Opinie

De PvdA komt zichzelf tegen bij de kwestie Moorlag

De rel over het vermeend onoirbaar optreden van Kamerlid William Moorlag (PvdA) in een vorige functie, verloopt volgens klassiek Haagse patronen. Wat een kwestie om de positie van één persoon leek, zwelt nu aan tot een diepe crisis in de PvdA over de sociale werkvoorziening en het eigen optreden als regeringspartij.

Moorlag was tot voor kort directeur van Alescon, het sociaal werk-bedrijf in Assen. Eind december oordeelde de kantonrechter in een door de vakbond FNV aangespannen proces dat Alescon in strijd met de wet meer dan 400 mensen met een arbeidsbeperking inhuurde via een zelf opgericht uitzendbureau. Met bijbehorend lager inkomen. In de PvdA is dat een hooggevoelig thema want de partij is formeel fel gekant tegen dit soort schijnconstructies.

Het partijbestuur wil dat Moorlag zijn Kamerzetel opgeeft. Maar intern is de PvdA verdeeld. Dus heeft de partij een commissie met zwaargewicht Saskia Noorman-Den Uyl ingesteld, die de kwestie uiteraard tot de bodem moet uitzoeken. De partijleider, fractievoorzitter Lodewijk Asscher, vertoont een zwabberkoers. Aanvankelijk steunde hij zijn vers toegetreden fractiegenoot, die de zetel van de voortijds vertrokken Jeroen Dijsselbloem vervult. Onder de aanzwellende kritiek zou Asscher nu ook voorstander zijn van het vertrek van Moorlag. Maar vragen daarover kunnen moeilijk gesteld worden omdat hij zich Tasmanië bevindt, de plek die op aarde het verst is verwijderd van het Binnenhof. Maar ook de afwezige leiding is een vast onderdeel bij Haagse politieke crises. Extra complicatie is het opduiken van partijprominent Job Cohen in de buurt van een onderzoek van de 90 sociale werkplaatsen in Nederland naar de vraag in hoeverre de in Drenthe gehanteerde constructie ook elders wordt toegepast. En het hier dus niet gaat om een incident.

Er is de PvdA veel aan gelegen de kwestie met grote snelheid af te handelen vanwege de komende gemeenteraadsverkiezingen. Groningse PvdA’ers spreken van een afrekening „waarna het lijk snel wordt weggemoffeld”. Waar trouwens ook nogal wat dedain uit blijkt van het Amsterdamse partijbureau jegens de kiezer.

De constructie die Alescon bedacht, was bedoeld om de gevolgen van de overhaaste afbouw van de sector van de sociale werkgelegenheid op te vangen. Verantwoordelijk daarvoor was toenmalig minister Asscher (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) – dezelfde die nu in Tasmanië zit. De constructie had destijds ook de instemming van de ondernemingsraad van Alescon en de FNV. Omdat hiermee werkgelegenheid voor een groep werknemers die het toch al niet makkelijk hebben in stand kon blijven. De rol van FNV, die onder een nieuwe leiding na vijf jaar in actie kwam, zou ook bij de onderzoeken die nu in gang worden gezet, kunnen worden betrokken. Is hier een partijpolitieke afrekening gaande tussen SP en PvdA in de vakbond?

De PvdA ziet zich als oppositiepartij geconfronteerd met de gevolgen van het eigen optreden als regeringspartij. Dat biedt een uitstekende gelegenheid om gemaakte fouten onder ogen te zien. En niet de uitvoerder onder de trein te gooien die pragmatisch trachtte er het beste van te maken in de sociale arbeidsvoorziening. Voor de crisis in deze sector was partijleider Asscher zelf verantwoordelijk. Dat toegeven zou al een stap zijn op weg naar meer eerlijkheid tegenover de kiezer. En naar verbetering van de positie van de mensen waar dit eigenlijk om zou moeten gaan, de werknemers met een arbeidsbeperking.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie