Opinie

    • Bas Heijne

Afscheid van Camiel

Een jaar of drie geleden kwam ik bij een diner naast de vrouw van een hooggeplaatste CDA’er te zitten. Ze babbelde er gezellig op los. Onder andere over de partij van haar man.

Buma, verzuchtte ze. Die heeft toch geen charisma.

Ik knikte begrijpend.

Niet zoals Camiel, zei ze. Ze keek een beetje verliefd.

Ik was even stil. Maar die komt toch niet terug in de politiek, opperde ik. Eurlings was er toen net onceremonieel uitgeflikkerd bij KLM.

Nee. Ze aarzelde. Nou ja, misschien als burgemeester.

Nu alle pijlen op Camiel Eurlings gericht zijn, en hij zojuist is aftreden als IOC-lid, is het misschien goed even terug te kijken. In zijn dagen als CDA-politicus werd Eurlings steevast bejubeld als „kroonprins”. Hier en daar gingen wenkbrauwen omhoog toen hij de politiek plotseling inruilde voor AirFrance-KLM, waar hij eerst directielid en vrijwel meteen daarna president-directeur werd. Dat was politiek opportunistisch en ethisch gezien niet in de haak – de man was minister van Verkeer en Waterstaat geweest. Maar vooral verbaasde het dat iemand zonder enige ervaring in het zakenleven op zo’n hoge positie werd gekatapulteerd.

Het jubelkoor zwol nog verder aan. Een half jaar voor zijn val, werd Eurlings gekozen tot „de meest inspirerende bestuurder van 2014”. In een poll onder duizend Nederlandse zakenmensen kwam hij als duidelijke winnaar naar voren. „In veel opzichten is Eurlings een afwijkende topman”, slijmde de business-site MT.nl. „Afwijkend in loopbaan, leeftijd en ook stijl: bijna on-Nederlands open en enthousiast. Dingen gaan snel bij hem.”

Zo snel, de Old Boys konden het nauwelijks bijbenen. In 2013 werd Eurlings verkozen tot enig Nederlands IOC-lid. Opnieuw gingen er wenkbrauwen omhoog – wat had Eurlings in godsnaam met sport te maken? „Fantastisch nieuws”, juichte oud-tennisser Richard Krajicek. „Ik denk dat we nu een heel goede en waardige opvolger van onze koning krijgen in het IOC. Camiel is jong, sportief, intelligent en heeft een geweldige carrière in het zakenleven. Hij heeft precies de uitstraling die we willen.”

Toen het misging met Camiel gingen de dingen ineens een stuk minder snel. Tweeënhalf jaar nadat hij zijn voormalige vriendin in elkaar had gerost, kwam hij met een voorgekookte spijtverklaring, onder andere in de vorm van een te weinig kritisch interview in NRC.

Het was vreselijk old school crisismanagement, en natuurlijk werkte het niet. Integendeel, het was juist die opzichtige berekening, dat doorzichtige opportunisme, dat zich nu tegen Eurlings keerde. Te laat, te weinig, te achterbaks weer. „Ik moet va-banque in de spiegel kijken”, zei Eurlings. Waarschijnlijk een Freudiaanse verspreking: wie va-banque speelt in het casino, zet alles in een keer in om zichzelf te redden.

Alles kwijt.

Leerzaam was het – je zag een wanhoopspoging van de kringen rondom Eurlings om hem in het zadel te houden, volgens een recept dat vroeger altijd wél werkte – op moeilijke momenten snel een foto aan het strand met een „topmodel” op de voorpagina van de Telegraaf, of grijnzend naast Mark Rutte op een boot in de Amsterdamse grachten.

Het is de #MeToo-beweging die Eurlings definitief liet struikelen. Wat eerst met veel aftandse spin werd weggemoffeld (Eurlings deed eerst nog brutaal aangifte tegen zijn ex wegens smaad en laster), kon ineens niet langer. Zijn omgeving – de politiek, de zaken- en de sportwereld – heeft hem zo lang mogelijk de hand boven het hoofd gehouden. Men neemt nu razendsnel afstand van hem, omdat het niet anders kan – maar men had het maar wat graag anders gewild.

Iemand zou eens sociaal-cultureel moeten onderzoeken waarom in Nederland lege narcisten zo snel omhoog kunnen vallen, onder luid, aanhoudend applaus – in de politiek, in de showbizz, in de zakenwereld, overal eigenlijk. Is het gebrek aan eigen overtuiging? Is het luie onwil om je ergens serieus in te verdiepen, kritische vragen te stellen? Is het een ziekelijke hang naar de oppervlakte, een lui meelopen met waar iedereen al achteraan loopt?

Camiel Eurlings is altijd een wonder van opportunisme geweest – de man heeft veel met zichzelf, maar niks met politiek, niks met het zakenleven – en ook niet veel met vrouwen, lijkt het. Toch werd hij hoog opgetild en jarenlang bejubeld, deze kroonprins, de inspirerende zakenman, de minnaar van topmodellen. Nu hij op de grond ligt, is het gemakkelijk trappen. Maar voor we zo haastig en zo eensgezind afscheid van Camiel nemen, kan het geen kwaad even va-banque in de spiegel te kijken.

Bas Heijne schrijft elke week een column op deze plaats.
    • Bas Heijne