Olafur Eliasson is activistisch kunstenaar – én middelgroot bedrijf

Beeldende kunst Olafur Eliasson exposeert deze zomer in Tate Modern, Londen. De kunstenaar levert amusement en bewustwording. Hij is hét symbool van de moderne levensstijl die altruïsme, activisme, zelfvervulling en kunst naadloos combineert. Wat kan daar tegen zijn?

De installatie Ice Watch, smeltende blokken poolijs, van Olafur Eliasson half december bij Tate Modern in Londen.
De installatie Ice Watch, smeltende blokken poolijs, van Olafur Eliasson half december bij Tate Modern in Londen. Foto Henry Nicholls/ Reuters

De grote klimaatconferentie in Katowice was vorige maand nog maar net geopend, toen Olafur Eliasson (51) een nieuwe versie van zijn project Ice Watch presenteerde. Op twee plaatsen in Londen had hij in totaal 24 grote brokken poolijs neergelegd, met een gewicht van anderhalf tot vijf ton per stuk, opgevist uit het water van het Nuup Kangerlua-fjord bij Groenland. Tijdens de klimaattop, en even daarna, smolten de zeker tienduizend jaar oude brokken langzaam weg, als krachtig en tastbaar symbool voor de gevolgen van de opwarming van de aarde. Vooral het fysiek van de grote glanzende brokken had een sterke impact op de toeschouwers. Je kon het ijs aanraken, aaien, en als je je oor op een brok legde, hoorde je diep vanbinnen het ijs borrelen en piepen – en ondertussen spoelde die gestolde tijd voor je ogen tussen de stoeptegels door weg. Kijk, daar ging het, de kwetsbaarheid van de aarde.

Het was Eliassons derde versie van Ice Watch. De eerste was in 2014 in Kopenhagen, bij de publicatie van het Fifth Assessment Report on Climate Change, de tweede was in december 2015 in Parijs, toen daar de 21ste klimaattop werd gehouden. Daarom was het nogal vreemd dat deze derde versie in Londen was – had Katowice niet veel meer voor de hand gelegen? Tot je besefte waar de brokken lagen: de ene helft voor het hoofdkantoor van Bloomberg, de hoofdsponsor van het project, de andere helft voor Tate Modern, waar Eliasson vanaf 11 juli van dit jaar een grote expositie heeft. Daarmee ging de aandacht voor het klimaat ineens wel héél mooi samen met een stevige hoeveelheid praktische promotie – geen artikel over Ice Watch dat de aankomende Eliasson-blockbuster niet even meenam. Toch hoorde je niemand over dit subtiele opportunisme, laat staan dat er iemand kritisch over was. Want dat is ongetwijfeld Eliassons grootste kracht: hij is op dit moment hét symbool van de moderne levensstijl waarbij je kunst, activisme, altruïsme en zelfvervulling naadloos combineert, zonder daarbij offers te hoeven brengen. Daar kan toch niets op tegen zijn?

Bedrijf

Geen misverstand: misschien ís er ook wel niks op tegen. Eliasson is zeker een voorbeeld voor veel mensen. De Ice Watch-projecten dragen onmiskenbaar bij aan klimaatbewustzijn, zijn Little Sun, een zaklamp op zonne-energie voor mensen in gebieden zonder elektriciteit is een groot succes. Via de SOE-kookboeken (Studio Olafur Eliasson) promoot hij een gezonde levensstijl, gebaseerd op groenten – een levensstijl die dagelijks wordt gepraktiseerd in de enorme keuken van Eliassons studio waar alle medewerkers gezamenlijk aan lange tafels de lunch gebruiken en die uitgebreid in allerlei lifestylemagazines wordt uitgevent.

