopen jaren is Turkije internationaal steeds meer geïsoleerd geraakt, en dat heeft ook economische gevolgen. Europa is de grootste investeerder in Turkije, en Duitsland de belangrijkste handelspartner. Mede ten gevolge van de politieke spanningen is de Duitse export naar Turkije in de eerste negen maanden van 2017 met 5,9 procent gedaald.

De problemen tussen Turkije en Duitsland begonnen in maart 2016 toen Erdogan een Duitse komiek aanklaagde omdat die een provocerend gedicht over de Turkse president had voorgedragen. De verhoudingen verslechterden verder na de mislukte staatsgreep en de daaropvolgende zuiveringen, waarbij ongeveer 50.000 mensen zijn opgepakt en 150.000 zijn ontslagen. De Duitse regering maakt zich grote zorgen over democratie en mensenrechten in Turkije.

Gedetineerde staatsburgers

Een belangrijk twistpunt is de detentie van diverse (Turks-)Duitse staatsburgers in Turkije, onder wie Die Welt-journalist Deniz Yücel, vanwege vermeende banden met of propaganda voor terrorisme. In Duitse ogen zit een aantal van hen vast om politieke redenen. Gabriel zei zaterdag dat er op dit vlak enige vooruitgang is geboekt, verwijzend naar de vrijlating van enkele Duitsers. Desondanks heeft Berlijn een „groot aantal wapenexporten” naar Turkije afhankelijk gemaakt van de vrijlating van Yücel.

Cavusoglu zei in Goslar dat een ander belangrijk punt van onenigheid is of Turkije mag toetreden tot de EU. Duitsland is daar tegen. Maar Cavusoglu sloeg een verzoenende toon aan. Omdat sommige meningsverschillen voorlopig niet opgelost zullen worden, moeten Turkije en Europa zich volgens hem „concentreren op zaken die beide winst opleveren, zoals [uitbreiding van] de douane-unie”. De twee ministers kwamen overeen dat de „strategische dialoog” wordt hervat en dat een gezamenlijke economische commissie nieuw leven in wordt geblazen. Daar moest Cavusoglu het mee doen.

In de wachtkamer van de EU

In Parijs hoopte Erdogan steun te krijgen van zijn „vriend” Emmanuel Macron voor hervatting van de onderhandelingen over EU-lidmaatschap. Geïrriteerd zei hij op de gezamenlijke persconferentie, vrijdagmiddag, dat zijn land al „vierenvijftig jaar in de wachtkamer van de EU” zit. Dat erkende de Franse president. „Europa heeft zich niet altijd goed gedragen tegenover Turkije, door te laten geloven dat dingen mogelijk waren, terwijl ze dat niet helemaal waren”.

Maar Macron, die vorig jaar na scherpe uitspraken van Merkel nog zei „breuken te willen vermijden”, had zijn Turkse ambtsgenoot niets te bieden. De EU moet ophouden met de „hypocrisie dat een natuurlijke voortgang naar nieuwe onderhandelingsthema’s mogelijk is”, zei hij. „Het is duidelijk dat de recente ontwikkelingen en de keuzes van Turkije geen enkele vooruitgang in het proces toestaan.” Het heeft volgens de Franse president geen zin om te praten over het integratieproces, maar wel over „samenwerking, een partnerschap”.

Erdogan was welkom in Parijs omdat Turkije een ,,strategische partner” bij migratie, de strijd tegen terrorisme en de oplossing van regionale conflicten is, zei minister van Buitenlandse Zaken Jean-Yves Le Drian eerder vorige week. Franse bedrijven zien daarnaast grote mogelijkheden op de groeiende Turkse markt. Frankrijk en Turkije tekenden wat zakelijke contracten, onder andere met Airbus en met defensiebedrijf Eurosam, maar Erdogan staat politiek met lege handen.

Macron ziet zichzelf graag als een moderne Charles de Gaulle die met iedereen spreekt, ook als andere westerse partners dat niet doen. „Ik doe dat met respect, maar tegelijk door onze waarden en onze belangen te verdedigen”, zei Macron vorige week. Hij heeft volgens het Élysée de mensenrechtensituatie in Turkije ter sprake gebracht. „De rechtsstaat is niet deelbaar. (…) Een opinie is, zolang het geen aansporing tot een misdrijf betreft, een opinie”, zei Macron vrijdag naast Erdogan. ,,Die moet vrij zijn. Dat is de rechtsstaat.”

    • Toon Beemsterboer
    • Peter Vermaas