Aanslag Normandië

‘Politie verdoezelde falen bij moord priester’

De inlichtingendienst van de Parijse politie heeft enkele dagen voor de moord op een priester in juli 2016 in het Normandische Saint-Étienne-du-Rouvray, informatie onderschept die de terreuractie had kunnen voorkomen. Dat meldt de Franse onderzoekswebsite Mediapart. Door miscommunicatie en vakantieverlof belandde de informatie niet op de juiste plaats. Om het falen van de dienst te verhullen, werd de informatie enkele uren na de aanslag verwijderd en geantidateerd om sporen uit te wissen, zo schrijft Mediapart. Het Parijse openbaar ministerie is een vooronderzoek begonnen naar de vermeende onregelmatigheden, zo meldde de Franse krant Le Monde vrijdagavond.

De aanslag vond plaats toen de 85-jarige priester Jacques Hamel in de kerk een ceremonie leidde en twee tieners de kerk binnenvielen en Hamel met acht messteken ombrachten. Een 86-jarige vrouw raakte zwaargewond. Een van de twee daders, de 19-jarige Adel Kermiche, stond al onder elektronisch huisarrest. Hij zou tot de moord zijn gekomen nadat pogingen van hem om Syrië te bereiken waren mislukt. Dat liet hij eerder via chatdienst Telegram weten.

Volgens Mediapart zou een medewerker van de inlichtingendienst van de Parijse politie vijf dagen voor de aanslag met het account meegelezen hebben en een rapport hebben opgemaakt. Maar omdat meerdere verantwoordelijken die week met verlof waren, bereikte de informatie nooit de binnenlandse veiligheidsdienst DGSI, dat verantwoordelijk is voor de regio. Kort na de aanslag zou de inlichtingenofficier van de Parijse politie door zijn meerderen gevraagd zijn het rapport te dateren op een later moment en te wissen. Ook zijn online zoekgeschiedenis werd gewist. De Parijse politieprefectuur geeft geen commentaar.

    • Peter Vermaas