Zonder die rit naar Norwich was die wereldtitel er niet

Rob Cross, wereldkampioen darts

Rob Cross stopte meermaals met darten, maar hervond zijn talent. Had zijn oom hem niet gestimuleerd, dan was hij nu nog elektricien.

Rob Cross (27) won als debutant op een WK darts meteen de titel. De voormalig elektricien is pas een jaar prof.Foto Tolga Akmen/AFP

De dagen van Rob Cross (27) zagen er twee jaar geleden uit zoals die van zoveel werkende mannen met een hobby. Elektricien in Hastings, een kuststad met nog geen honderdduizend inwoners ten zuidoosten van Londen. Vader van jonge kinderen. Werkdagen eindigden met een treinrit naar het café. Eén potje darts en daarna ervandoor, want hij moest om half vijf ’s ochtends weer op. Nu is hij wereldkampioen en is zijn bijnaam – Voltage – het enige wat nog over is van de dagen van toen.

Als zijn oom hem niet had overtuigd in februari 2016 een autorit naar Norwich te maken, 270 kilometer naar het noorden, was zijn leven misschien niet zo veranderd.

Cross had het darts weer wat serieuzer opgepakt. Hij speelde al vanaf zijn elfde, won toernooien, maar legde zijn pijlen halverwege zijn tienerjaren weg. Op zijn achttiende stopte hij weer, twee jaar lang. Zijn vriendin Georgia was zwanger. Toen hij weer begon, was dat vooral voor de lol, zei hij in 2016 tegen het toenmalige online dartsmagazine Darts Weekly.

Verrassende amateur

Dat jaar probeerde hij zich te plaatsen voor het UK Open, een prestigieus toernooi waar ook amateurs als Cross toen konden meedoen. Ze moeten zich dan wel kwalificeren. Cross had een poging gewaagd in South Benfleet, maar die mislukte. Norwich was zijn laatste kans. Hij volgde het advies van zijn oom op en ging toch. En won.

In Minehead, waar het UK Open plaatsvindt, haalde hij verrassend de vierde ronde. In zijn allereerste wedstrijd op een groot dartspodium kwam hij Michael van Gerwen tegen. Cross speelde verdienstelijk, maar trof een nummer één van de wereld in onvoorstelbare vorm; de Nederlander gooide twee keer het maximale 170 uit en tussendoor nog een negendarter. 9-5 Van Gerwen, maar de naam van Cross was – in elk geval voor even – een bekende.

Cross stopte met zijn werk en besloot zich volledig op het darts te richten. Hij schreef zich in voor de Challenge Tour van profbond PDC, het niveau onder de Pro Tour, won er drie toernooien en eindigde het jaar als lijstaanvoerder. Zo verzekerde hij zich van twee seizoenen deelname op het hoogste niveau.

Lees ook: Sprookje debutant Cross krijgt perfecte einde, dat van Taylor niet

Wat volgde, was het beste profdebuutjaar ooit van een darter. Het begon met 250 pond (282 euro) die Cross kreeg voor zijn derde ronde in een kwalificatietoernooi voor het UK Open en eindigde met een prijzengeldtotaal van ruim 600.000 pond (677.000 euro).

Met de hervonden toewijding bleek pas wat een natuurtalent Cross was. Hij werd een bekend gezicht op de televisietoernooien. Het kale hoofd en wat ouderlijke gezicht dat je doet vergeten dat hij nog een twintiger is. Die robotische manier van gooien, de pijlen een logisch verlengstuk van zijn arm. Een katapult, de arm die helemaal strekt en naar het bord wijst als hij loslaat en die naschokt als de pijl in een triple boort.

Cross werd alleen maar beter naarmate het jaar vorderde. Hij won vier titels, haalde de kwartfinale van de Grand Slam of Darts, de halve finale van de Players Championship Finals en de finale van het EK, waarin hij verloor van Van Gerwen.

IJzig kalm onder druk

Voor het WK was hij al de nummer twintig van de wereld en een van de outsiders van de titel. Zijn vorm groeide onder de druk van belangrijke wedstrijden. IJzig kalm was hij tegen Michael Smith in de tweede ronde, die een pijl voor de wedstrijd had.

Al helemaal tegen Michael van Gerwen in de halve finale, een wedstrijd die een van mooiste ooit op het WK werd: 6-5 in sets, beslist na sudden death, zes wedstrijdpijlen voor de Nederlander. Cross ging er alleen maar beter van darten. Met dezelfde rust die hij in de interviews voor en na wedstrijden heeft, bescheiden en zachtaardig, op het saaie af.

De WK-finale tegen zijn idool Phil Taylor was Cross’ beste wedstrijd tot nu toe. Hij kleineerde de man tegen wie hij altijd opkeek in diens laatste wedstrijd. Dankzij jonge spelers als Cross weet Taylor dat het darts, dat hij met zijn zestien wereldtitels groot maakte, in goede handen is.

Cross is binnen een jaar de nummer drie van de wereld, speelt in de prestigieuze Premier League, maar kan nog steeds „dertig procent beter”, zei hij tegen Sky Sports. „Ik ga mezelf thuis afvragen wat ik nog wil verbeteren en zal blijven werken aan mijn spel tot ik er gelukkig mee ben. Wanneer ik er gelukkig mee ben, zal ik nummer één van de wereld zijn.”

    • Frank Huiskamp