Oudkerk: ik moest uitgelote kinderen alsnog plaatsen

Loting scholieren

Rob Oudkerk, voorzitter OSVO, stelt de wethouder te hebben geïnformeerd over de oplossing voor herplaatsing van uitgelote scholieren. Zij ontkent dat.

Rob Oudkerk: „Je kan het niet maken dat het systeem bepaalt dat je in een busje naar Hilversum of Velsen moet.”

Rob Oudkerk, bestuursvoorzitter van de koepel van Amsterdamse schoolbesturen OSVO, zegt dat hij onderwijswethouder Simone Kukenheim (D66) in de zomer op de hoogte heeft gebracht van het feit dat enkele uitgelote kinderen alsnog op de middelbare school van hun keuze werden geplaatst – aanvankelijk was voor hen geen plaats op een Amsterdamse middelbare school gevonden, al hadden zij wel twaalf scholen ingevuld op hun voorkeurslijst.

Een woordvoerder van de wethouder beweert echter dat Kukenheim „niet is verteld en zij ook niet heeft gevraagd welke oplossing” Oudkerk had gevonden.

Over de kwestie ontstond ophef nadat Het Parool vorige week onthulde dat de kinderen tóch naar populaire scholen zijn gegaan. Voor sommigen is plaats ingeruimd op die overvolle scholen, erkent Oudkerk. Dit in tegenstelling tot enkele honderden andere kinderen die op de wachtlijst stonden voor dezelfde geliefde scholen. Velen zijn terechtgekomen op een school die zij veel minder zagen zitten – sommigen zelfs buiten Amsterdam.

Volgens raadslid Erik Flentge van coalitiepartij SP „ondergraaft” deze oplossing het principe dat OSVO voor „ieder kind een eerlijke kans op plaatsing moet bieden.” Het bijplaatsen van stoelen is een omstreden maatregel – tijdens een vergadering van de raadscommissie voor onderwijs in april bezwoer Oudkerk zelf nog dat hij die oplossing in elk geval niet zou kiezen.

In mei probeerden elf ouders tevergeefs via de rechter plaatsing voor hun kinderen af te dwingen op een door hun gewenste school. De rechter zei dat hij geen wettelijke basis kon vinden om aan de eisen van de ouders te voldoen. Wel deed de rechtbank een moreel appèl op Oudkerk als voorzitter om alsnog een oplossing te vinden voor de kinderen die op geen enkele school waren ingedeeld.

Dat is dus inderdaad gebeurd. Het OSVO zegt ongevoelig te zijn geweest voor de rechtszaak, maar het moreel appèl van de rechter wel in hun overweging te hebben meegenomen. Het OSVO is tot het bijplaatsen van stoeltjes overgegaan, omdat volgens Oudkerk „in een stad als Amsterdam je het niet kan maken dat het systeem bepaalt dat je in een busje naar Hilversum of Velsen moet”.

In Amsterdam is al jaren discussie over het plaatsingssysteem voor middelbare scholieren. Kinderen worden via een matchingsysteem bij middelbare scholen ingedeeld. De kinderen leveren een voorkeurslijst in, waarop zij de scholen invullen waar zij naartoe willen. Een algoritme deelt hen vervolgens in op de beschikbare plaatsen. In principe heeft Amsterdam genoeg plaats voor alle leerlingen, maar omdat sommige scholen extreem populair zijn, moeten de schaarse plaatsen via dit systeem worden verdeeld.

Dit schooljaar vielen 44 kinderen buiten de boot tijdens de loting. Van die leerlingen hadden er 27 volgens het OSVO slechts twee of drie scholen ingevuld op hun voorkeurslijst – zij moesten naar andere scholen. Zeventien kinderen hadden wel twaalf scholen ingevuld, maar werden toch niet geplaatst. Voor de meesten van hen is het OSVO een oplossing gaan zoeken in overleg met de ouders. „Dat was de wens van de gemeenteraad”, zegt Oudkerk. Hij doelt op de commissievergadering van 13 april. „Zij gaven mij daar de opdracht: Regel het!”

In die vergadering zei Oudkerk dat het zomaar bijplaatsen van stoelen op populaire scholen geen goede oplossing zou zijn. „Dan zegt de nummer 1 op de reservelijst dat hij ook wil. Dit is niet mogelijk met de capaciteit. Al zou het OSVO het willen, dan zou het niet kunnen, want dan zou het nog slechter aflopen”, aldus Oudkerk in april.

Oudkerk zegt nu desgevraagd dat deze oplossing toch weer in beeld kwam toen schoolbesturen later bereid bleken een stoeltje bij te plaatsen. „Ik heb mijn bestuurlijke en gemeenschapsplicht gedaan”, vindt hij.

De gemeenteraad wil de zaak tijdens de eerstvolgende vergadering van 17 januari bespreken.

Het OSVO heeft inmiddels afgesproken dat kinderen die komend jaar twaalf scholen op hun voorkeurslijst invullen, hoe dan ook op een van die twaalf scholen terechtkomen.

Correctie (8 januari 2018): In een eerdere versie van dit stuk stond dat wethouder Simone Kukenheim niet wist van de herplaatsing van scholieren. Dat klopt niet. Zij wist dat wel, maar naar eigen zeggen wist ze niet van de manier waarop dit gebeurde. Hierboven is dat aangepast.