Dit Groningse blog brengt de ene primeur na de andere

Lokale journalistiek

Het Groningse Sikkom scoort onder jongeren en haalt regelmatig het landelijke nieuws. „Seks op het dak van Vindicat, dat vindt eigenlijk iedereen wel leuk.”

De redactie van Sikkom. Vlnr: Willem Groeneveld, Liselotte Jaspers Focks en Freek Niemeijer. Foto Kees van de Veen

‘Whuhahahaha: dronken studenten kappen eigen kerstboom in Noorderplantsoen’

‘Donderdag dikke staking in bus- en treinvervoer Groningen’

‘Welk studentenhuis wint een maand lang gratis vreten?’

Wie een vluchtige blik werpt op het Groningse stadsblog Sikkom, zou kunnen denken dat hij op een lokale spin-off van GeenStijl is beland. De clickbaitkoppen, de informele toon: het oogt allemaal nogal studentikoos en plat. Voor wie iets te melden heeft aan de redactie, is er de button ‘Dump hier je meuk’.

Sikkom – Gronings dialect voor ‘bijna’ – moet rebels zijn, zei hoofdredacteur Willem Groeneveld (36) kort na de lancering in 2014 in Dagblad van het Noorden. Prikkelen, durf en humor zijn nog altijd de kernwaarden van de site, vertelt Groeneveld. Maar Sikkom heeft zich ontwikkeld tot meer dan een melig studentenblog.

Landelijke proporties

De afgelopen anderhalf jaar groeiden berichten van website meermaals uit tot nieuws van landelijke proporties. Het bestaan van de ‘bangalijst’ van studentenvereniging Vindicat, die in september 2016 leidde tot een nationale mediahype, kwam aan het licht door een artikel van Sikkom. Toen een groep Vindicat-leden een jaar later een ravage aanrichtte in een sushirestaurant, was het wederom Sikkom dat het nieuws als eerste bracht.

Het meest recente wapenfeit voltrok zich tijdens de laatste dagen van het voorbije jaar. Een verslaggever van RTV Noord bleek een reportage over de verkoop van illegaal vuurwerk in scène te hebben gezet. Die onthulling werd opgepikt door zo’n beetje alle landelijke media. Met dank aan een scoop van Sikkom.

Terwijl regioredacties in heel Nederland door bezuinigingen, reorganisaties en fusies moeten inkrimpen, lukt het Sikkom om te groeien. Het bereik van de site ligt op 200.000 lezers, ongeveer het inwonertal van Groningen. En terwijl regionale nieuwsorganisaties, net als hun landelijke branchegenoten, steeds meer moeite hebben om jongeren te bereiken, is ruim de helft van de bezoekers van Sikkom tussen de 15 en 35 jaar oud.

Studenten en stadjers

Sikkom richt zich dan ook nadrukkelijk op jongeren (tussen de 18 en 24 jaar). Dat hoeven niet per se studenten te zijn; ook jonge ‘stadjers’ (geboren Groningers) behoren tot de doelgroep. „Of je hier nou vandaan komt, of op je achttiende naartoe bent gekomen, maakt voor ons niet uit”, zegt Groeneveld. „Een stelletje dat seks heeft op het dak van Vindicat, dat vindt eigenlijk iedereen wel leuk.”

Belangrijke kanttekening bij het succes van de stadsblog is dat Sikkom van uitgever NDC Mediagroep nog geen winst hoeft te maken. Sikkom wil toen naar een verdienmodel gebaseerd op ‘partnerships’ met bedrijven en merken, maar mag voorlopig nog experimenteren en werken aan het bereik onder de doelgroep.

De helft van alle berichten die Sikkom brengt begint met een tip vanuit ‘de community’

Foto Kees van de Veen

Het idee voor de Groningse site ontstond ironisch genoeg in Leeuwarden, op het hoofdkantoor van NDC Mediagroep. Groeneveld werkte als advertentieverkoper bij dat bedrijf, een grote uitgeverij van tientallen lokale en regionale bladen en kranten als Dagblad van het Noorden en Leeuwarder Courant. Een van zijn collega’s begon in 2012 een stadsblog voor jongeren in Leeuwarden: Suksawat, plaatselijk dialect voor ‘zoiets’.

