Steef de Jong‘Theater staat haaks op de werkelijkheid’

Theater

Voor zanger en theatermaker Steef de Jong is operette zijn grote liefde. In 2017 brak hij door met ‘Steefs Operette Uurtje’. Er komt nu een serieuze operette-avond. „Je moet ernaar leren kijken.”

‘De droombeelden uit de operette neem ik serieus. Ik zie de schoonheid ervan, ze nemen me mee naar een andere wereld”, zegt zanger en acteur Steef de Jong (34) over zijn geliefde muziekgenre, de operette. „Zoals de aria ‘Gruß mir mein Wien’ uit Gräfin Mariza waarin een zanger de maan vraagt zijn geliefde Wenen te groeten, dat ontroert me. Vroeger dacht ik dat je operette moest zien alsof het camp is, een oppervlakkige mix van kunst en kitsch. Maar dat is ten onrechte. Operette is in artistiek opzicht net zo hoogstaand en zelfs avant-gardistisch als opera. Alleen je moet ernaar leren kijken.” Deze week werd bekend dat Steef de Jong de Mary Dresselhuys Prijs 2017 ontvangt voor zijn oeuvre. De jury roemt hem als een „opmerkelijk fenomeen, een inventief en regelrecht multitalent”.

Met zijn theatergezelschap Groots en Meeslepend, opgericht in 2013, is De Jong verantwoordelijk voor een opmerkelijke revival van de operette. Voorstellingen als Straussvogel, Ludwig en Steefs Operette Uurtje, alle geregisseerd door Ina Veen, zijn een eerbetoon aan walsenkoning Johann Straus jr, Ludwig II van Beieren en aan de Franse operettekoning Jacques Offenbach. Zelden klinkt An der schönen blauen Donau zó oprecht als bij Steef de Jong. Geen camp, geen knipoog, nee, het is de zanger en theatermaker volle ernst.

Ooit kende ons land een rijk operetteleven met de Haagse Hofstad Operette en de Amsterdamse Hoofdstad Operette. „Waarom bestaat operette niet meer?”, vraagt De Jong zich hardop af. „Een van de eerste operettes die ik hoorde was Viktoria und ihr Husar en het eerste lied ‘Wolgalied’ uit Der Zarewitsch door Marco Bakker. Dat maakte diepe indruk. Mensen zeggen vaak dat operette een schijnwereld van porselein en suikergoed presenteert, maar dat is juist de kracht ervan. Theater moet haaks staan op de werkelijkheid. Operette zoals ik die breng is altijd een spel met theaterillusie: een sprookjeswereld komt tevoorschijn en verdwijnt weer.”

Misschien komt het door zijn grootmoeder dat De Jong geboeid is geraakt door de wereld van operette, variété en revue. Als vijftienjarig meisje sloot ze zich in Haarlem aan bij de rondreizende artiesten Fiochi Sisters and Paolo. Zij vertrok naar Duitsland en keerde pas na jaren terug. Samen met cabaretier Alex Klaasen maakte De Jong de toneelhit De Modern Art Revue. Op onnavolgbare wijze bespreken de spelers de ontwikkelingen in de moderne kunst van de laatste eeuw. Net als in zijn eenpersoonsoperettes drukt De Jong iets van een ingénu uit zoals hij de toeschouwer aankijkt met open ogen. Alsof hij wil zeggen: „Kijk, hoe bijzonder operettekunst is.”

Op dit moment werkt De Jong aan het vervolg op zijn ‘operette uurtje’ met Orfeo, een drama van karton. Hierin keert hij terug naar de moeder aller opera’s en operettes: L’Orfeo van Monteverdi uit 1607. De Jong: „Dit wordt een serieuze voorstelling. Ik ga op zoek naar de muzikale kracht van Orpheus. Als hij onthoofd wordt, zingt hij door en hij weet zelfs rotsen, wilde dieren en bomen te ontroeren.”

De Jong wijst op talloze ansichtkaarten, knipsels, kostuumontwerpen en andere illustraties die met de mythe van Orpheus te maken hebben. Ze sieren de wand van het atelier. „Er zijn door de eeuwen heen wel zestig variaties op het Orfeo-verhaal gemaakt”, zegt hij. „Ik houd vast aan het beeld van het zingende hoofd, dat ook nog eens op Lesbos aanspoelt. In mijn operettefantasie gaan niet alleen bomen en rotsen huilen, maar wie weet ook de zee zelf. Dan zijn we helemaal terug bij de operette.”

Orfeo, een drama van karton door Groots en Meeslepend. Tekst en spel: Steef de Jong. Accordeon: Marieke Hopman. Regie: Ina Veen. Première 3/3 Toneelschuur, Haarlem. Inl: grootsenmeeslepend.nl