Column

De kunst van het onvoltooid blijven

Op de radio maakt een reisorganisatie reclame door over hun vakantiereizen te spreken als manieren om ‘nieuwe herinneringen aan te maken’. Eigenaardig is dat, alsof de belevenis zelf amper de moeite waard is. Het hele leven is een manier om nieuwe herinneringen aan te maken, zo je wilt, maar het blijft een wonderlijke manier om ernaar te kijken. Of is de gedachte dat je als het ware een voorraadkoffer moet pakken voor later, voor als je niet meer zo veel beleeft? Ik geloof niet dat dat werkt. Iedereen wil toch ook heden hebben.

Ik las het boek Voltooid leven van Els van Wijngaarden, waarin ze praat met 25 oude mensen die allemaal om verschillende redenen vinden dat hun leven niet meer zoveel waard was. Want dat is eigenlijk wat ze bedoelen met ‘voltooid’ en niet iets fraais in de zin van ‘afgerond’, ‘alles eruit gehaald wat erin zat’, of wat de connotaties nog meer zijn bij die term.

Het is een beetje ruw om de genuanceerde overwegingen en gespreksweergaven van Van Wijngaarden samen te vatten, maar veel van de mensen die ze had gesproken, leden aan een gevoel van zinloosheid dat te maken had met gebrek aan waardering en niet meer nodig zijn. Maatschappelijk uitgerangeerd, op een zeker moment ook niet meer gewenst als vrijwilliger, voelden ze zich erg overbodig. Als ze kinderen hadden, hadden die ze ook niet meer nodig, en ook voor het overige waren er vaak maar dunne bindingen.

Natuurlijk waren dit mensen die allemaal gereageerd hadden op een oproep om mee te doen aan een onderzoek naar ‘voltooid leven’, maar toch is het helaas wel invoelbaar dat men zich met het oud worden steeds overbodiger gaat voelen. Niet meer nodig.

Voor ouderen houdt het leven zin als ze het gevoel hebben erbij te horen, nodig te zijn

Is het belangrijk om zich ‘nodig’ te voelen? Het is een vrolijker idee dat mensen dingen doen omdat ze die graag willen doen, en niet uit verantwoordelijkheidsgevoel of omdat ze, nog erger, iemand aan zich willen verplichten. Het zou het mooiste zijn, als het ook op hogere leeftijd zo zou kunnen zijn dat er van alles is dat mensen graag doen, en dat ze daartoe ook in staat zouden zijn. Maar zo is het vaak niet, menigeen wordt afgesneden van wat hij of zij graag deed door lichamelijke omstandigheden en beperkingen, of doordat de maatschappij zegt dat het zo wel genoeg is geweest, dat we die kennis, die hulp, dat gezelschap niet meer nodig hebben.

Ik vind het wel eens verbazend hoe gesegregeerd ouderen leven van de rest van de maatschappij, met eigen clubs en verenigingen die dingen organiseren voor ‘senioren’, soms zelfs in eigen tehuizen waar iederéén oud is. Als ze naar zoiets toe gaan, zeggen alle oude mensen dat ze niet zoveel zin hebben in ‘alleen maar oude mensen’. Alleen maar mensen die óók buiten de maatschappij staan, die een beperkt leven leiden, met hooguit reizen om nog meer herinneringen aan te maken.

De oude mensen die ik ken hebben trouwens ook niet meer zoveel zin in reizen. Reizen kan een enorm zinloos tijdverdrijf worden. Zeker als het alleen maar gedaan wordt omdat het leuk is voor later.

Wordt het steeds moeilijker om plezier in iets te hebben als je ouder wordt? Ik weet het niet. Ik denk dat het moeilijker wordt om plezier in iets te hebben als wat je doet geen enkele betekenis meer heeft voor iemand anders dan jezelf. Herinneringen ophalen in je eentje, daar word je ook niet veel vrolijker van. Erbij horen, tot het heden blijven horen, onvoltooid blijven. Dat is de kunst.

Marjoleine de Vos is redacteur van NRC.