Revolutionaire Garde ingezet tegen betogers

Protesten Iran

De Iraanse autoriteiten pogen de betogingen tegen hen met harde hand te onderdrukken. Maar de protesten houden aan.

De Iraanse Revolutionaire Garde heeft woensdag eenheden gestuurd naar drie provincies, waar de protesten tegen de regering van president Hassan Rohani en tegen opperste leider Ali Khamenei nog steeds doorgaan. Het gaat om de provincies Hamadan, Isfahan en Lorestan, waar het sinds het uitbreken van de onrust bijna een week geleden erg onrustig is geweest.

In een van die provincies, Hamadan, gingen volgens persbureau Reuters woensdagavond opnieuw honderden mensen de straat op. Ze hieven leuzen aan als „De mensen bedelen, de opperste leider doet alsof hij God is”. In de noordelijke stad Nowshahr schreeuwden sommigen „dood aan de dictator”.

Eerder op de dag verklaarde het hoofd van de Garde, generaal Mohammad Ali Jafari, doelend op de protesten die het land al bijna een week in hun greep houden, dat „de opruiing” ten einde was. Door obstakels voor journalisten en een blokkade van sommige sociale media op bevel van de autoriteiten, is moeilijk te volgen wat er precies gebeurt. Maar uit de schaarse berichten die tot de buitenwereld doordringen, lijkt op te maken dat er op minder grote schaal wordt gedemonstreerd dan enkele dagen geleden. Eveneens staat vast dat de onrust nog niet voorbij is.

De autoriteiten organiseerden woensdag op grote schaal tegendemonstraties van regeringsgezinden, waarbij werd betoogd tegen het geweld dat zich eerder deze week bij botsingen tussen politie en demonstranten voordeed. In totaal werden daarbij 21 mensen gedood. Aan die tegendemonstraties namen tienduizenden mensen deel.

    • Floris van Straaten