opinie

    • Folkert Jensma

Knopen doorhakken is zó 2017, dat kan beter

Het kan niet anders of in 2018 komt de innovatie van de rechtspleging van binnenuit op gang. De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, de vakorganisatie van magistraten en officieren, begon vorig najaar een ambitieus project dat „nieuwe wegen” wil vinden om de rechtspleging „menselijker, rechtvaardiger, effectiever” te maken.

Thema en urgentie werden ontleend aan een rapport uit mei dat de voorpaginakop ‘Rechtsstaat is fantastisch voor juristen, slecht voor burgers’ meekreeg. Steeds meer (juridische) problemen van burgers blijven namelijk onopgelost, de honderden miljoenen voor rechtshulp en rechtspraak ten spijt. Voor burenoverlast, ontslag, echtscheiding functioneert het recht ondermaats.

Daar reageerde de juridische stand aanvankelijk nogal verstoord op, vooral omdat zij als onderdeel van het probleem werd neergezet. Rechters kwamen met het gebruikelijke verweer dat er bij conflicten maar één is die de knoop doorhakt, en dat zijn zij. „Burgers willen geen hulp, maar een beslissing.” Goed, maar heb je daar dan ook wat aan?

Intussen ziet iedereen dat het recht almaar complexer en dus minder begrijpelijk wordt. Verder neemt de mondigheid juist toe en stelt de overheid zich steeds zakelijker op. Aanslagen, beschikkingen, toeslagen en boetes rollen uit computers. Wie als digitale burger uit de boot valt, verzeilt in een draaikolk van terugvorderingen, naheffingen, met deurwaarder en gijzeling toe. De Raad voor de Rechtspraak begon zich eind 2016 al zorgen te maken. Rechters gaven in een groot onderzoek aan zich vaak machteloos te voelen. Doen onze vonnissen er toe? Zijn er niet te veel langlopende rechtszaken die uiteindelijk niks oplossen? Is er niet te veel hermetische of falende wetgeving die problemen verergert, ongeacht een vonnis? Dat onderzoek concludeerde dat (alleen) juridische beslissingen maatschappelijk niet meer volstaan. De rechter moet veranderen „van knopendoorhakker in een juridische strijd in een beslechter van conflicten tussen mensen”. Daarin zou de rechter regisseur moeten zijn, die met partijen ‘zoekt naar een duurzame oplossing’ – een praktijk die nogal ver af ligt van de praktijk van veel rechters. Ze schrijven een vonnis, doen het op de post en hopen er het beste van. Niemand weet ook hoeveel van die honderdduizenden civiele vonnissen in de praktijk nu echt worden nageleefd. Het laatste pilotonderzoek uit 2009 liet een bandbreedte zien van 31 procent naleving bij zaken waar de gedaagde niet kwam opdagen, tot 85 procent bij schikkingen waarin partijen het formeel wel eens werden. Maar vervolgens vergaten zich er ook aan te houden. Zaak beslist, conflict zeurt verder. Rechtspraak als l’art pour l ’art.

Onlangs was ik bij een afscheidssymposium bij de Hoge Raad waar Piet Hein Donner, vice president van de Raad van State, de kritiek onderschreef. Op zichzelf is de rechtspraak volgens hem nog „het best functionerende deel van de rechtsstaat. Over alles kan worden geprocedeerd, iedere beslissing kan worden aangevochten […] Alleen, die waardering daalt snel bij wie in concreto met de rechter te maken had. Dan blijkt rechtsstatelijke perfectie in de praktijk bezwaarlijk; te lang, te duur, te onvoorspelbaar. Gegeven de complexiteit van het recht is procederen zonder rechtsbijstand vrijwel onmogelijk.[…] . Het verwijt dat het rechtsproces niet is gericht op het bevredigend beslechten van conflicten maar op het oplossen van juridische vragen is ook niet geheel ongegrond.” De rechtspraak „beantwoordt minder goed aan de maatschappelijke behoeften”.

De NvVR wil er van binnen uit wat aan gaan doen. Er is een groep van 35 interne ‘leiders’ geformeerd, er komen maandelijkse bijeenkomsten, er is een website met een auteursblog. De opgave is ‘hoe de ruimte voor innovatie te vergroten’. En wel zonder vast te lopen in institutioneel overleg. Of in wéér zo’n goed bedoelde, maar tien jaar durende poging om een wetboek te herschrijven. Met als extra opgave degenen voor wie procederen bij conflicten juist het verdienmodel is erin mee te krijgen. En gebrek aan toegang tot het recht de economische reden van bestaan.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Facebook: nrcrecht
    • Folkert Jensma