Lees ook een reportage over Elliasons studio in Berlijn: ‘Een droom is geen ontsnapping, maar een microscoop’

Toch zit er ook iets ongemakkelijks aan die combinatie. Eliasson is namelijk ook de ultieme vervulling van de wijze waarop artistieke criteria de laatste jaren steeds vaker terzijde worden geschoven voor maatschappelijke ambities en verworvenheden. Eliasson doet zoveel dingen die overduidelijk nuttig zijn voor de wereld, dat kritiek op zijn kunst in deze gepolariseerde samenleving de criticus al snel in de groep klimaatontkenners plaatst. Terwijl je studio Olafur Eliasson ook op een heel andere manier zou kunnen bekijken: als een middelgroot bedrijf (120 medewerkers) met twee ‘kerntaken’. Enerzijds is er de bewustwordingstak, die nadrukkelijk de problemen van onze tijd aan de orde stelt, anderzijds de amusumentstak, die installaties produceert, prachtige, betoverende installaties, die tot voornaamste doel lijken te hebben om de toeschouwer alles om zich heen te doen vergeten. Deze werken, variërend van Eliassons klassieker The Weather Project (in 2003, in Tate Modern) tot zijn mistkamers, waterval- en regenboogwerken, zijn verleidelijk, indrukwekkend en succesvol, zo verleidelijk zelfs dat mensen bereid zijn de halve wereld over reizen om ze te ervaren – met het vliegtuig, per auto en vele tienduizenden hotelovernachtingen tot gevolg, zoals ongetwijfeld zal gaan gebeuren rond de Tate-blockbuster die hij met zoveel trots heeft aangekondigd.

Dilemma

Het opvallende is echter dat Eliasson, ongetwijfeld een van de intelligentste kunstenaars van deze tijd, deze gespletenheid zelf nooit benoemt. Alsof die niet bestaat. Daarmee lijkt hij wel wat op topmannen en topvrouwen uit het bedrijfsleven als Neelie Kroes, Henk Breukink en Paul Polman die Bas Heijne beschreef in zijn essay van 23 december in deze krant: geëngageerde buitenkant, kapitalistische motor. Lees bijvoorbeeld hoe de Tate-expositie op website wordt aangekondigd: allereerst wordt er enthousiast gerept van Eliassons engagement, maar een alinea verder gaat het alweer over zijn „captivating immersive installations” – wat die twee met elkaar te maken hebben wordt in het midden gelaten.

Archieffoto: Olafur Eliasson in Berlijn, 2004. Foto Vincent Mentzel

Dat is het grote dilemma van Eliassons werk: hoe betrokken en geëngageerd hij ook is, hij biedt zijn toeschouwers steeds een makkelijke ontsnappingsroute.

Natuurlijk heeft Eliasson gelijk, denkt de toeschouwer die straks naar Londen vliegt, maar not me, ik wil deze expositie zien, ik wil deel uitmaken van deze prachtige wereld waarin je kunt genieten en tegelijk de wereld kunt verbeteren. Dat is toch goed? Dat doet Eliasson zelf toch ook?

En inderdaad: ongetwijfeld heeft Eliasson, gezien de impact van veel van zijn projecten, op het punt van engagement veel recht van spreken. Maar zijn geloofwaardigheid zou fors toenemen als hij liet zien dat hij zich bewust is van het geld en de vervuiling die hij als blockbuster-vervaardiger en ijsblok-verplaatser en lifestylemagazinevuller en toerisme-trekker in de economische motor pompt.

Welke jonge kunstenaars moeten we het komende jaar in de gaten houden? Kunstenaar Maurice van Es viel op in de lichting 2018 van de Amsterdamse Rijksakademie. Komend jaar exposeert hij in Stedelijk Museum Schiedam en in Duitsland.

Maar misschien is het juist die dubbelzinnige houding die Eliasson zo populair maakt. Hij laat zien dat je met engagement beroemd en geliefd kunt worden, sterker nog: een voorbeeld, en dat het dus uitbetaalt als je je goede daden benadrukt en je eigen vervuiling negeert. In die zin is hij het perfecte rolmodel voor deze wonderlijke, gespleten tijd: hij propageert de dubbelzinnigheid als bewonderenswaardige levenshouding. Misschien is het dat ook wel. Misschien ís er geen alternatief, in deze maatschappij, op dit moment, en is het Eliasson-model het maximaal haalbare. Maar zou hij ons met zijn werk daarover niet aan het denken moeten zetten?

Zo, en dan ga ik nu mijn vliegticket voor 11 juli boeken.

    • Hans den Hartog Jager