Suksawat werd een succes, maar de bedenker raakte overspannen. Groeneveld verving hem. Zo werd hij, als Groninger, de man achter het stadsblog van Leeuwarden. Eén ding wist hij onmiddellijk zeker: „Dit gaan we ook in Groningen opzetten. Als het in Leeuwarden werkt, moet het in Groningen zeker lukken.”

Groenevelds plan raakte in een stroomversnelling na een telefoontje uit Rotterdam. Bogue, een stadsblog uit de havenstad, bleek plannen te hebben om een vergelijkbare website te lanceren in Groningen. „Na dat gesprek ben ik direct naar de directeur gelopen. Een dag later was Sikkom online.”

Twee jaar lang runde Groeneveld de site in zijn eentje. „Alles tussen mij en de directie was wegbezuinigd. Niemand wist waar ik mee bezig was.” Dat veranderde in november 2015, toen de nieuwe commercieel directeur, Pier Baarsma, aan Groeneveld vroeg wat hij eigenlijk deed. „Na dat gesprek zei hij: ‘Dit wordt groter dan jij kunt vermoeden. Wij gaan hierin investeren, en we nemen een brand manager aan.”’

Online community

Voor Sikkom, dat zichzelf een online community noemt, is de Facebookpagina met een maandelijks bereik van 800.000 van minstens evenveel belang als de site zelf. Vooral aan de meer dan 33.000 Facebookvolgers wordt veel waarde gehecht. Deze trouwe fanschare vormt voor het stadsblog een waardevol netwerk van potentiële bronnen.

„De Dump je meuk-mailbox stroomt iedere week vol’’, vertelt redacteur Freek Niemeijer (28). Van klachten over malafide pandjesbazen tot complete columns – Groeneveld schat in dat de helft van alle berichten die Sikkom brengt begint met een tip vanuit ‘de community’. Het bangalijst-verhaal begon met een berichtje op Facebook Messenger.

Om die community aan je te verbinden moet je de juiste toon vinden, vertelt Niemeijer. Dat begint al bij de oproep om nieuws met de redactie te delen. „Dump hier je meuk, het klinkt misschien wat grof, maar het bekt wel lekker. En het is laagdrempelig. Meuk, dat kan van alles zijn. En dat is het dus ook.”

Op de redactie van Sikkom, gevestigd in het Groningse kantoor van NDC, werken tien mensen. Slechts twee van hen doen dat fulltime: Groeneveld en brandmanager Liselotte Jaspers Focks (28). Haar taak: „Sikkom neerzetten als merk. En zorgen voor een sterkere binding tussen dat merk en onze doelgroep.”

Dat is nodig, want ondanks de stijgende bezoekersaantallen lijdt Sikkom verlies. NDC investeert in de site omdat de doelgroep voor hen lastig te bereiken is, vertelt Jaspers Focks. „Maar het is wel de bedoeling dat we in 2019 onze eigen broek op kunnen houden.”

De lokale journalistiek heeft het zwaar. Lees hier ons verhaal van vorig jaar.

Mensen denken nogal eens dat Sikkom een hetze voert tegen het Groningse studentencorps, zegt Niemeijer. Wat hem betreft ten onrechte. „Als Vindicat een diner voor daklozen organiseert, schrijven wij daar ook over. Maar die artikelen worden door veel minder mensen opgemerkt. Het zijn toch vaak de negatieve verhalen die landelijk worden opgepikt.”

Sikkom kiest er bovendien dikwijls voor om verhalen níét te brengen. „Dat incident waarbij een Vindicater op het hoofd van een aspirant-lid ging staan, daar zijn wij ook over getipt”, vertelt Groeneveld. „Maar omdat we die week al zo veel negatief nieuws over Vindicat hadden gebracht, besloten we dit te laten gaan. Het moet geen bashen worden.”

Traditionele media zouden zo’n afweging niet gauw maken, beaamt Groeneveld. „Onze journalistieke normen liggen misschien iets lager. Maar áls we iets doen, zijn we oprecht. En we plegen altijd hoor en wederhoor.’’

De ‘iets lagere’ journalistieke normen brengen het stadsblog soms in de problemen. Het verhaal over het sushirestaurant bracht Sikkom op basis van alleen anonieme bronnen. Vindicat ontkende, evenals het restaurant zelf. „Een dag lang werden we beschuldigd van nepnieuws”, vertelt Groeneveld. „Totdat een aantal landelijke media het verhaal brachten met bronnen die wel on the record wilden. Toen hadden we ineens gelijk.”