Raakt Nederland IOC-zetel kwijt en hoe erg zou dat zijn?

Na het terugtreden van Camiel Eurlings, is Nederland voor het eerst sinds 1898 niet meer in het Internationaal Olympisch Comité vertegenwoordigd. Wat betekent dat voor de Nederlandse sport?

Foto Chris Keulen

Nu Camiel Eurlings is teruggetreden als lid van het Internationaal Olympisch Comité (IOC), is het niet vanzelfsprekend dat hij wordt opgevolgd door een Nederlander. Of een landgenoot in zijn plaats komt, hangt sterk af van de kwaliteiten van de kandidaat en de te voeren lobby. Werk aan de winkel voor sportkoepel NOC*NSF dus.

Nadeel in de huidige constellatie is dat Nederland binnen het IOC weinig tot geen invloed meer kan uitoefenen. Rond de eeuwwisseling maakte Nederland met België de dienst uit. De Belg Jacques Rogge was voorzitter en diens Nederlandse vertrouwelingen, wijlen Hein Verbruggen en de toenmalige kroonprins Willem-Alexander, gesteund door Anton Geesink en later Els van Breda Vriesman als Nederlands derde en vierde IOC-lid, vormden een stevig machtsblok. Daar is niets meer van over.

Verbruggen en Willem-Alexander – reeds in zijn functie als koning – hebben in 2013 hun invloed nog aangewend om te voorkomen dat de door hen te oud bevonden NOC*NSF-voorzitter André Bolhuis IOC-lid zou worden. Zij parachuteerden Camiel Eurlings in het IOC. Diens schrijnend gebrek aan ervaring als sportofficial werd voor lief genomen. Eurlings’ verleden als minister en toenmalige positie als ceo van de luchtvaartmaatschappij KLM werden gezien als grote meerwaarde. Het vak van IOC-lid zou hij in de praktijk wel leren, was de redenatie. Een opvatting die gevolgd werd door onder meer Rogge. Hij zei letterlijk dat het IOC juist behoefte had aan leden met kennis van de politiek en het bedrijfsleven.

Lees ook de column van Bas Heijne over de kwestie: Afscheid van Camiel.

Onder Rogges opvolger Thomas Bach zijn de verhoudingen ingrijpend veranderd. De in 2013 tot IOC-voorzitter gekozen Duitse oud-schermer en jurist zal bij de opvolging van Eurlings sterk op loyaliteit letten. In 2021 zit zijn eerste termijn van acht jaar erop en wil hij voor een laatste periode van vier jaar herkozen worden. Bach wil zich bij elke aanstelling van een nieuw IOC-lid ook verzekeren van steun voor verlenging van zijn voorzitterschap.

Masserend werk

De waarde van het IOC-lidmaatschap voor een land moet niet worden overdreven. Hij of zij is een radertje in een groot mechanisme, met beperkte macht. Tenzij het voorzitterschap in het geding is. De invloed is het sterkst bij de kandidaatstelling voor Olympische Spelen. Het Braziliaanse IOC-lid Carlos Nuzman bijvoorbeeld heeft het IOC warmgemaakt voor de Zomerspelen in Rio de Janeiro. De absentie van een IOC-lid (voor het eerst sinds 1898, baron Van Tuyll van Serooskerken was de eerste) zal weinig effect hebben op het sportland Nederland. Aruba is wel vertegenwoordigd, door Nicole Hoevertsz.

Op grond van het Olympisch Handvest kan iedereen die zich capabel acht zich aanmelden voor een plek in het IOC, maar een sterke kandidaat van NOC*NSF maakt de meeste kans. Nadeel is dat NOC*NSF nauwelijks tot geen tentakels heeft op het IOC-hoofdkantoor in Lausanne en niet uitblinkt in lobbyen, tenzij Eurlings op de achtergrond bereid is masserend werk te verrichten. De ironie wil dat Eurlings het laatste jaar druk doende was NOC*NSF sterker te positioneren binnen het IOC.

Ander minpunt voor Nederland is dat de 70 IOC-zetels voor permanente leden – er zijn ook nog 45 aan wereldsportbonden, nationaal olympische comités en sporters gelinkte zetels – ook gebruikt worden voor strategische doeleinden. Van de 205 aangesloten landen, heeft een grote minderheid geen IOC-zetel. Uit het oogpunt van mondiale spreiding is het heel goed denkbaar dat Bach de vrijgekomen Nederlandse stoel doorschuift naar een land dat ‘aan de beurt’ is.

Lees ook ons interview met Eurlings: ‘Ik moet va banque in de spiegel kijken’.

Voordeel voor Nederland is zijn positie als groot sportland. Nederland behoort bijna twintig jaar tot de twintig best presterende landen op Olympische Spelen, met als uitschieter een achtste plaats op de Zomerspelen van Sydney in 2000. Het IOC zal een voornaam sportland niet snel buitensluiten. Voorheen gold dat een land dat ooit Olympische Spelen heeft georganiseerd (Amsterdam organiseerde in 1928 Spelen) recht heeft op een IOC-zetel, maar die regel is onder Rogge afgeschaft. Op de achtergrond speelt die status in de overwegingen nog wel mee. Insiders zouden het vreemd vinden als Eurlings niet wordt opgevolgd door een landgenoot.

Het IOC onthoudt zich van commentaar over de opvolging van Eurlings. Een woordvoerder wil niet meer kwijt dan dat de beslissing van Eurlings wordt betreurd „omdat we in hem een warm voorstander van de in gang gezette hervormingen hebben leren kennen”.

Aanvulling (5 januari 2018): Aan dit artikel is vrijdagavond toegevoegd dat Aruba wel is vertegenwoordigd in het IOC. Aruba is een land binnen het Koninkrijk der Nederlanden, en doet onder eigen vlag mee aan de Olympische Spelen.

    • Henk Stouwdam